Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige - Derde graad - BSO

Studierichting "Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige"

In deze opleiding specialiseer jij je verder in het werken met gezinnen en bejaarden.
Later wil je immers in de thuiszorg, de ouderenzorg of de ziekenhuissector aan de slag.
Hetgeen je reeds geleerd hebt wordt verder uitgediept, toegespitst op een bepaalde doelgroep, op specifieke situaties en gericht op het zelfstandiger functioneren.
Je doet veel praktijkervaring op binnen en buiten de school.
Zo kan je stage lopen in de (semi-) residentiële volwassenenzorg, in de gezinszorg en bij een bijzondere doelgroep.
Naast praktijkervaring verwerf je de nodige vakkennis en spijker je je algemene kennis bij.
Je leert werken in verschillende complexere zorgsituaties; eerst onder begeleiding, later zelfstandig.
Je leert de behoeften en de noden van de doelgroep kennen.
Zo zijn de hygiënische zorgen bv. het typische kenmerk van de basiszorg binnen de thuis- en de ouderenzorg.
Je leert én methodisch én kwaliteitsvol én zorgzaam werken met en voor mensen.
Je leert functioneren als lid van een verpleegkundige equipe, werken binnen een zorgplan en omgaan met diversiteit.
Je leert observeren, rapporteren, een gepaste woon- en leefsituatie creëren en zorgen voor het welzijn van de bejaarde en/of het gezin.

Deze opleiding bestaat ook in het modulair bso. Meer info vind je hier.



Let op:
Voor de studierichtingen waarin je rechtstreeks in contact komt met voeding moet je bijkomend een medisch attest hebben waaruit blijkt dat je medisch geschikt bent om met voedingswaren te werken!
Je hoeft dit attest maar één keer aan te vragen tijdens je secundaire studies.
De geschiktheidsverklaring is immers geldig voor de rest van je (ononderbroken) secundaire studies waarin je werkt rond voeding.
Een arts,aangesteld door de school, dient dit attest uit te reiken vóór 1 oktober van het schooljaar.
Schrijf je je later in dan dient dit attest onmiddelijk uitgereikt te worden.

Meer info nodig? Contacteer je school of je CLB.

Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige - Derde graad - BSO

 
Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten
 

In deze opleiding specialiseer jij je verder in het werken met gezinnen en bejaarden.
Later wil je immers in de thuiszorg, de ouderenzorg of de ziekenhuissector aan de slag.
Hetgeen je reeds geleerd hebt wordt verder uitgediept, toegespitst op een bepaalde doelgroep, op specifieke situaties en gericht op het zelfstandiger functioneren.
Je doet veel praktijkervaring op binnen en buiten de school.
Zo kan je stage lopen in de (semi-) residentiële volwassenenzorg, in de gezinszorg en bij een bijzondere doelgroep.
Naast praktijkervaring verwerf je de nodige vakkennis en spijker je je algemene kennis bij.
Je leert werken in verschillende complexere zorgsituaties; eerst onder begeleiding, later zelfstandig.
Je leert de behoeften en de noden van de doelgroep kennen.
Zo zijn de hygiënische zorgen bv. het typische kenmerk van de basiszorg binnen de thuis- en de ouderenzorg.
Je leert én methodisch én kwaliteitsvol én zorgzaam werken met en voor mensen.
Je leert functioneren als lid van een verpleegkundige equipe, werken binnen een zorgplan en omgaan met diversiteit.
Je leert observeren, rapporteren, een gepaste woon- en leefsituatie creëren en zorgen voor het welzijn van de bejaarde en/of het gezin.

Deze opleiding bestaat ook in het modulair bso. Meer info vind je hier.



Let op:
Voor de studierichtingen waarin je rechtstreeks in contact komt met voeding moet je bijkomend een medisch attest hebben waaruit blijkt dat je medisch geschikt bent om met voedingswaren te werken!
Je hoeft dit attest maar één keer aan te vragen tijdens je secundaire studies.
De geschiktheidsverklaring is immers geldig voor de rest van je (ononderbroken) secundaire studies waarin je werkt rond voeding.
Een arts,aangesteld door de school, dient dit attest uit te reiken vóór 1 oktober van het schooljaar.
Schrijf je je later in dan dient dit attest onmiddelijk uitgereikt te worden.

