Orthopedietechnieken - Derde graad - TSO

Studierichting "Orthopedietechnieken"

Deze richting start pas in de derde graad TSO.
In de studierichting Orthopedietechnieken ontwikkel en fabriceer je prothesen en hulpmiddelen die mensen met een beperking, optimaal ondersteunen.
Er gaat heel wat aandacht naar praktijkervaring.
De studierichting is sterk gericht op een directe beroepsuitoefening.
Het doel is techniekers te vormen, die bandages, orthesen (corrigerende, ondersteunende maatregelen) en prothesen (vervangende hulpmiddelen) helpen construeren.
Je leert het gamma materialen, gebruikt in de orthopedie, correct bewerken en verwerken.
Van de studenten wordt belangstelling verwacht voor mensen, gezien contacten met mensen die moeten geholpen worden centraal staan.

Een instap in deze richting kan vanuit alle richtingen van ASO en TSO.
Een sociale ingesteldheid is onontbeerlijk.
Je verwerft de nodige paramedische achtergronden noodzakelijk voor een vlotte communicatie in verband met dit specifieke vakgebied.
Een voldoende passieve kennis van het Frans, Engels en Duits is noodzakelijk om handleidingen en publicaties te begrijpen.
Je leert de verschillende bewerkings- en verwerkingstechnieken in verband met materialen die in de hedendaagse orthopedietechniek gebruikt worden.
Naast een paramedische, een intensieve technologische vorming en materialenleer wordt er ook een summiere deontologische ondersteuning aangeboden.
Je krijgt de mogelijkheid om het veiligheidsattest (VCA-attest) te behalen.

Orthopedietechnieken - Derde graad - TSO

 
Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten
 

Deze richting start pas in de derde graad TSO.
In de studierichting Orthopedietechnieken ontwikkel en fabriceer je prothesen en hulpmiddelen die mensen met een beperking, optimaal ondersteunen.
Er gaat heel wat aandacht naar praktijkervaring.
De studierichting is sterk gericht op een directe beroepsuitoefening.
Het doel is techniekers te vormen, die bandages, orthesen (corrigerende, ondersteunende maatregelen) en prothesen (vervangende hulpmiddelen) helpen construeren.
Je leert het gamma materialen, gebruikt in de orthopedie, correct bewerken en verwerken.
Van de studenten wordt belangstelling verwacht voor mensen, gezien contacten met mensen die moeten geholpen worden centraal staan.

Een instap in deze richting kan vanuit alle richtingen van ASO en TSO.
Een sociale ingesteldheid is onontbeerlijk.
Je verwerft de nodige paramedische achtergronden noodzakelijk voor een vlotte communicatie in verband met dit specifieke vakgebied.
Een voldoende passieve kennis van het Frans, Engels en Duits is noodzakelijk om handleidingen en publicaties te begrijpen.
Je leert de verschillende bewerkings- en verwerkingstechnieken in verband met materialen die in de hedendaagse orthopedietechniek gebruikt worden.
Naast een paramedische, een intensieve technologische vorming en materialenleer wordt er ook een summiere deontologische ondersteuning aangeboden.
Je krijgt de mogelijkheid om het veiligheidsattest (VCA-attest) te behalen.

Welke lessen krijg ik in "Orthopedietechnieken" ?

De lessentabel bestaat uit maximaal 36 lestijden per week.

 
Filteren op net
   

Waar kan ik "Orthopedietechnieken" volgen ?

  Toon alle scholen

Verfijn je zoekopdracht door één of meerdere filter(s) te selecteren.


Filteren op provincie:
Filteren op arrondissement:
Filteren op gemeente:
Filteren op net:
   
Filteren op methodeschool:
Filteren op schooleigenschap:
 
   
Aantal instellingen gerangschikt per postcode:

Wie wordt toegelaten tot "Orthopedietechnieken" ?

Eerste leerjaar derde graad

Je wordt toegelaten:

  • als je geslaagd bent in het 2de leerjaar van de 2de graad ASO, TSO of KSO (hou wel rekening met eventuele clausuleringen).
  • als je een getuigschrift van de 2de graad ASO, TSO of KSO behaald hebt via Examencommissie van de Vlaamse Gemeenschap. In dit geval is er een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad over de keuze van de studierichting.
  • als je geslaagd bent in het 2de leerjaar van de 3de graad BSO. In dit geval is een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad.
  • als je leerling bent van het buitengewoon secundair onderwijs. In dit geval is er een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad. In afwachting van deze beslissing wordt de leerling onder ontbindende voorwaarde ingeschreven.
De toelatingsklassenraad kan, onder bepaalde voorwaarden,  de gevolgen van een behaald B- of C-attest ongedaan maken.

Als je uit het buitengewoon secundair onderwijs komt (Opleidingsvorm 1, 2, 3) kan je worden toegelaten op voorwaarde dat de toelatingsklassenraad akkoord gaat. In afwachting van hun beslissing word je onder ontbindende voorwaarde ingeschreven. Zie ook SO/2012/01 10.1.5.4

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar. Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

Je mag secundair onderwijs volgen tot het einde van het schooljaar waarin je 25 wordt.  

Tweede leerjaar derde graad

Je wordt toegelaten:

  • als je geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad TSO van dezelfde studierichting;
  • als je geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad TSO van een andere studierichting van hetzelfde studiegebied. In dit geval is een gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad nodig.
  • als je geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad ASO, TSO of KSO in een studierichting van een ander studiegebied.
    In dit geval is een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad na kennisname van advies delibererende klassenraad van studierichting die leerling in 1ste leerjaar van 3de graad met vrucht heeft gevolgd en deze beslissing is gebaseerd op ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen.
De toelatingsklassenraad kan, onder bepaalde voorwaarden,  de gevolgen van een behaald B- of C-attest ongedaan maken.

In afwijking van voorgaande voorwaarden kunnen leerlingen met tekorten voor bepaalde programmaonderdelen in het onderliggend leerjaar worden toegelaten.
In dit geval is een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad van het structuuronderdeel waarvoor de leerling opteert na overleg met de delibererende klassenraad van het structuuronderdeel waaruit de leerling komt.
De inrichtende macht beslist of de school gebruik maakt van deze afwijkingsmogelijkheid.
De bedoeling is rekening te houden in individuele gevallen met specifieke onderwijskundige of organisatorische argumenten en meer individuele leertrajecten aan te bieden.
Als de school van die afwijking gebruik maakt gelden volgende uitzonderlijke modaliteiten:

  • de tekorten moeten weggewerkt zijn vóór het einde van het 2de leerjaar van de 3de graad (bv. via remediëring, bijkomende opdrachten, ...).
  • in het 1ste leerjaar wordt het oriënteringsattest vervangen door het attest regelmatige lesbijwoning
  • beslist de delibererende klassenraad van het 2de leerjaar van de 3de graad om een oriënteringsattest A van het 1ste leerjaar toe te kennen aan leerlingen die tekorten van het 1ste leerjaar hebben weggewerkt maar niet geslaagd zijn in het 2de leerjaar.


Leerlingen met een attest van regelmatige lesbijwoning over het 1ste leerjaar van de 3de graad, binnen het systeem van uitstel van de delibererende klassenraad tot het einde van desbetreffende graad, worden ook toegelaten.

Als je uit het buitengewoon secundair onderwijs komt (Opleidingsvorm 1, 2, 3) kan je worden toegelaten op voorwaarde dat de toelatingsklassenraad akkoord gaat. In afwachting van hun beslissing word je onder ontbindende voorwaarde ingeschreven. Zie ook SO/2012/01 10.1.5.4

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar.
Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.


Je mag secundair onderwijs volgen tot het einde van het schooljaar waarin je 25 wordt.  

Wat kan je behalen na "Orthopedietechnieken" ?


Eerste leerjaar derde graad

Je kan één van volgende Oriënteringsattesten behalen: A, B of C:

  • een Oriënteringsattest A, als je GESLAAGD bent;
  • een Oriënteringsattest B, als je GESLAAGD bent MAAR niet verder TSO mag volgen (dus enkel BSO is mogelijk);
  • een Oriënteringsattest C, als je NIET GESLAAGD bent;
  • een Attest van regelmatige lesbijwoning.
    Indien een school werkt volgens ‘het systeem van uitstel van de delibererende klassenraad tot het einde van een graad’, krijg je hiermee toelating tot het 2de leerjaar van de 3de graad.

Tweede leerjaar derde graad

Je behaalt:

  • een Diploma Secundair Onderwijs, als je GESLAAGD bent.
  • een Oriënteringsattest C als je NIET GESLAAGD bent.
  • een getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer wanneer de delibererende klassenraad beslist dat je voldaan hebt voor het programma bedrijfsbeheer.
    Let wel: de mogelijkheid wordt voorzien om dit getuigschrift uit te reiken.
    Dit is geen verplichting!

Mag ik tijdens het schooljaar nog veranderen ?


Eerste leerjaar derde graad

Veranderen van school mag altijd.
Tot en met 15 januari mag je binnen hetzelfde leerjaar veranderen van onderwijsvorm en/of studierichting.
In uitzonderlijke gevallen* kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan na 15 januari.

Tweede leerjaar derde graad

Veranderen van school mag altijd.
Veranderen van richting is niet toegelaten
In uitzonderlijke gevallen* kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan.

* Wanneer een overgang van studierichting en/of onderwijsvorm echt aangewezen is voor een individuele leerling, kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan na 15 januari
Het is onmogelijk een limitatieve lijst van ‘uitzonderlijke gevallen’ voor op te stellen. Na kennisname van het advies van de begeleidende klassenraad van de studierichting die de leerling tot dan toe volgt, beslist de toelatingsklassenraad of er ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen zijn. 
Zo kunnen bv. een verhuis naar een regio waar de tot dan toe gevolgde studierichting niet bestaat, psychische problemen die verband houden met een foute studiekeuze, studieverandering omwille van de aansluiting met een studiekeuze hoger onderwijs  of een allergie aan producten die eigen zijn aan de opleiding… geldige redenen zijn.

 

Wat na "Orthopedietechnieken" ?

Na deze richting kan je gaan werken. Indien er beroepen aan deze richting zijn gekoppeld, kan je meer informatie vinden in de beroependatase.
Verder studeren kan ook. Afhankelijk van je capaciteiten, interesse en inzet is een doorstroming naar het hoger onderwijs mogelijk. Je krijgt hier per onderwijsniveau een oplijsting van een aantal inhoudelijk verwante vervolgopleidingen. Let wel dat een inhoudelijke verwantschap van een richting niet wil niet zeggen dat die richting vlot haalbaar is.

Se-n-Se

Je wordt toegelaten tot alle Se-n-Se-opleidingen van hetzelfde studiegebied waarin je het diploma secundair onderwijs behaalt.
Dit betekent echter niet dat alle overgangen vanzelfsprekend zijn.
Als je een Se-n-Se-opleiding wilt volgen in een ander studiegebied heb je de toestemming nodig van de toelatingsklassenraad van de school.

Dit zijn de Se-n-Se-jaren van dit studiegebied:


Voorbereidend jaar

In het aso en kso worden 7de jaren ingericht als voorbereidend jaar op het hoger onderwijs.
In het aso gaat het om een jaar dat tekorten in de vooropleiding wiskunde en wetenschappen wil bijwerken.
In het kso bereiden deze jaren voor op de artistieke toelatingsproeven van het hoger onderwijs.
Sommige voorbereidende jaren worden in geen enkele school ingericht. Dit kan jaarlijks wijzigen. 

Professionele Bachelors

Met een diploma secundair mag je starten in een professionele bacheloropleiding.
Na het tso is de overstap naar een inhoudelijk verwante richting meestal haalbaar.
Houd bij je keuze zeker rekening met je vooropleiding.
Na het bso is dit veel minder vanzelfsprekend owv de zwakkere theoretische vooropleiding. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.
Bespreek je keuze grondig vooraleer te beslissen.

Dit zijn de inhoudelijk aansluitende opleidingen:



Academische Bachelors

Met je diploma secundair onderwijs op zak kan je ook kiezen voor een academische bachelor. Houd er rekening mee dat het om sterk theoretische opleidingen gaat waardoor dergelijke keuze zeker niet vanzelfsprekend is. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.
Je doet er goed aan je keuze en je slaagkansen vooraf grondig te bespreken met je ouders, leerkrachten, het CLB,...

Er zijn inhoudelijk geen aansluitende opleidingen

HBO

Deze opleidingen positioneren zich op niveau 5 van de Vlaamse kwalificatiestructuur. Ze maken deel uit van het hoger onderwijs en situeren zich qua niveau net onder de professionele bachelor. 
De graduaatsopleidingen en HBO5 Verpleegkunde bereiden voor op het uitoefenen van een beroep. 
Let wel op: de toelatingsvoorwaarden zijn verschillend, maar met een diploma secundair onderwijs kan je altijd starten in elke graduaatsopleiding of in HBO5 Verpleegkunde. 

Via deze link kan je meer lezen over de graduaatsopleidingen, het aanbod, ….

7de specialisatiejaren BSO

Als de toelatingsklassenraad van de school het toelaat kan je kiezen voor een 7de specialisatiejaar in een ander studiegebied.

Er worden in dit studiegebied geen/andere 7de specialisatiejaren BSO georganiseerd.

 

Uiteraard zijn nog andere keuzes mogelijk.
Er zijn ook opleidingsmogelijkheden in het Volwassenenonderwijs, bij Syntra, bij VDAB, bij Defensie, Politie, ...

Mogelijke beroepen

Hier een overzicht van beroepen die mogelijk zijn na deze opleiding. Enkel beroepen uit de beroependatabase van Onderwijskiezer zijn vermeld. Er kunnen dus steeds nog andere mogelijkheden zijn. Klik op een beroep voor meer informatie.



Wanneer bachelordiploma behaald?

Bachelordiploma behaald Geen bachelordiploma behaald
Professionele bachelor Academische bachelor
binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer na vooropgestelde studieduur +2 en meer
11,11 % 25,93 % 18,52 % 0,00 % 0,00 % 0,00 % 44,44 %

Aantal studenten
Aantal studenten rechtstreeks naar HO 27
Participatiegraad 42,86%

Hoe dit interpreteren?

1 voltijds studiejaar komt overeen met 60 studiepunten.
Een standaard bacheloropleiding heeft een studieomvang van 180 studiepunten en duurt dus meestal 3 academiejaren. Als de student voor het geheel van zo’n standaardopleiding in maximum 3 jaar slaagt, heeft hij het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur*.

Het gebeurt dat studenten er 1 à 2 jaar langer over doen alvorens ze het bachelordiploma behalen. Of zelfs meer. In dat geval is er sprake van ‘vooropgestelde studieduur + 1’ of ‘vooropgestelde studieduur + 2’. Het gebeurt ook dat studenten na minimum 5 jaar studie, het bachelordiploma (nog) niet behaald hebben.

De tabel toont het percentage van leerlingen uit deze studierichting (secundair onderwijs, 3e graad), die hun 1e bachelordiploma behalen na resp. de vooropgestelde studieduur, de vooropgestelde studieduur + 1 jaar en de vooropgestelde studieduur + 2 jaar en meer. Het behalen van een bachelordiploma betekent dat de student geslaagd verklaard is voor het geheel van de bacheloropleiding.

In de berekeningen worden enkel jongeren meegenomen die zich onmiddellijk na het secundair onderwijs, voor het eerst in een academische of professionele bachelor inschrijven met een diplomacontract, aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.
De cijfers hebben betrekking op de generatiestudenten periode van 2010-2011 tot en met 2015-2016.


Uitleg:

11,11 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting secundair onderwijs (SO) gestart zijn in een bacheloropleiding (professionele of academische bachelor), behaalt na de vooropgestelde studieduur een diploma van professionele bachelor.

(nog) Geen bachelordiploma behaald:

44,44 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting SO gestart zijn in hetzij een professionele hetzij een academische bachelor, behaalde (nog) geen diploma binnen de vooropgestelde studieduur+ 2 jaar.

Opgelet:

  • Enkel het eerst behaalde bachelordiploma wordt meegeteld. Enkel als een student in hetzelfde academiejaar een eerste academische bachelor én een eerste professionele bachelor behaalt, worden beide diploma’s meegeteld.
  • Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (minimum 30) uit deze studierichting SO onmiddellijk overstapt naar een bachelor, worden de cijfers weergegeven. Bij minder studenten zijn de cijfers weinig betekenisvol.
  • Deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het behalen van een bachelordiploma.

* Vooropgestelde studieduur: wordt bepaald op het moment van afstuderen op basis van de studieomvang van de opleiding.
De vooropgestelde studieduur kan verschillen van opleiding tot opleiding.

  • Vb. Voor een opleiding van 180 studiepunten betekent ‘binnen de vooropgestelde studieduur’ dat de student er maximum 3 jaar over doet om af te studeren. De ‘vooropgestelde studieduur +1’ komt overeen met 4 jaar; de ‘vooropgestelde studieduur + 2 en meer’ komt overeen met 5 jaar en meer.”
  • Vb. De professionele bachelor Verpleegkunde heeft een studieomvang van 240 studiepunten en duurt bijgevolg 4 jaar. Als de student er in deze opleiding verpleegkunde slaagt binnen maximum 4 jaar, heeft hij ook het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur.

bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming