Asfalt- en betonwegenwerker duaal - Derde graad - DBSO

Studierichting "Asfalt- en betonwegenwerker duaal"

Je gaat een overeenkomst alternerende opleiding aan en leert: 

  • wegenbouwmachines besturen/bedienen om wegverhardingen in asfalt en beton aan te brengen 

Deze duale opleiding is gebaseerd op de Beroepskwalificatie

  • asfalt- en betonwegenbouwer, niveau 4

Meer dan de helft van je opleiding breng je door op je reële werkplek: minstens 20u/week (op jaarbasis).

Voor elke duale opleiding bestaat er 1 standaardtraject. Hierin staat gedetailleerd wat jij moet leren. Open het tabblad Lessen, om het te raadplegen.

Bron: www.duaalleren.vlaanderen


Deze opleiding wordt momenteel nergens ingericht! Deze opleiding wordt momenteel nergens ingericht!

Asfalt- en betonwegenwerker duaal - Derde graad - DBSO

 

Je gaat een overeenkomst alternerende opleiding aan en leert: 

  • wegenbouwmachines besturen/bedienen om wegverhardingen in asfalt en beton aan te brengen 

Deze duale opleiding is gebaseerd op de Beroepskwalificatie

  • asfalt- en betonwegenbouwer, niveau 4

Meer dan de helft van je opleiding breng je door op je reële werkplek: minstens 20u/week (op jaarbasis).

Voor elke duale opleiding bestaat er 1 standaardtraject. Hierin staat gedetailleerd wat jij moet leren. Open het tabblad Lessen, om het te raadplegen.

Bron: www.duaalleren.vlaanderen


Wat jij precies moet leren op het vlak van algemene vorming en beroepsgerichte vorming staat gedetailleerd beschreven in het standaardtraject Asfalt- en betonwegenbouwer duaal (7e jaar bso).

Welke lessen krijg ik?

2 dagen per week volg je les in een centrum voor deeltijds onderwijs (CDO) + 3 dagen per week breng je door op je werkplek.

Je opleiding is gebaseerd op het standaardtraject dat werd uitgeschreven voor deze opleiding. Onder het tabblad ‘Beschrijving’ vind je de link naar het standaardtraject.

Hierin staat gedetailleerd wat jij moet leren op het vlak van:

  • algemene  vorming

  • beroepsgerichte vorming

Algemene vorming  bestaat uit het Project Algemene vakken, Frans of Engels en de vakoverschrijdende eindtermen van het SO.
De lessen worden hoofdzakelijk gegeven op het CDO. Ze kunnen ook deels geïntegreerd worden in de beroepsgerichte vorming.
Op het CDO worden ook praktijklessen voorzien.

Beroepsgerichte vorming  krijg je vnl. op je reële werkplek. Een gedeelte kan gegeven worden op het CDO.
Deze vorming is gebaseerd op één/meerdere beroepskwalificaties. Hierin staat precies wat jij moet kunnen als beginnend werknemer in een bepaald beroep.   
Een werkplek vinden is zeer belangrijk. Per schooljaar krijg je hier een periode van 20 opleidingsdagen voor. Deze termijn begint te tellen vanaf je 1e lesdag in de duale opleiding. Je kan door je trajectbegeleider geholpen worden bij het zoeken naar een onderneming. Soms kan hiervoor zelfs extra ondersteuning voor voorzien worden (IBAL-begeleiding).

De periode waarin je nog geen werkplek hebt gevonden, wordt door het centrum voor deeltijds onderwijs  voltijds ingevuld. Slechts in enkele situaties kan de periode van 20 opleidingsdagen per schooljaar verlengd worden.

Als je binnen de vastgelegde termijn geen overeenkomst hebt afgesloten, moet je met je duale opleiding stoppen.

Je volgt binnen het DBSO hetzelfde standaardtraject als leerlingen die dezelfde  duale opleiding volgen binnen de leertijd of in het voltijds BSO.

De CDO beslissen zelf hoe ze het standaardtraject vertalen naar lessen en hoeveel uren ze besteden aan de schoolcomponent.  De lessen kunnen verschillen van CDO tot CDO en zelfs van leerling tot leerling.
Om hier zicht op te krijgen dien je zelf het CDO van je keuze te contacteren. 

Het CDO volgt jouw opleiding op, in nauwe samenwerking met je mentor op de werkplek. Heb je nood aan aanpassingen op school en/of op de werkplek? Vraag deze dan aan (cfr.  omzendbrief ‘duaal leren en de aanloopfase, 7.5 en bijlage 3).

Het CDO beslist of de opleiding lineair of modulair georganiseerd worden.
Lineair? dan volg je les volgens een schooljaarsysteem,
Modulair? dan bestaat je opleiding uit clusters (bundels van leeractiviteiten).

Wie wordt toegelaten tot "Asfalt- en betonwegenwerker duaal" ?

Specifieke toelatingsvoorwaarden om te mogen starten in een duale opleiding :

  • Je moet voldaan hebben aan de voltijdse leerplicht (16 of -onder bep. voorwaarden-15 jaar zijn);

  • Tot en met de 1e lesdag van november kan je instappen in dit specialisatiejaar.
    Starten na deze dag kan enkel als de  toelatingsklassenraad akkoord gaat.

Daarnaast gelden er bij de start van 7 BSO duaal dezelfde algemene toelatingsvoorwaarden als voor 7 BSO niet- duaal:

  • het diploma secundair onderwijs hebben behaald of een studiegetuigschrift van het 2e of 3e leerjaar van de 3e graad SO in een studierichting uit een verwant studiegebied van de duale opleiding.
  • het diploma SO of studiegetuigschrift van 6 SO hebben behaald in een studierichting uit een niet- verwant studiegebied van de duale opleiding.
    In dit geval moet de toelatingsklassenraad akkoord gaan. 

    Voor de studierichtingen ‘Thuis en bejaardenzorg/zorgkundige’ en ‘Verzorgende/zorgkundige duaal’ geldt dit niet; hier is de toelating enkel mogelijk binnen hetzelfde studiegebied.

  • als je rechtstreeks uit een niet-Vlaamse school komt, kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten.
    Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

    Voor de studierichtingen ‘Thuis en bejaardenzorg/zorgkundige’ en ‘Verzorgende/zorgkundige duaal’ kunnen enkel die leerlingen die komen uit een (verwante) opleiding Personenzorg van een Frans- of Duitstalige school in België, toegelaten worden mits akkoord van de toelatingsklassenraad.

  • Kom je uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten.
    Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

  • Als je een zij- instromer ** bent, kan de toelatingsklassenraad akkoord gaan met je instap in deze duale opleiding.

-Voor bepaalde opleidingen gelden bijkomende toelatingsvoorwaarden. Deze staan beschreven in het standaardtraject van de opleiding. Zie tabblad ‘Lessen’.

Veranderen van school mag altijd.

Veranderen van studie:

-Tot en met 30 september mag je veranderen van onderwijsvorm en/of studierichting (naar niet-duaal).
Na op de hoogte te zijn van het advies van de klassenraad van de studierichting die de leerling tot dan toe volgde , kan de toelatingsklassenraad afwijken van deze datum. Dit gebeurt uitzonderlijk en omwille van ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen.

-Tot en met de 1e lesdag van november mag je overgaan naar een andere duale opleiding. Stap je later over, dan moet de toelatingsklassenraad akkoord gaan.

Wat na "Asfalt- en betonwegenwerker duaal" ?

Je kan volgende studiebewijzen behalen:

  • het diploma secundair onderwijs als je geslaagd bent voor je volledige duale opleiding (algemene + beroepsgerichte vorming)

  • het studiegetuigschrift van het 3e  leerjaar van de 3e  graad als je geslaagd bent voor je volledige duale opleiding (uitgereikt aan leerlingen die instromen vanuit 6 ASO, TSO of KSO)

  • een bewijs van beroepskwalificatie als je slaagt voor de vakken van de beroepsgerichte vorming, maar niet voor de vakken algemene vorming.
    Als je opleiding op meer dan 1 beroepskwalificatie is gebaseerd, kan je verschillende bewijzen van beroepskwalificatie behalen.

  • een bewijs van deelkwalificatie als je geslaagd bent voor een kleiner afgerond geheel uit een beroepskwalificatie. Ook deze deelkwalificaties hebben hun belang op de arbeidsmarkt. Niet elke beroepskwalificatie is opgedeeld in deelkwalificaties.

  • een bewijs van competentie(s) als je enkele afzonderlijke competenties hebt behaald maar geen recht hebt op 1 van de bovenvermelde studiebewijzen
    Of als je, bovenop een beroepskwalificatie, nog andere bijkomende competenties bereikte.  

De klassenraad beslist welke studiebekrachtiging je krijgt en wanneer. Als zij vinden dat je opleiding is afgerond, krijg je je studiebewijs.
Dat is meestal op het einde van het schooljaar (30 juni) maar het kan ook tijdens het schooljaar.

Wat na "Asfalt- en betonwegenwerker duaal" ?

De meeste leerlingen gaan na DBSO werken.
Met een/enkele beroepskwalificatie(s) op zak weet je toekomstige werkgever wat je kunt en kent. Deze kwalificaties zijn relevant voor de arbeidsmarkt.

 Als je wil verder studeren kan je je best informeren bij je CLB.
Er zijn afhankelijk van het door jou behaalde studiebewijs, verschillende  mogelijkheden. 

Zo kan je je studie vervolledigen met een Se-n-Se maar je kan evengoed een bijkomend specialisatiejaar BSO volgen uit eenzelfde studiegebied  of uit een ander studiegebied. In het laatste geval heb je de toestemming van de toelatingsklassenraad nodig.  

Met je diploma van secundair onderwijs op zak, is doorstroming naar het hoger onderwijs (graduaten, HBO5 Verpleegkunde, Professionele bachelor…) ook mogelijk. Realiseer je dat deze overstap in de praktijk niet altijd evident is.

 Ook binnen het Volwassenenonderwijs, VDAB, SYNTRA, Defensie, … kan je opleidingen volgen.

Mogelijke beroepen

Hier een overzicht van beroepen die mogelijk zijn na deze opleiding. Enkel beroepen uit de beroependatabase van Onderwijskiezer zijn vermeld. Er kunnen dus steeds nog andere mogelijkheden zijn. Klik op een beroep voor meer informatie.

Wegenwerker ( knelpuntberoep)