Meer info nodig? Contacteer je school of je CLB.

 

Alternatieve benaming(en) voor deze richting

Verzorging

Welke lessen krijg ik in "Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige" ?

De lesinhouden (lessenroosters) verschillen van school tot school. Scholen hebben een grote vrijheid om het lessenpakket te organiseren. Daarom vermelden we geen lessenroosters meer.
Je kan ervan uitgaan dat de lessen bestaan uit:

  • basisvorming die hetzelfde is voor elke leerling in hetzelfde leerjaar in een studierichting met dezelfde finaliteit +
  • vorming die typisch is voor de studierichting +
  • enkele uurtjes die de school vrij mag invullen

Meer gedetailleerde informatie vind je op de websites van de scholen.

Waar kan ik "Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige" volgen ?

  Toon alle scholen

Verfijn je zoekopdracht door één of meerdere filter(s) te selecteren.


Filteren op provincie:
Filteren op arrondissement:
Filteren op gemeente:
Filteren op net:
   
Filteren op methodeschool:
Filteren op schooleigenschap:
 
   
Aantal instellingen gerangschikt per postcode:

Wie wordt toegelaten tot "Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige" ?

Je kunt starten in het 3de leerjaar van de 3de graad, ingericht als een 7e leerjaar bso gericht op de arbeidsmarkt als je ofwel:

  • een diploma secundair onderwijs hebt behaald in een studierichting van hetzelfde studiegebied.
    De toelatingsklassenraad kan een advies formuleren in verband met de haalbaarheid of de geschiktheid van je keuze. Dit advies is niet bindend.
  • een diploma secundair onderwijs hebt behaald in een studierichting van een ander studiegebied.
    In dit geval moet de toelatingsklassenraad akkoord gaan. Sommige overstappen worden ‘meestal aanvaard’, soms wegen elders verworven competenties in positieve zin door.
    Voor de studierichting thuis- en bejaardenzorg/zorgkundige geldt dit niet; hier is de toelating enkel mogelijk binnen hetzelfde studiegebied.
  • een studiegetuigschrift van het 2de leerjaar van de 3de graad van het S.O. hebt behaald in een studierichting van hetzelfde studiegebied.
    De toelatingsklassenraad kan een advies formuleren in verband met de haalbaarheid of de geschiktheid van je keuze. Dit advies is niet bindend.
  • een studiegetuigschrift van het 2de leerjaar van de 3de graad van het S.O. hebt behaald in een studierichting van een ander studiegebied.
    In dit geval moet de toelatingsklassenraad akkoord gaan.
    Sommige overstappen worden ‘meestal aanvaard’, soms wegen elders verworven competenties in positieve zin door.
    Voor de studierichting thuis- en bejaardenzorg/zorgkundige geldt dit niet; hier is de toelating enkel mogelijk binnen hetzelfde studiegebied.

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar.
Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

Regelmatige leerlingen uit het buitengewoon secundair onderwijs (Opleidingsvorm 1, 2, 3) worden toegelaten mits een gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad. In afwachting van deze beslissing wordt de leerling onder ontbindende voorwaarde ingeschreven. Zie ook SO/2012/01 10.1.5.4

 

Toelating voor cognitief sterk functionerende leerlingen (hoogbegaafd):

Als je verstandelijk vooruit bent op je leeftijdsgenoten (= cognitief sterk functionerend) kan je ook toegelaten worden tot dit leerjaar als je niet beschikt over een studiebewijs (A-, B- of C-attest) van het onderliggende leerjaar en  op voorwaarde dat de klassenraad jou toelaat. De klassenraad is ook bevoegd om te bepalen of een leerling cognitief sterk functionerend is.


Wat kan je behalen na "Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige" ?


Je behaalt ofwel:

  • het diploma van secundair onderwijs, als je al een getuigschrift van de 2de graad van het secundair onderwijs hebt én geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad + in het 2de leerjaar van de 3de graad BSO + in het 3de leerjaar van de 3de graad BSO, ingericht als het 7e leerjaar gericht op de arbeidsmarkt
  • een studiegetuigschrift van het 3e leerjaar van de 3e graad BSO, ingericht als het 7e leerjaar gericht op de arbeidsmarkt. Dit als je geslaagd bent maar niet in aanmerking komt voor het diploma van secundair onderwijs.
  • een C-attest als je NIET GESLAAGD bent maar het specialisatiejaar wel beëindigd heb ofwel het leerjaar, de onderwijsvorm en de studierichting slechts gedurende een gedeelte van het schooljaar in de betrokken school hebt gevolgd;
  • een getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer wanneer de delibererende klassenraad beslist dat je voldaan hebt voor het programma bedrijfsbeheer.
    Let wel: de mogelijkheid wordt voorzien om dit getuigschrift uit te reiken.
    Dit is geen verplichting!

Mag ik tijdens het schooljaar nog veranderen ?


Veranderen van school mag altijd.
Tot en met 30 september mag je binnen hetzelfde leerjaar veranderen van onderwijsvorm en/of studierichting.
Voor uitzonderlijke gevallen kan de toelatingsklassenraad afwijken van deze datum onder volgende voorwaarden:
a) na kennisname van advies van de begeleidende klassenraad van de studierichting die de leerling tot dan volgt
b) omwille van ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen.

Wat na "Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige" ?

Na deze richting kan je gaan werken.
Raadpleeg hieronder de rubriek 'mogelijke beroepen' om een beeld te krijgen van concrete mogelijkheden. 
Verder studeren kan eventueel ook.
Afhankelijk van je capaciteiten, interesse en inzet is verdere doorstroming mogelijk.
Hier per onderwijsniveau een oplijsting van een aantal inhoudelijk verwante vervolgopleidingen.
Let wel ‘inhoudelijk verwant’ wil zeker niet zeggen ‘vlot haalbaar’.

Je kan ook werken als verzorgende in een team onder begeleiding van een verpleegkundige of maatschappelijk werker.
Om in de thuiszorg aan de slag te kunnen moet je geregistreerd zijn door de Erkenningscommissie van de Nationale Raad voor Verpleegkunde.
Dit kan probleemloos als je slaagt in je 7de jaar Thuis- en bejaardenzorg.

Deze opleiding bestaat ook in het modulair bso. Meer info vind je hier.

7e jaren TSO/KSO

Met je diploma secundair onderwijs op zak kan je starten in alle 7e leerjaren tso of kso van hetzelfde studiegebied waarin je je diploma hebt behaald. Dit betekent echter niet dat in de praktijk alle overgangen vanzelfsprekend zijn. Informeer je goed bij de scholen!
Een 7e leerjaar tso of kso volgen uit een ander studiegebied kan enkel mits akkoord van de toelatingsklassenraad van de school.

Dit zijn de 7e jaren van dit studiegebied:


Internaatswerking (TSO - Se-n-Se)

Leefgroepenwerking (TSO - Se-n-Se)

Tandartsassistentie (TSO - Se-n-Se)

Graduaat

Graduaatsopleidingen maken deel uit van het hoger onderwijs en situeren zich qua niveau net onder de professionele bachelor (niveau 5 van de Vlaamse kwalificatiestructuur. )
De graduaatsopleidingen bereiden voor op het uitoefenen van een beroep. 
Let wel op: de toelatingsvoorwaarden zijn verschillend, maar met een diploma secundair onderwijs kan je altijd starten in elke graduaatsopleiding. 

Hier kan je meer lezen over de graduaatsopleidingen.

Professionele Bachelors

Met een diploma secundair mag je starten in een professionele bacheloropleiding.
Na het tso is de overstap naar een inhoudelijk verwante richting meestal haalbaar.
Houd bij je keuze zeker rekening met je vooropleiding.
Na het bso is dit veel minder vanzelfsprekend omwille van de zwakkere theoretische vooropleiding. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.
Bespreek je keuze grondig vooraleer te beslissen.

Dit zijn de inhoudelijk aansluitende opleidingen:




































Academische Bachelors

Met een diploma secundair mag je starten in de meeste academische bacheloropleidingen.
Voor enkele opleidingen gelden extra toelatingsvoorwaarden.
Let wel dat deze opleidingen sterk theoretisch zijn en dat een instap na tso, en vooral na bso, zeker niet vanzelfsprekend is.
Deze opleidingen worden meestal door een universiteit georganiseerd.  
Uitzonderingen hierop zijn de opleidingen 'Nautische wetenschappen', georganiseerd door de Hogere Zeevaartschool en de kunstrichtingen in de studiegebieden 'Muziek en Podiumkunsten' en 'Audiovisuele en Beeldende Kunst', die door een School of Arts worden georganiseerd.
De academische opleidingen zijn voor de theorie een pak moeilijker dan de professionele bachelors. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.
Je doet er goed aan je keuze en je kansen op studiesucces vooraf grondig te bespreken met je ouders, leerkrachten, het CLB,...

7e jaren gericht op HO

In het aso, kso en bso zijn er 7e leerjaren die voorbereiden op het hoger onderwijs.

  • In het aso gaat het om het 7e leerjaar Bijzonder wetenschappelijke vorming, dat tekorten in de vooropleiding wiskunde en wetenschappen wil bijwerken.
  • In het kso zijn het jaren die voorbereiden op de artistieke toelatingsproeven van het hoger kunstonderwijs.
  • Er is in het bso 1 7e leerjaar dat de leerlingen voorbereidt op het hoger onderwijs.
    Meer info vind je hier

 

Sommige voorbereidende jaren worden in geen enkele school ingericht. Dit kan jaarlijks wijzigen.

7e jaar BSO gericht op arbeidsmarkt

Je mag ook nog een ander 7e leerjaar bso gericht op de arbeidsmarkt volgen.
Wil je een richting uit een ander studiegebied, dan moet de toelatingsklassenraad dit toestaan. 

Dit zijn de mogelijkheden:

Begeleider in de kinderopvang (BSO - Modulair jaar)

Kinderbegeleider duaal (BSO - Derde leerjaar)

Kinderzorg (BSO - Derde leerjaar)

Organisatie-assistentie (BSO - Derde leerjaar)

Verzorgende/Zorgkundige duaal (BSO - Derde leerjaar)

 

Er zijn ook nog opleidingsmogelijkheden in het Volwassenenonderwijs, bij Syntra, de VDAB, bij Defensie, Politie,...

Mogelijke beroepen

Hier een overzicht van beroepen die mogelijk zijn na deze opleiding. Enkel beroepen uit de beroependatabase van Onderwijskiezer zijn vermeld. Er kunnen dus steeds nog andere mogelijkheden zijn. Klik op een beroep voor meer informatie.






Verzorgende ( knelpuntberoep)

Zorgkundige ( knelpuntberoep)

Studierendement

Studierendement is iets anders dan slaagpercentage.
Toelichting vind je onder de tabel. We raden je aan om de cijfers rond het studierendement met een (leerling)begeleider of een CLB-medewerker te bespreken.
Vanaf schooljaar 2025-2026 zullen omwille van de modernisering van het SO de cijfers tijdelijk niet beschikbaar zijn.
Vanaf 2027-2028 levert het departement onderwijs en vorming nieuwe cijfers aan.

Professionele bachelor Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
bedrijfsmanagement 37 0,43 % 26,5 % 10 4 4 1 2 16
ergotherapie 78 0,90 % 47,7 % 13 15 16 8 19 7
office management 43 0,50 % 28,2 % 9 15 2 9 1 7
onderwijs: kleuteronderwijs 72 0,83 % 43,1 % 21 14 4 7 18 8
onderwijs: lager onderwijs 41 0,47 % 35,7 % 10 10 4 7 3 7
onderwijs: secundair onderwijs 63 0,73 % 33,7 % 18 8 8 5 7 17
orthopedagogie 209 2,42 % 36,0 % 53 52 28 24 32 20
sociaal werk 193 2,23 % 26,9 % 85 32 17 21 18 20
toegepaste psychologie 34 0,39 % 26,6 % 11 8 4 3 2 6
verpleegkunde 708 8,19 % 43,9 % 192 105 90 119 138 64
vroedkunde 127 1,47 % 17,0 % 62 28 12 8 4 13


Graduaatsopleiding Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
maatschappelijk werk 141 1,63 % 54,6 % 37 10 17 24 45 8
orthopedagogie 285 3,30 % 65,5 % 58 20 20 54 117 16



Per bachelor- en graduaatsopleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs (SO). De resultaten geven weer voor welk % van de opleiding de studenten slaagden in hun 1e jaar hoger onderwijs.
Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het 1e jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het 1e jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een bepaalde studierichting SO. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.

De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een bepaalde studierichting SO, zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.
Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor of graduaatsopleiding,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een VLAAMSE universiteit of hogeschool.

  • Secundaire studierichting: de studierichting in het secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
  • Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele bachelor, academische bachelor of graduaatsopleiding waarin men zich voor het eerst inschrijft na het secundair onderwijs.
  • Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding of graduaatsopleiding van het hoger onderwijs.
  • Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een bepaalde secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een zelfde secundaire studierichting voor een bepaalde opleiding hoger onderwijs kiest, worden de cijfers weergegeven.

Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement


bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Wanneer bachelordiploma behaald?

Bachelordiploma behaald Geen bachelordiploma behaald Bachelordiploma behaald
Professionele bachelor Academische bachelor
binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer na vooropgestelde studieduur +2 en meer na max vooropgestelde studieduur +2
9,61 % 8,53 % 3,72 % 0,00 % 0,00 % 0,14 % 78,01 % 21,99 %

Aantal studenten 9249
Aantal studenten rechtstreeks naar HO 1478
Participatiegraad 16,0%

Hoe dit interpreteren?

1 voltijds studiejaar komt overeen met 60 studiepunten.
Een standaard bacheloropleiding heeft een studieomvang van 180 studiepunten en duurt dus meestal 3 academiejaren. Als de student voor het geheel van zo’n standaardopleiding in maximum 3 jaar slaagt, heeft hij het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur*.

Het gebeurt dat studenten er 1 à 2 jaar langer over doen alvorens ze het bachelordiploma behalen. Of zelfs meer. In dat geval is er sprake van ‘vooropgestelde studieduur + 1’ of ‘vooropgestelde studieduur + 2’. Het gebeurt ook dat studenten na minimum 5 jaar studie, het bachelordiploma (nog) niet behaald hebben.

De tabel toont het percentage van leerlingen uit deze studierichting (secundair onderwijs, 3e graad), die hun 1e bachelordiploma behalen na resp. de vooropgestelde studieduur, de vooropgestelde studieduur + 1 jaar en de vooropgestelde studieduur + 2 jaar en meer. Het behalen van een bachelordiploma betekent dat de student geslaagd verklaard is voor het geheel van de bacheloropleiding.

In de berekeningen worden enkel jongeren meegenomen die zich onmiddellijk na het secundair onderwijs, voor het eerst in een academische of professionele bachelor inschrijven met een diplomacontract, aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.
De cijfers hebben betrekking op de generatiestudenten periode van 2016-2017 tot en met 2022-2023.


Uitleg:

9,61 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting secundair onderwijs (SO) gestart zijn in een bacheloropleiding (professionele of academische bachelor), behaalt na de vooropgestelde studieduur een diploma van professionele bachelor.

(nog) Geen bachelordiploma behaald:

78,01 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting SO gestart zijn in hetzij een professionele hetzij een academische bachelor, behaalde (nog) geen diploma binnen de vooropgestelde studieduur+ 2 jaar.

Opgelet:

  • Enkel het eerst behaalde bachelordiploma wordt meegeteld. Enkel als een student in hetzelfde academiejaar een eerste academische bachelor én een eerste professionele bachelor behaalt, worden beide diploma’s meegeteld.
  • Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (minimum 30) uit deze studierichting SO onmiddellijk overstapt naar een bachelor, worden de cijfers weergegeven. Bij minder studenten zijn de cijfers weinig betekenisvol.
  • Deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het behalen van een bachelordiploma.

* Vooropgestelde studieduur: wordt bepaald op het moment van afstuderen op basis van de studieomvang van de opleiding.
De vooropgestelde studieduur kan verschillen van opleiding tot opleiding.

  • Vb. Voor een opleiding van 180 studiepunten betekent ‘binnen de vooropgestelde studieduur’ dat de student er maximum 3 jaar over doet om af te studeren. De ‘vooropgestelde studieduur +1’ komt overeen met 4 jaar; de ‘vooropgestelde studieduur + 2 en meer’ komt overeen met 5 jaar en meer.”
  • Vb. De professionele bachelor Verpleegkunde heeft een studieomvang van 240 studiepunten en duurt bijgevolg 4 jaar. Als de student er in deze opleiding verpleegkunde slaagt binnen maximum 4 jaar, heeft hij ook het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur.

bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Wanneer graduaatsdiploma behaald?

Graduaatsdiploma behaald?
binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1j vooropgestelde studieduur +2j en meer diploma (nog) niet behaald (nog) geen diploma vooropgestelde studieduur +1 diploma behaald na max vooropgestelde duur +1j
22,13 % 17,62 % 3,28 % 56,97 % 60,25 % 39,75 %

Aantal studenten 1265
Aantal studenten rechtstreeks naar HO 244
Participatiegraad 19,29%

Hoe dit interpreteren?

Eén voltijds studiejaar komt overeen met 60 studiepunten.
Een standaard graduaatsopleiding heeft een studieomvang van 120 studiepunten en duurt dus meestal 2 academiejaren.
Als de student voor het geheel van zo’n standaardopleiding in maximum 2 jaar slaagt, heeft hij het graduaatsdiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur.
Het gebeurt dat studenten er 1 à 2 jaar langer over doen alvorens ze het graduaatsdiploma behalen. Of zelfs meer. In dat geval is er sprake van ‘vooropgestelde studieduur + 1’ of ‘vooropgestelde studieduur + 2’. Het gebeurt ook dat studenten na minimum 4 jaar studie, het graduaatsdiploma (nog) niet behaald hebben.

De tabel toont het percentage van leerlingen uit deze studierichting (secundair onderwijs, 3e graad), die hun 1e graduaatsdiploma behalen na resp. de vooropgestelde studieduur, de vooropgestelde studieduur + 1 jaar en de vooropgestelde studieduur + 2 jaar.

In de berekeningen worden enkel jongeren meegenomen die zich onmiddellijk na het secundair onderwijs, voor het eerst in graduaatsopleiding inschrijven aan hogeschool.

De cijfers hebben betrekking op de generatiestudenten periode van 2019-2020 tot en met 2021-2022.


Uitleg:

22,13 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting secundair onderwijs (SO) gestart zijn in een graduaatsopleiding, behaalt na de vooropgestelde studieduur een diploma van professionele bachelor.

(Nog) Geen graduaatsdiploma behaald:

60,25 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting SO gestart zijn in een graduaatsopleiding behaalde (nog) geen diploma binnen de vooropgestelde studieduur+ 1 jaar.

Opgelet:

  • Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (minimum 30) uit deze studierichting SO onmiddellijk overstapt naar een graduaatsopleiding, worden de cijfers weergegeven. Bij minder studenten zijn de cijfers weinig betekenisvol.
  • Deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het behalen van een graduaatsdiploma.

bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming