Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie - Academische bachelor

 

Algemene info


Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie reikt basiskennis en -competenties aan om letsels en afwijkingen van diverse lichaamsfuncties te verminderen of te laten verdwijnen door aangepaste lichaamsoefeningen, al dan niet met behulp van mechanische toestellen en instrumenten.
De opleiding biedt een integratie van vakken uit diverse domeinen van de wetenschap.
Je krijgt in de bachelorjaren een stevig basispakket wetenschappelijke vakken (natuurkunde, scheikunde, anatomie, biomechanica, biologie) naast revalidatiewetenschappen (ziekteleer en motorische revalidatie bij diverse soorten ledematen, ademhalingskinesitherapie, gezondheidsleer, bewegingsvorming, …), bewegingswetenschappen (biomechanica, inspanningsfysiologie, …) en methodologie.
Practica worden via demonstraties en vaardigheidstraining zeer nauw geïntegreerd in de opleiding.
Ook de talrijke stages vormen een zeer belangrijk onderdeel van de beroepstechnische vorming.
De bacheloropleiding is gemeenschappelijk.
In de masterfase (120 stp.) zijn er verschillende specialisaties mogelijk, al naargelang de onderwijsinstelling. 


Voor wie?
Een goede beheersing van chemie, fysica en wiskunde zijn belangrijk.
Een studierichting met een groot pakket wetenschappelijke vakken en wiskunde is daarom de beste vooropleiding. 
Van de student wordt verondersteld dat hij over voldoende fysieke mogelijkheden beschikt tot uitoefening van het beroep. 


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

De bachelor bestaat uit 177 studiepunten verplichte opleidingsonderdelen en 3 studiepunten keuze.
In het eerste jaar vormen de biomedische basiswetenschappen een groot deel van je studie: chemie, anatomie, inleiding tot de biomechanica van het menselijk bewegen, algemene biologie en weefselleer en een inleiding tot de fysiologie. Daarnaast maak je kennis met de beginselen van de kinesitherapie, onderzoek en behandeling.
In het tweede jaar zal je de opgedane kennis verder toepassen met vakken als dissectie, biochemie van de inspanning en verschillende fysiologische opleidingsonderdelen.
De bewegingspromotie blijft behouden (zij het heel wat minder intensief) en wordt daarnaast aangevuld met didactiek. Je leert meer over de verschillende onderzoeksmethodes, zoals Biometrie en statistiek. Je gaat ook dieper in op de kinesitherapie en het revalideren en krijgt vakken als neurologische revalidatie, en functionele trainingstherapie. Ook de eerste (observatie)stages staan geprogrammeerd.
In het derde jaar wordt er naast een aantal globale kinesitherapie- en revalidatiewetenschappelijke studiedelen meer en meer in modules gewerkt. Je start met het eerste deel van de klinische stages en gaat zelf aan de slag gedurende het volledige tweede semester.

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

In het eerste bachelorjaar krijg je basiswetenschappelijke opleidingsonderdelen. Je combineert inzichten uit geneeskundige disciplines zoals anatomie en fysiologie met kennis van onder andere chemie, biomechanica en fysica. Zo leer je hoe een gezonde mens functioneert.
Vanaf het tweede bachelorjaar staan er meer specifiek kinesitherapeutische opleidingsonderdelen op het programma.

  • Je leert over houdings- en bewegingsklachten en de oorzaken en gevolgen ervan.
  • Je oefent technieken om klachten te behandelen, maar ook om (ergere) klachten te voorkomen. 

In het eerste jaar doe je een snuffelstage, in het tweede jaar een observatiestage en in het derde jaar ook al een echte praktijkstage.

KU Leuven

De opleiding is opgebouwd rond 4 leerlijnen:

  • Natuurwetenschappen en biomedische wetenschappen als basis voor de klinische leerlijnen. Opleidingsonderdelen zoals natuurkunde en biomechanica, chemie, celbiologie, functionele anatomie bieden een brede wetenschappelijke vorming in functie van de klinische leerlijnen.
  • Klinische leerlijnen vormen de noodzakelijke bouwstenen om de klinische stages in de eerste masterfase aan te vatten. De student verwerft inzichten en praktische vaardigheden binnen de domeinen van musculoskeletale, neurologische, pediatrische en inwendige aandoeningen en binnen de geestelijke gezondheidszorg.
  • Onderzoeksmethodologie vormt de basis om de rol van wetenschappelijk vorser op te kunnen nemen. De opleidingsonderdelen binnen deze leerlijn bereiden de student voor op het aanvangen van de masterproef in de eerste masterfase.
  • De student/toekomstig therapeut en de patiënt als mens binnen de samenleving verwijst naar de persoonsvorming. Door middel van opleidingsonderdelen zoals psychologie, wijsbegeerte, recht, religie en levensbeschouwing ontwikkelt de student een open blik op de samenleving. Daarnaast wordt het toekomstbeeld geconcretiseerd in de stages.

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

In het eerste jaar bestudeer je het gezonde functioneren van de mens. In het tweede bachelorjaar verdiep je je in de pathologie van tal van belangrijke aandoeningen zoals hernia, spina bifida en depressie. Ten slotte verschuift je focus naar de revalidatie van deze aandoeningen. Al in de bacheloropleiding maak je kennis met het werkveld door diverse kijkstages.Het academiejaar is onderverdeeld in drie trimesters; elk trimester omvat na 5 lesweken, een evaluatieweek.

KU Leuven - Campus Brugge

Enkel 1e en 2de bachelor.
De opleiding is opgebouwd rond 4 leerlijnen:

  • Natuurwetenschappen en biomedische wetenschappen als basis voor de klinische leerlijnen. Opleidingsonderdelen zoals natuurkunde en biomechanica, chemie, celbiologie, functionele anatomie bieden een brede wetenschappelijke vorming in functie van de klinische leerlijnen.
  • Klinische leerlijnen vormen de noodzakelijke bouwstenen om de klinische stages in de eerste masterfase aan te vatten. De student verwerft inzichten en praktische vaardigheden binnen de domeinen van musculoskeletale, neurologische, pediatrische en inwendige aandoeningen en binnen de geestelijke gezondheidszorg.
  • Onderzoeksmethodologie vormt de basis om de rol van wetenschappelijk vorser op te kunnen nemen. De opleidingsonderdelen binnen deze leerlijn bereiden de student voor op het aanvangen van de masterproef in de eerste masterfase.
  • De student/toekomstig therapeut en de patiënt als mens binnen de samenleving verwijst naar de persoonsvorming. Door middel van opleidingsonderdelen zoals psychologie, wijsbegeerte, recht, religie en levensbeschouwing ontwikkelt de student een open blik op de samenleving. Daarnaast wordt het toekomstbeeld geconcretiseerd in de stages.

Universiteit Gent - Campus Gent

In het eerste bachelorjaar krijg je basiswetenschappelijke vorming. Je leert van bij de aanvang praktische basistechnische vaardigheden in de kinesitherapie.
In het tweede jaar worden de reeds opgedane kennis, vaardigheden en wetenschappelijke inzichten verder uitgediept en geïntegreerd in een volgende reeks van opleidingsonderdelen. In het derde jaar zet je de stap naar het beroepsspecifiek handelen. 


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

 

Algemene info


Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie reikt basiskennis en -competenties aan om letsels en afwijkingen van diverse lichaamsfuncties te verminderen of te laten verdwijnen door aangepaste lichaamsoefeningen, al dan niet met behulp van mechanische toestellen en instrumenten.
De opleiding biedt een integratie van vakken uit diverse domeinen van de wetenschap.
Je krijgt in de bachelorjaren een stevig basispakket wetenschappelijke vakken (natuurkunde, scheikunde, anatomie, biomechanica, biologie) naast revalidatiewetenschappen (ziekteleer en motorische revalidatie bij diverse soorten ledematen, ademhalingskinesitherapie, gezondheidsleer, bewegingsvorming, …), bewegingswetenschappen (biomechanica, inspanningsfysiologie, …) en methodologie.
Practica worden via demonstraties en vaardigheidstraining zeer nauw geïntegreerd in de opleiding.
Ook de talrijke stages vormen een zeer belangrijk onderdeel van de beroepstechnische vorming.
De bacheloropleiding is gemeenschappelijk.
In de masterfase (120 stp.) zijn er verschillende specialisaties mogelijk, al naargelang de onderwijsinstelling. 


Voor wie?
Een goede beheersing van chemie, fysica en wiskunde zijn belangrijk.
Een studierichting met een groot pakket wetenschappelijke vakken en wiskunde is daarom de beste vooropleiding. 
Van de student wordt verondersteld dat hij over voldoende fysieke mogelijkheden beschikt tot uitoefening van het beroep. 


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

De bachelor bestaat uit 177 studiepunten verplichte opleidingsonderdelen en 3 studiepunten keuze.
In het eerste jaar vormen de biomedische basiswetenschappen een groot deel van je studie: chemie, anatomie, inleiding tot de biomechanica van het menselijk bewegen, algemene biologie en weefselleer en een inleiding tot de fysiologie. Daarnaast maak je kennis met de beginselen van de kinesitherapie, onderzoek en behandeling.
In het tweede jaar zal je de opgedane kennis verder toepassen met vakken als dissectie, biochemie van de inspanning en verschillende fysiologische opleidingsonderdelen.
De bewegingspromotie blijft behouden (zij het heel wat minder intensief) en wordt daarnaast aangevuld met didactiek. Je leert meer over de verschillende onderzoeksmethodes, zoals Biometrie en statistiek. Je gaat ook dieper in op de kinesitherapie en het revalideren en krijgt vakken als neurologische revalidatie, en functionele trainingstherapie. Ook de eerste (observatie)stages staan geprogrammeerd.
In het derde jaar wordt er naast een aantal globale kinesitherapie- en revalidatiewetenschappelijke studiedelen meer en meer in modules gewerkt. Je start met het eerste deel van de klinische stages en gaat zelf aan de slag gedurende het volledige tweede semester.

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

In het eerste bachelorjaar krijg je basiswetenschappelijke opleidingsonderdelen. Je combineert inzichten uit geneeskundige disciplines zoals anatomie en fysiologie met kennis van onder andere chemie, biomechanica en fysica. Zo leer je hoe een gezonde mens functioneert.
Vanaf het tweede bachelorjaar staan er meer specifiek kinesitherapeutische opleidingsonderdelen op het programma.

  • Je leert over houdings- en bewegingsklachten en de oorzaken en gevolgen ervan.
  • Je oefent technieken om klachten te behandelen, maar ook om (ergere) klachten te voorkomen. 

In het eerste jaar doe je een snuffelstage, in het tweede jaar een observatiestage en in het derde jaar ook al een echte praktijkstage.

KU Leuven

De opleiding is opgebouwd rond 4 leerlijnen:

  • Natuurwetenschappen en biomedische wetenschappen als basis voor de klinische leerlijnen. Opleidingsonderdelen zoals natuurkunde en biomechanica, chemie, celbiologie, functionele anatomie bieden een brede wetenschappelijke vorming in functie van de klinische leerlijnen.
  • Klinische leerlijnen vormen de noodzakelijke bouwstenen om de klinische stages in de eerste masterfase aan te vatten. De student verwerft inzichten en praktische vaardigheden binnen de domeinen van musculoskeletale, neurologische, pediatrische en inwendige aandoeningen en binnen de geestelijke gezondheidszorg.
  • Onderzoeksmethodologie vormt de basis om de rol van wetenschappelijk vorser op te kunnen nemen. De opleidingsonderdelen binnen deze leerlijn bereiden de student voor op het aanvangen van de masterproef in de eerste masterfase.
  • De student/toekomstig therapeut en de patiënt als mens binnen de samenleving verwijst naar de persoonsvorming. Door middel van opleidingsonderdelen zoals psychologie, wijsbegeerte, recht, religie en levensbeschouwing ontwikkelt de student een open blik op de samenleving. Daarnaast wordt het toekomstbeeld geconcretiseerd in de stages.

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

In het eerste jaar bestudeer je het gezonde functioneren van de mens. In het tweede bachelorjaar verdiep je je in de pathologie van tal van belangrijke aandoeningen zoals hernia, spina bifida en depressie. Ten slotte verschuift je focus naar de revalidatie van deze aandoeningen. Al in de bacheloropleiding maak je kennis met het werkveld door diverse kijkstages.Het academiejaar is onderverdeeld in drie trimesters; elk trimester omvat na 5 lesweken, een evaluatieweek.

KU Leuven - Campus Brugge

Enkel 1e en 2de bachelor.
De opleiding is opgebouwd rond 4 leerlijnen:

  • Natuurwetenschappen en biomedische wetenschappen als basis voor de klinische leerlijnen. Opleidingsonderdelen zoals natuurkunde en biomechanica, chemie, celbiologie, functionele anatomie bieden een brede wetenschappelijke vorming in functie van de klinische leerlijnen.
  • Klinische leerlijnen vormen de noodzakelijke bouwstenen om de klinische stages in de eerste masterfase aan te vatten. De student verwerft inzichten en praktische vaardigheden binnen de domeinen van musculoskeletale, neurologische, pediatrische en inwendige aandoeningen en binnen de geestelijke gezondheidszorg.
  • Onderzoeksmethodologie vormt de basis om de rol van wetenschappelijk vorser op te kunnen nemen. De opleidingsonderdelen binnen deze leerlijn bereiden de student voor op het aanvangen van de masterproef in de eerste masterfase.
  • De student/toekomstig therapeut en de patiënt als mens binnen de samenleving verwijst naar de persoonsvorming. Door middel van opleidingsonderdelen zoals psychologie, wijsbegeerte, recht, religie en levensbeschouwing ontwikkelt de student een open blik op de samenleving. Daarnaast wordt het toekomstbeeld geconcretiseerd in de stages.

Universiteit Gent - Campus Gent

In het eerste bachelorjaar krijg je basiswetenschappelijke vorming. Je leert van bij de aanvang praktische basistechnische vaardigheden in de kinesitherapie.
In het tweede jaar worden de reeds opgedane kennis, vaardigheden en wetenschappelijke inzichten verder uitgediept en geïntegreerd in een volgende reeks van opleidingsonderdelen. In het derde jaar zet je de stap naar het beroepsspecifiek handelen. 


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten';

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De universiteiten hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor studenten met een buitenlands diploma.

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info bij de organiserende onderwijsinstellingen en op deze pagina's: 
Language admission requirements
Dutch languages levels

Situering

Opleiding: Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Bewegings- en Revalidatiewetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten, Sociaal dienstbetoon, Sport,

Schoolvakken SO: Lichamelijke opvoeding, Sport, Wetenschappen,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied




















een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Volgende Ba-na-Ba's sluiten aan op Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie





Eventueel zijn er nog andere mogelijkheden op basis van uw gevolgd studietraject. Raadpleeg de hogeschool voor meer informatie.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Agoralaan  3590 Diepenbeek
011 26 81 11    


Spoorwegstraat  8200 Sint-Andries
050 66 48 00    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

Rekening houdend met het feit dat kinesitherapie binnen de gezondheidszorg een gereglementeerd beroep is, is het volgens de betreffende wetgeving zo dat de bacheloropleiding geen toegang kan verlenen tot beroepsuitoefening als kinesitherapeut.
De bachelor moet dus voornamelijk als een ‘doorstroombachelor' bekeken worden, die de basis legt voor de masteropleiding waarmee men wel de gereglementeerde beroepstitel kan krijgen.
De kinesitherapeut neemt een belangrijke plaats in bij het behandelen van mensen met motorische problemen. De centrale taak van de kinesitherapeut bestaat erin mensen te begeleiden om (vooral) motorische problemen te voorkomen (preventie) of op te lossen (behandeling).
Hij maakt gebruik van allerhande fysische en technische middelen (warmte, koude, elektrische stromen, ...), technieken  (massagetechnieken, relaxatie, bindweefseltechnieken, manuele technieken, ...) en bewegingsoefeningen die al dan niet manueel begeleid worden.
De kinesitherapeut werkt op verwijzing van de huisarts of geneesheer-specialist, maar mag zelf een diagnostiek opstellen.
Vanuit zijn eigen professionele kennis voert hij een kinesitherapeutisch onderzoek uit en stelt hij een bewegingsbilan op.
Kinesitherpeuten kunnen zich vestigen als zelfstandig kinesitherapeut of gaan werken in dienstverband, bv. in ziekenhuizen, revalidatiecentra, verzorgingstehuizen, poliklinieken, voorzieningen voor (motorisch) gehandicapten, professionele sportclubs. Sommigen gaan werken in de farmaceutische industrie of in andere commerciële bedrijven die zich richten op de medische en paramedische wereld.
Andere mogelijkheden zijn onderwijs (mits een lerarenopleiding), wetenschappelijk onderzoek, sportkinesitherapie bij een sportclub, in fitnesscentra, …

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. 
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Kinesitherapeut ( knelpuntberoep)
Psychomotorisch therapeut

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de revalidatiewetenschappen en de kinesitherapie

VDAB - Studie schoolverlaters: ABA_bewegings- en revalidatiewetenschappen.pdf

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Economie-moderne talen (ASO) 388 1,34% 49,64% 55 74 59 88 79 33
Economie-wetenschappen (ASO) 66 4,68% 58,63% 8 7 7 24 18 2
Economie-wiskunde (ASO) 129 1,72% 69,42% 7 10 19 32 59 2
Gezondheids- en welzijnswetenschappen (TSO) 81 1,28% 35,06% 21 24 9 7 12 8
Grieks-Latijn (ASO) 33 1,66% 70,26% 2 1 7 6 17
Handel (TSO) 44 0,31% 20,25% 14 18 7 2 2 1
Humane wetenschappen (ASO) 414 1,55% 46,28% 74 73 73 76 79 39
Latijn-moderne talen (ASO) 190 1,83% 55,09% 13 35 35 47 45 15
Latijn-wetenschappen (ASO) 606 8,40% 74,25% 21 45 59 146 319 16
Latijn-wiskunde (ASO) 517 4,17% 82,34% 9 22 37 107 320 22
Lichamelijke opvoeding en sport (TSO) 666 10,28% 32,59% 197 156 66 130 56 61
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 818 7,48% 63,05% 56 89 131 224 291 27
Moderne talen-wiskunde (ASO) 80 4,38% 74,79% 2 7 6 20 37 8
Schoonheidsverzorging (TSO) 58 1,53% 25,16% 17 14 3 5 4 15
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 201 0,89% 33,85% 61 39 21 31 20 29
Sportwetenschappen (ASO) 566 19,62% 57,05% 71 80 84 138 170 23
Techniek-wetenschappen (TSO) 128 3,02% 52,45% 16 27 20 17 39 9
Wetenschappen-topsport (ASO) 35 16,13% 52,85% 5 8 5 7 8 2
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 1913 5,59% 73,92% 72 149 206 443 984 59

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 03-02-2017

Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

 

Algemene info


Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie reikt basiskennis en -competenties aan om letsels en afwijkingen van diverse lichaamsfuncties te verminderen of te laten verdwijnen door aangepaste lichaamsoefeningen, al dan niet met behulp van mechanische toestellen en instrumenten.
De opleiding biedt een integratie van vakken uit diverse domeinen van de wetenschap.
Je krijgt in de bachelorjaren een stevig basispakket wetenschappelijke vakken (natuurkunde, scheikunde, anatomie, biomechanica, biologie) naast revalidatiewetenschappen (ziekteleer en motorische revalidatie bij diverse soorten ledematen, ademhalingskinesitherapie, gezondheidsleer, bewegingsvorming, …), bewegingswetenschappen (biomechanica, inspanningsfysiologie, …) en methodologie.
Practica worden via demonstraties en vaardigheidstraining zeer nauw geïntegreerd in de opleiding.
Ook de talrijke stages vormen een zeer belangrijk onderdeel van de beroepstechnische vorming.
De bacheloropleiding is gemeenschappelijk.
In de masterfase (120 stp.) zijn er verschillende specialisaties mogelijk, al naargelang de onderwijsinstelling. 


Voor wie?
Een goede beheersing van chemie, fysica en wiskunde zijn belangrijk.
Een studierichting met een groot pakket wetenschappelijke vakken en wiskunde is daarom de beste vooropleiding. 
Van de student wordt verondersteld dat hij over voldoende fysieke mogelijkheden beschikt tot uitoefening van het beroep. 


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

De bachelor bestaat uit 177 studiepunten verplichte opleidingsonderdelen en 3 studiepunten keuze.
In het eerste jaar vormen de biomedische basiswetenschappen een groot deel van je studie: chemie, anatomie, inleiding tot de biomechanica van het menselijk bewegen, algemene biologie en weefselleer en een inleiding tot de fysiologie. Daarnaast maak je kennis met de beginselen van de kinesitherapie, onderzoek en behandeling.
In het tweede jaar zal je de opgedane kennis verder toepassen met vakken als dissectie, biochemie van de inspanning en verschillende fysiologische opleidingsonderdelen.
De bewegingspromotie blijft behouden (zij het heel wat minder intensief) en wordt daarnaast aangevuld met didactiek. Je leert meer over de verschillende onderzoeksmethodes, zoals Biometrie en statistiek. Je gaat ook dieper in op de kinesitherapie en het revalideren en krijgt vakken als neurologische revalidatie, en functionele trainingstherapie. Ook de eerste (observatie)stages staan geprogrammeerd.
In het derde jaar wordt er naast een aantal globale kinesitherapie- en revalidatiewetenschappelijke studiedelen meer en meer in modules gewerkt. Je start met het eerste deel van de klinische stages en gaat zelf aan de slag gedurende het volledige tweede semester.

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

In het eerste bachelorjaar krijg je basiswetenschappelijke opleidingsonderdelen. Je combineert inzichten uit geneeskundige disciplines zoals anatomie en fysiologie met kennis van onder andere chemie, biomechanica en fysica. Zo leer je hoe een gezonde mens functioneert.
Vanaf het tweede bachelorjaar staan er meer specifiek kinesitherapeutische opleidingsonderdelen op het programma.

  • Je leert over houdings- en bewegingsklachten en de oorzaken en gevolgen ervan.
  • Je oefent technieken om klachten te behandelen, maar ook om (ergere) klachten te voorkomen. 

In het eerste jaar doe je een snuffelstage, in het tweede jaar een observatiestage en in het derde jaar ook al een echte praktijkstage.

KU Leuven

De opleiding is opgebouwd rond 4 leerlijnen:

  • Natuurwetenschappen en biomedische wetenschappen als basis voor de klinische leerlijnen. Opleidingsonderdelen zoals natuurkunde en biomechanica, chemie, celbiologie, functionele anatomie bieden een brede wetenschappelijke vorming in functie van de klinische leerlijnen.
  • Klinische leerlijnen vormen de noodzakelijke bouwstenen om de klinische stages in de eerste masterfase aan te vatten. De student verwerft inzichten en praktische vaardigheden binnen de domeinen van musculoskeletale, neurologische, pediatrische en inwendige aandoeningen en binnen de geestelijke gezondheidszorg.
  • Onderzoeksmethodologie vormt de basis om de rol van wetenschappelijk vorser op te kunnen nemen. De opleidingsonderdelen binnen deze leerlijn bereiden de student voor op het aanvangen van de masterproef in de eerste masterfase.
  • De student/toekomstig therapeut en de patiënt als mens binnen de samenleving verwijst naar de persoonsvorming. Door middel van opleidingsonderdelen zoals psychologie, wijsbegeerte, recht, religie en levensbeschouwing ontwikkelt de student een open blik op de samenleving. Daarnaast wordt het toekomstbeeld geconcretiseerd in de stages.

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

In het eerste jaar bestudeer je het gezonde functioneren van de mens. In het tweede bachelorjaar verdiep je je in de pathologie van tal van belangrijke aandoeningen zoals hernia, spina bifida en depressie. Ten slotte verschuift je focus naar de revalidatie van deze aandoeningen. Al in de bacheloropleiding maak je kennis met het werkveld door diverse kijkstages.Het academiejaar is onderverdeeld in drie trimesters; elk trimester omvat na 5 lesweken, een evaluatieweek.

KU Leuven - Campus Brugge

Enkel 1e en 2de bachelor.
De opleiding is opgebouwd rond 4 leerlijnen:

  • Natuurwetenschappen en biomedische wetenschappen als basis voor de klinische leerlijnen. Opleidingsonderdelen zoals natuurkunde en biomechanica, chemie, celbiologie, functionele anatomie bieden een brede wetenschappelijke vorming in functie van de klinische leerlijnen.
  • Klinische leerlijnen vormen de noodzakelijke bouwstenen om de klinische stages in de eerste masterfase aan te vatten. De student verwerft inzichten en praktische vaardigheden binnen de domeinen van musculoskeletale, neurologische, pediatrische en inwendige aandoeningen en binnen de geestelijke gezondheidszorg.
  • Onderzoeksmethodologie vormt de basis om de rol van wetenschappelijk vorser op te kunnen nemen. De opleidingsonderdelen binnen deze leerlijn bereiden de student voor op het aanvangen van de masterproef in de eerste masterfase.
  • De student/toekomstig therapeut en de patiënt als mens binnen de samenleving verwijst naar de persoonsvorming. Door middel van opleidingsonderdelen zoals psychologie, wijsbegeerte, recht, religie en levensbeschouwing ontwikkelt de student een open blik op de samenleving. Daarnaast wordt het toekomstbeeld geconcretiseerd in de stages.

Universiteit Gent - Campus Gent

In het eerste bachelorjaar krijg je basiswetenschappelijke vorming. Je leert van bij de aanvang praktische basistechnische vaardigheden in de kinesitherapie.
In het tweede jaar worden de reeds opgedane kennis, vaardigheden en wetenschappelijke inzichten verder uitgediept en geïntegreerd in een volgende reeks van opleidingsonderdelen. In het derde jaar zet je de stap naar het beroepsspecifiek handelen. 


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten';

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De universiteiten hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor studenten met een buitenlands diploma.

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info bij de organiserende onderwijsinstellingen en op deze pagina's: 
Language admission requirements
Dutch languages levels

Situering

Opleiding: Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Bewegings- en Revalidatiewetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten, Sociaal dienstbetoon, Sport,

Schoolvakken SO: Lichamelijke opvoeding, Sport, Wetenschappen,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied




















een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Volgende Ba-na-Ba's sluiten aan op Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie





Eventueel zijn er nog andere mogelijkheden op basis van uw gevolgd studietraject. Raadpleeg de hogeschool voor meer informatie.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Agoralaan  3590 Diepenbeek
011 26 81 11    


Spoorwegstraat  8200 Sint-Andries
050 66 48 00    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

Rekening houdend met het feit dat kinesitherapie binnen de gezondheidszorg een gereglementeerd beroep is, is het volgens de betreffende wetgeving zo dat de bacheloropleiding geen toegang kan verlenen tot beroepsuitoefening als kinesitherapeut.
De bachelor moet dus voornamelijk als een ‘doorstroombachelor' bekeken worden, die de basis legt voor de masteropleiding waarmee men wel de gereglementeerde beroepstitel kan krijgen.
De kinesitherapeut neemt een belangrijke plaats in bij het behandelen van mensen met motorische problemen. De centrale taak van de kinesitherapeut bestaat erin mensen te begeleiden om (vooral) motorische problemen te voorkomen (preventie) of op te lossen (behandeling).
Hij maakt gebruik van allerhande fysische en technische middelen (warmte, koude, elektrische stromen, ...), technieken  (massagetechnieken, relaxatie, bindweefseltechnieken, manuele technieken, ...) en bewegingsoefeningen die al dan niet manueel begeleid worden.
De kinesitherapeut werkt op verwijzing van de huisarts of geneesheer-specialist, maar mag zelf een diagnostiek opstellen.
Vanuit zijn eigen professionele kennis voert hij een kinesitherapeutisch onderzoek uit en stelt hij een bewegingsbilan op.
Kinesitherpeuten kunnen zich vestigen als zelfstandig kinesitherapeut of gaan werken in dienstverband, bv. in ziekenhuizen, revalidatiecentra, verzorgingstehuizen, poliklinieken, voorzieningen voor (motorisch) gehandicapten, professionele sportclubs. Sommigen gaan werken in de farmaceutische industrie of in andere commerciële bedrijven die zich richten op de medische en paramedische wereld.
Andere mogelijkheden zijn onderwijs (mits een lerarenopleiding), wetenschappelijk onderzoek, sportkinesitherapie bij een sportclub, in fitnesscentra, …

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. 
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Kinesitherapeut ( knelpuntberoep)
Psychomotorisch therapeut

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de revalidatiewetenschappen en de kinesitherapie

VDAB - Studie schoolverlaters: ABA_bewegings- en revalidatiewetenschappen.pdf

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Economie-moderne talen (ASO) 388 1,34% 49,64% 55 74 59 88 79 33
Economie-wetenschappen (ASO) 66 4,68% 58,63% 8 7 7 24 18 2
Economie-wiskunde (ASO) 129 1,72% 69,42% 7 10 19 32 59 2
Gezondheids- en welzijnswetenschappen (TSO) 81 1,28% 35,06% 21 24 9 7 12 8
Grieks-Latijn (ASO) 33 1,66% 70,26% 2 1 7 6 17
Handel (TSO) 44 0,31% 20,25% 14 18 7 2 2 1
Humane wetenschappen (ASO) 414 1,55% 46,28% 74 73 73 76 79 39
Latijn-moderne talen (ASO) 190 1,83% 55,09% 13 35 35 47 45 15
Latijn-wetenschappen (ASO) 606 8,40% 74,25% 21 45 59 146 319 16
Latijn-wiskunde (ASO) 517 4,17% 82,34% 9 22 37 107 320 22
Lichamelijke opvoeding en sport (TSO) 666 10,28% 32,59% 197 156 66 130 56 61
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 818 7,48% 63,05% 56 89 131 224 291 27
Moderne talen-wiskunde (ASO) 80 4,38% 74,79% 2 7 6 20 37 8
Schoonheidsverzorging (TSO) 58 1,53% 25,16% 17 14 3 5 4 15
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 201 0,89% 33,85% 61 39 21 31 20 29
Sportwetenschappen (ASO) 566 19,62% 57,05% 71 80 84 138 170 23
Techniek-wetenschappen (TSO) 128 3,02% 52,45% 16 27 20 17 39 9
Wetenschappen-topsport (ASO) 35 16,13% 52,85% 5 8 5 7 8 2
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 1913 5,59% 73,92% 72 149 206 443 984 59

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 03-02-2017