Architecturale en binnenhuiskunst - Derde graad - KSO

Studierichting "Architecturale en binnenhuiskunst"

De logische vooropleiding is de 2de graad 'Beeldende en architecturale kunsten' of 'Beeldende en architecturale vorming'.
Andere vooropleidingen zijn individueel te bekijken.

De studierichting is minder theoretisch dan ‘Architecturale Vorming’.
De klemtoon ligt eerder op technische vakken en kunstvakken. Het is een basisopleiding voor toekomstige ontwerpers die steunt op 4 pijlers:
wetenschap en techniek, kunst en cultuur, ontwerp en waarneming en voorstelling.

Je bestudeert de belangrijkste grondstoffen, basismaterialen en afgeleide producten in architectuur en interieur (natuursteen, glas, kleiproducten…).
Je leert hoe deze materialen reageren op bepaalde natuurkundige verschijnselen als vocht, temperatuur en lucht.
Je leert dat vorm en ruimte, functie, constructie en materiaal met elkaar verbonden zijn.
Je krijgt inzicht in kleuren, structuren en ruimtes.

Architectuur en interieurs uit het verleden en heden worden bestudeerd.
Je leert nieuwe decoraties, interieurs… bedenken en ontwerpen
Je leert zowel tekenen met de losse hand als tekenen volgens bepaalde afspraken, gebruik makend van bepaalde symbolen, lijnsoorten….
Je leert Projectie- & Meetkundig tekenen op schaal en ware grootte.
Ook het tekenen met computer komt aan bod.
Je maakt maquettes van je ontwerpen en architecturale projecten…

Als je wilt starten met een kunstopleiding moet je in sommige studierichtingen en/of scholen eerst een gesprek met de vakleerkracht hebben of een ingangsproef afleggen.
Op basis hiervan kan de school je advies geven in verband met je geschiktheid om de opleiding te volgen.
In sommige studierichtingen en/of scholen ben je verplicht inhaallessen waarnemingstekenen te volgen.

Architecturale en binnenhuiskunst - Derde graad - KSO

 
Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten
 

De logische vooropleiding is de 2de graad 'Beeldende en architecturale kunsten' of 'Beeldende en architecturale vorming'.
Andere vooropleidingen zijn individueel te bekijken.

De studierichting is minder theoretisch dan ‘Architecturale Vorming’.
De klemtoon ligt eerder op technische vakken en kunstvakken. Het is een basisopleiding voor toekomstige ontwerpers die steunt op 4 pijlers:
wetenschap en techniek, kunst en cultuur, ontwerp en waarneming en voorstelling.

Je bestudeert de belangrijkste grondstoffen, basismaterialen en afgeleide producten in architectuur en interieur (natuursteen, glas, kleiproducten…).
Je leert hoe deze materialen reageren op bepaalde natuurkundige verschijnselen als vocht, temperatuur en lucht.
Je leert dat vorm en ruimte, functie, constructie en materiaal met elkaar verbonden zijn.
Je krijgt inzicht in kleuren, structuren en ruimtes.

Architectuur en interieurs uit het verleden en heden worden bestudeerd.
Je leert nieuwe decoraties, interieurs… bedenken en ontwerpen
Je leert zowel tekenen met de losse hand als tekenen volgens bepaalde afspraken, gebruik makend van bepaalde symbolen, lijnsoorten….
Je leert Projectie- & Meetkundig tekenen op schaal en ware grootte.
Ook het tekenen met computer komt aan bod.
Je maakt maquettes van je ontwerpen en architecturale projecten…

Als je wilt starten met een kunstopleiding moet je in sommige studierichtingen en/of scholen eerst een gesprek met de vakleerkracht hebben of een ingangsproef afleggen.
Op basis hiervan kan de school je advies geven in verband met je geschiktheid om de opleiding te volgen.
In sommige studierichtingen en/of scholen ben je verplicht inhaallessen waarnemingstekenen te volgen.

 

Alternatieve benaming(en) voor deze richting

Architecturale en interieurdesign

 

Voorbereidend jaar Se-n-Se Voorbereidend jaar

Se-n-Se
7de specialisatiejaar

6e leerjaar ASO

6e leerjaar TSO

6e leerjaar KSO

6e leerjaar BSO


Leertijd
Deeltijds BSO

5e leerjaar ASO

5e leerjaar TSO

5e leerjaar KSO

5e leerjaar BSO

 

Situering binnen studiegebied "Beeldende kunsten"

 
Tweede graad Derde graad Se-n-Se / 7e jr. / Voorbereidend jr.

Artistieke opleiding (KSO)
Audiovisuele vorming (KSO)
Beeldende en architecturale kunsten (KSO)
Beeldende en architecturale vorming (KSO)

Architecturale en binnenhuiskunst (KSO)
Architecturale vorming (KSO)
Artistieke opleiding (KSO)
Audiovisuele vorming (KSO)
Beeldende vorming (KSO)
Industriële kunst (KSO)
Toegepaste beeldende kunst (KSO)
Vrije beeldende kunst (KSO)

Architecturale vormgeving (KSO)
Audiovisuele vormgeving (KSO)
Bijzondere beeldende vorming (KSO)
Grafische vormgeving (KSO)
Industriële vormgeving (KSO)
Ruimtelijke vormgeving (KSO)

 

Welke lessen krijg ik in "Architecturale en binnenhuiskunst" ?

Per week worden maximaal 36 lestijden georganiseerd.

Vergeet niet dat je binnen het KSO nooit klaar bent met je werk.
Het artistieke proces stopt niet aan de schoolpoort.
Extra muros-activiteiten, deelname aan culturele en maatschappelijke manifestaties, geïntegreerde werkperiodes (binnen- en buitenschools) en veel oefenen maken evenzeer deel uit van je kunstopleiding en zitten niet vervat in het lessenrooster!

 
Filteren op net
   

Waar kan ik "Architecturale en binnenhuiskunst" volgen ?

  Toon alle scholen

Verfijn je zoekopdracht door één of meerdere filter(s) te selecteren.


Filteren op provincie:
Filteren op arrondissement:
Filteren op gemeente:
Filteren op net:
   
Filteren op methodeschool:
Filteren op schooleigenschap:
 
   
Aantal instellingen gerangschikt per postcode:

Wie wordt toegelaten tot "Architecturale en binnenhuiskunst" ?

Eerste leerjaar derde graad

Je kunt starten in het 1ste leerjaar van de 3de graad (5 KSO) als je ofwel:

  • geslaagd (A- of B-attest) bent in het 2de leerjaar van de 2de graad ASO, TSO of KSO.
    Ingeval van een B-attest word je niet toegelaten tot bepaalde studierichtingen.
  • geslaagd (A- of B-attest) bent in het 2de leerjaar van de 3de graad BSO én de toelatingsklassenraad van 5 KSO akkoord gaat.
    Ingeval van een B-attest word je niet toegelaten tot bepaalde studierichtingen.
  • een getuigschrift van de 2de graad ASO, TSO of KSO hebt, uitgereikt door de examencommissie van de Vlaamse Gemeenschap én de toelatingsklassenraad akkoord gaat met de keuze van je studierichting.
  • uit het BUSO komt (Opleidingsvorm 1, 2, 3) én mits gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad. In afwachting van deze beslissing wordt de leerling onder ontbindende voorwaarde ingeschreven.
De toelatingsklassenraad kan, onder bepaalde voorwaarden,  de gevolgen van een behaald B- of C-attest ongedaan maken.

Als je uit het buitengewoon secundair onderwijs komt (Opleidingsvorm 1, 2, 3) kan je worden toegelaten op voorwaarde dat de toelatingsklassenraad akkoord gaat. In afwachting van hun beslissing word je onder ontbindende voorwaarde ingeschreven. Zie ook SO/2012/01 10.1.5.4

Voor de studierichtingen ballet, modern ballet, dans, muziek, woordkunst-drama kàn de school bovendien (zo ze wil) eisen dat je slaagt in een door de school georganiseerde geschiktheidsproef.
De proef, die je slechts 1 maal dient af te leggen, geldt voor de duur van de hele opleiding en gaat na of je er voldoende artistieke aanleg voor hebt.
Wanneer je in een onderliggend leerjaar deze proef reeds hebt afgelegd is dit geen voorwaarde meer.

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar.
Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

Je mag secundair onderwijs volgen tot het einde van het schooljaar waarin je 25 wordt.  

Tweede leerjaar derde graad

Je kunt starten in het 2de leerjaar van de 3de graad (6 KSO) als je ofwel:

  • geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad KSO in dezelfde studierichting.
  • geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad KSO in een andere studierichting van hetzelfde studiegebied én de toelatingsklassenraad akkoord gaat.
  • geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad ASO, TSO of KSO in een studierichting van een ander studiegebied én de toelatingsklassenraad akkoord gaat na kennisname van het advies van de delibererende klassenraad van de studierichting waarin je geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad.
    Deze gunstige beslissing is gebaseerd op ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen.
  • een ‘attest van regelmatige lesbijwoning over het 1ste leerjaar van de 3de graad’ hebt behaald én overgaat naar het 2de leerjaar van die graad binnen een school die het systeem toepast van ‘uitstel van deliberatie tot het einde van de graad’.
    De inrichtende macht van een school kan immers beslissen dit systeem toe te passen.
  • een ‘attest van regelmatige lesbijwoning over het 1ste leerjaar van de 3de graad’hebt behaald én overgaat met tekorten voor bepaalde vakken, naar het 2de leerjaar van die graad.
    Dit kan enkel binnen een school die het systeem toepast van ‘overgang met tekorten’.
    In dit systeem moeten de tekorten van het 1ste leerjaar in het 2de leerjaar worden weggewerkt, bv. via remediëring, bijkomende opdrachten,… .
    De voltallige toelatingsklassenraad moet akkoord gaan, na overleg met de delibererende klassenraad van het 1ste leerjaar van de 2de graad.
De toelatingsklassenraad kan, onder bepaalde voorwaarden,  de gevolgen van een behaald B- of C-attest ongedaan maken.

Als je uit het buitengewoon secundair onderwijs komt (Opleidingsvorm 1, 2, 3) kan je worden toegelaten op voorwaarde dat de toelatingsklassenraad akkoord gaat. In afwachting van hun beslissing word je onder ontbindende voorwaarde ingeschreven. Zie ook SO/2012/01 10.1.5.4

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar.
Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.


Je mag secundair onderwijs volgen tot het einde van het schooljaar waarin je 25 wordt.  

Wat kan je behalen na "Architecturale en binnenhuiskunst" ?


Eerste leerjaar derde graad

Je kan één van volgende Oriënteringsattesten behalen: A of C.

  • een Oriënteringsattest A als je GESLAAGD bent;
  • een Oriënteringsattest C als je NIET GESLAAGD bent;
  • een Attest van regelmatige lesbijwoning. Indien een school werkt volgens ‘het systeem van uitstel van de delibererende klassenraad tot het einde van een graad’, krijg je hiermee toelating tot het 2de leerjaar van de 3de graad.

Tweede leerjaar derde graad

Je behaalt:

  • een Diploma Secundair Onderwijs, als je GESLAAGD bent.
  • een Oriënteringsattest C als je NIET GESLAAGD bent.
  • een getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer wanneer de delibererende klassenraad beslist dat je voldaan hebt voor het programma bedrijfsbeheer.
    Let wel: de mogelijkheid wordt voorzien om dit getuigschrift uit te reiken.
    Dit is geen verplichting!

Mag ik tijdens het schooljaar nog veranderen ?


Eerste leerjaar derde graad

Veranderen van school mag altijd.
Tot en met 15 januari mag je binnen hetzelfde leerjaar veranderen van onderwijsvorm en/of studierichting.
In uitzonderlijke gevallen* kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan na 15 januari.

Tweede leerjaar derde graad

Veranderen van school mag altijd.
Veranderen van richting is niet toegelaten.
In uitzonderlijke gevallen* kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan.

* Wanneer een overgang van studierichting en/of onderwijsvorm echt aangewezen is voor een individuele leerling, kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan na 15 januari
Het is onmogelijk een limitatieve lijst van ‘uitzonderlijke gevallen’ voor op te stellen. Na kennisname van het advies van de begeleidende klassenraad van de studierichting die de leerling tot dan toe volgt, beslist de toelatingsklassenraad of er ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen zijn. 
Zo kunnen bv. een verhuis naar een regio waar de tot dan toe gevolgde studierichting niet bestaat, psychische problemen die verband houden met een foute studiekeuze, studieverandering omwille van de aansluiting met een studiekeuze hoger onderwijs  of een allergie aan producten die eigen zijn aan de opleiding… geldige redenen zijn.

 

Wat na "Architecturale en binnenhuiskunst" ?

Na deze studierichting kan aan de slag als medewerker op een architectenbureau of bouwfirma, ambtenaar op een bouwkundige dienst, ontwerptekenaar bij bedrijven, als verkoopadviseur voor interieurinrichting en aanverwante bedrijven (sanitair, verlichting...), vertegenwoordiger van bouwmaterialen, operator van CAD-systemen...

Je kan ook verder studeren.
Heel wat leerlingen kiezen voor een opleiding die in het verlengde ligt van hetgeen ze eerder hebben gevolgd. Natuurlijk kan je ook een andere richting inslaan en voor een totaal andere vervolgstudie kiezen.
Niet alle opleidingen zijn even vlot haalbaar.
Motivatie, studiehouding, vooropleiding en talent bepalen mee je succes.

Se-n-Se

Je wordt toegelaten tot alle Se-n-Se-opleidingen uit hetzelfde studiegebied.
Dit betekent niet dat in de praktijk alle overgangen haalbaar of vanzelfsprekend zijn.
Als je kiest voor een Se-n-Se opleiding uit een ander studiegebied dan Beeldende kunsten, heb je de toestemming nodig van de toelatingsklassenraad.
Realiseer je vooraf dat niet alle overgangen evident zijn.

Dit zijn de Se-n-Se-jaren van dit studiegebied:

Architecturale vormgeving (KSO - Se-n-Se)

Audiovisuele vormgeving (KSO - Se-n-Se)

Grafische vormgeving (KSO - Se-n-Se)

Industriële vormgeving (KSO - Se-n-Se)

Ruimtelijke vormgeving (KSO - Se-n-Se)

Voorbereidend jaar

In het ASO en KSO worden 7de jaren ingericht als voorbereidend jaar op het hoger onderwijs.
In het ASO gaat het om een jaar dat tekorten in de vooropleiding wiskunde en wetenschappen wil bijwerken.
In het KSO bereiden deze jaren voor op de artistieke toelatingsproeven van het hoger onderwijs. Sommige studierichtingen worden in geen enkele school ingericht. Dit kan jaarlijks wijzigen.

Professionele Bachelors

Je mag starten in het professioneel hoger onderwijs.
Uiteraard ben je het best voorbereid op studierichtingen die een beroep doen op je specifieke vooropleiding. Natuurlijk kan je ook voor een totaal andere vervolgstudie kiezen.
Niet alle opleidingen zijn even vlot haalbaar. Motivatie, studiehouding, vooropleiding en talent bepalen mee je succes.
Bespreek de keuze grondig vooraleer te beslissen.
Volgende opleidingen hebben een kunstzinnig karakter en/of liggen in het verlengde van het studiegebied Beeldende Kunsten.
Dit betekent niet dat alle hieronder vermelde opleidingen even haalbaar zijn of je goed zullen liggen. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.

Academische Bachelors

Je mag starten in de meeste academische bacheloropleidingen, doch voor enkele opleidingen gelden extra toelatingsvoorwaarden.
De academische opleidingen aan de universiteit zijn sterk theoretisch en hier is een instap na KSO verre van vanzelfsprekend.
De academische opleidingen aan een school of arts zijn een voortzetting van het kunstonderwijs en hier ligt meer accent op het artistieke dan op het theoretische. Je moet voor deze richtingen een artistieke toelatingsproef doen. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.
Je doet er goed aan je keuze en je kansen op studiesucces vooraf grondig te bespreken met je ouders, leerkrachten, het CLB,...

Dit zijn de inhoudelijk aansluitende opleidingen:


























HBO

Deze opleidingen positioneren zich op niveau 5 van de Vlaamse kwalificatiestructuur. Ze maken deel uit van het hoger onderwijs en situeren zich qua niveau net onder de professionele bachelor. 
De graduaatsopleidingen en HBO5 Verpleegkunde bereiden voor op het uitoefenen van een beroep. 
Let wel op: de toelatingsvoorwaarden zijn verschillend, maar met een diploma secundair onderwijs kan je altijd starten in elke graduaatsopleiding of in HBO5 Verpleegkunde. 

Via deze link kan je meer lezen over de graduaatsopleidingen, het aanbod, ….

7de specialisatiejaren BSO

Als de toelatingsklassenraad van de school het toelaat kan je kiezen voor een 7de specialisatiejaar BSO in een ander studiegebied, omdat er in dit studiegebied geen zevende jaren bso bestaan. 
Er is één 7de jaar dat zich specifiek richt op doorstroming naar het hoger onderwijs. Meer info vind je hier

Dit zijn de mogelijkheden:

Grafische opmaaksystemen (BSO - Derde leerjaar)

 

Er zijn ook nog opleidingsmogelijkheden in het Volwassenenonderwijs, bij Syntra, VDAB, Defensie, Politie, ...

Studierendement

Professionele bachelor Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
interieurvormgeving 216 19,65 % 82,25 % 7 9 15 32 145 8
toegepaste architectuur 90 8,19 % 64,51 % 9 12 12 17 38 2




Academische bachelor Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
architectuur 173 15,74 % 55,72 % 14 18 34 67 30 10
interieurarchitectuur 155 14,10 % 80,03 % 3 4 12 41 90 5

Per bachelor- en graduaatsopleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs (SO). De resultaten geven weer voor welk % van de opleiding de studenten slaagden in hun 1e jaar hoger onderwijs.
Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het 1e jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het 1e jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een bepaalde studierichting SO. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.

De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een bepaalde studierichting SO, zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.
Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor of graduaatsopleiding,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een VLAAMSE universiteit of hogeschool.

  • Secundaire studierichting: de studierichting in het secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
  • Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele bachelor, academische bachelor of graduaatsopleiding waarin men zich voor het eerst inschrijft na het secundair onderwijs.
  • Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding of graduaatsopleiding van het hoger onderwijs.
  • Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een bepaalde secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een zelfde secundaire studierichting voor een bepaalde opleiding hoger onderwijs kiest, worden de cijfers weergegeven.

Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement


bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Wanneer bachelordiploma behaald?

Bachelordiploma behaald Geen bachelordiploma behaald
Professionele bachelor Academische bachelor
binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer na vooropgestelde studieduur +2 en meer
18,08 % 12,50 % 8,27 % 9,71 % 9,62 % 3,75 % 38,08 %

Aantal studenten
Aantal studenten rechtstreeks naar HO 1040
Participatiegraad 90,83%

Hoe dit interpreteren?

1 voltijds studiejaar komt overeen met 60 studiepunten.
Een standaard bacheloropleiding heeft een studieomvang van 180 studiepunten en duurt dus meestal 3 academiejaren. Als de student voor het geheel van zo’n standaardopleiding in maximum 3 jaar slaagt, heeft hij het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur*.

Het gebeurt dat studenten er 1 à 2 jaar langer over doen alvorens ze het bachelordiploma behalen. Of zelfs meer. In dat geval is er sprake van ‘vooropgestelde studieduur + 1’ of ‘vooropgestelde studieduur + 2’. Het gebeurt ook dat studenten na minimum 5 jaar studie, het bachelordiploma (nog) niet behaald hebben.

De tabel toont het percentage van leerlingen uit deze studierichting (secundair onderwijs, 3e graad), die hun 1e bachelordiploma behalen na resp. de vooropgestelde studieduur, de vooropgestelde studieduur + 1 jaar en de vooropgestelde studieduur + 2 jaar en meer. Het behalen van een bachelordiploma betekent dat de student geslaagd verklaard is voor het geheel van de bacheloropleiding.

In de berekeningen worden enkel jongeren meegenomen die zich onmiddellijk na het secundair onderwijs, voor het eerst in een academische of professionele bachelor inschrijven met een diplomacontract, aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.
De cijfers hebben betrekking op de generatiestudenten periode van 2010-2011 tot en met 2015-2016.


Uitleg:

18,08 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting secundair onderwijs (SO) gestart zijn in een bacheloropleiding (professionele of academische bachelor), behaalt na de vooropgestelde studieduur een diploma van professionele bachelor.

(nog) Geen bachelordiploma behaald:

38,08 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting SO gestart zijn in hetzij een professionele hetzij een academische bachelor, behaalde (nog) geen diploma binnen de vooropgestelde studieduur+ 2 jaar.

Opgelet:

  • Enkel het eerst behaalde bachelordiploma wordt meegeteld. Enkel als een student in hetzelfde academiejaar een eerste academische bachelor én een eerste professionele bachelor behaalt, worden beide diploma’s meegeteld.
  • Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (minimum 30) uit deze studierichting SO onmiddellijk overstapt naar een bachelor, worden de cijfers weergegeven. Bij minder studenten zijn de cijfers weinig betekenisvol.
  • Deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het behalen van een bachelordiploma.

* Vooropgestelde studieduur: wordt bepaald op het moment van afstuderen op basis van de studieomvang van de opleiding.
De vooropgestelde studieduur kan verschillen van opleiding tot opleiding.

  • Vb. Voor een opleiding van 180 studiepunten betekent ‘binnen de vooropgestelde studieduur’ dat de student er maximum 3 jaar over doet om af te studeren. De ‘vooropgestelde studieduur +1’ komt overeen met 4 jaar; de ‘vooropgestelde studieduur + 2 en meer’ komt overeen met 5 jaar en meer.”
  • Vb. De professionele bachelor Verpleegkunde heeft een studieomvang van 240 studiepunten en duurt bijgevolg 4 jaar. Als de student er in deze opleiding verpleegkunde slaagt binnen maximum 4 jaar, heeft hij ook het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur.

bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming