Techniek-wetenschappen - Derde graad - TSO

Studierichting "Techniek-wetenschappen"

Logische vooropleidingen zijn de 2de graad TSO Biotechnische wetenschappen of Techniek-wetenschappen.
Dit is een theoretische studierichting.
De nadruk ligt op de studie van de wetenschappen (biologie, fysica en vooral chemie) en op het onderzoek in het laboratorium.
Wiskunde is een erg belangrijke component.

De taalcomponent bereidt voor op de praktische communicatie en op de lectuur van vakliteratuur en handleidingen.
De wiskunde is van een hoog niveau en volgt hetzelfde leerplan als in de studierichtingen Biotechnische wetenschappen en Industriële wetenschappen.

Deze richting steunt op de volgende pijlers:
- Theoretische inzichten in de biologie, de chemie en de fysica met de ondersteunende wiskundige principes en afleidingen komen aan bod. In vergelijking met wiskundige richtingen in het ASO worden hier meer de toepassingen van de wiskunde in de wetenschappen beklemtoond.
- Door een ruim aanbod van laboratoriumproeven waarin de theorie getoetst wordt aan de werkelijkheid verwerf je concrete technische en praktische vaardigheden.
- Voor het verwerken van meetresultaten en het simuleren van processen zijn naast de wiskundige ook ict-vaardigheden vereist.
- De concrete maatschappelijke toepassingen en mogelijkheden van de 'techniek' en de 'wetenschappen' worden getoetst op hun verantwoord gebruik, rekening houdend met gezondheid, natuur en milieu.

Techniek-wetenschappen - Derde graad - TSO

 
Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten
 

Logische vooropleidingen zijn de 2de graad TSO Biotechnische wetenschappen of Techniek-wetenschappen.
Dit is een theoretische studierichting.
De nadruk ligt op de studie van de wetenschappen (biologie, fysica en vooral chemie) en op het onderzoek in het laboratorium.
Wiskunde is een erg belangrijke component.

De taalcomponent bereidt voor op de praktische communicatie en op de lectuur van vakliteratuur en handleidingen.
De wiskunde is van een hoog niveau en volgt hetzelfde leerplan als in de studierichtingen Biotechnische wetenschappen en Industriële wetenschappen.

Deze richting steunt op de volgende pijlers:
- Theoretische inzichten in de biologie, de chemie en de fysica met de ondersteunende wiskundige principes en afleidingen komen aan bod. In vergelijking met wiskundige richtingen in het ASO worden hier meer de toepassingen van de wiskunde in de wetenschappen beklemtoond.
- Door een ruim aanbod van laboratoriumproeven waarin de theorie getoetst wordt aan de werkelijkheid verwerf je concrete technische en praktische vaardigheden.
- Voor het verwerken van meetresultaten en het simuleren van processen zijn naast de wiskundige ook ict-vaardigheden vereist.
- De concrete maatschappelijke toepassingen en mogelijkheden van de 'techniek' en de 'wetenschappen' worden getoetst op hun verantwoord gebruik, rekening houdend met gezondheid, natuur en milieu.

Welke lessen krijg ik in "Techniek-wetenschappen" ?

De lessentabel bestaat uit maximaal 36 lestijden per week.

 
Filteren op net
   

Waar kan ik "Techniek-wetenschappen" volgen ?

  Toon alle scholen

Verfijn je zoekopdracht door één of meerdere filter(s) te selecteren.


Filteren op provincie:
Filteren op arrondissement:
Filteren op gemeente:
Filteren op net:
   
Filteren op methodeschool:
Filteren op schooleigenschap:
 
   

Wie wordt toegelaten tot "Techniek-wetenschappen" ?

Eerste leerjaar derde graad

Je wordt toegelaten:

  • als je geslaagd bent in het 2de leerjaar van de 2de graad ASO, TSO of KSO (hou wel rekening met eventuele clausuleringen).
  • als je een getuigschrift hebt van de 2de graad ASO, TSO of KSO behaald via Examencommissie van de Vlaamse Gemeenschap. In dit geval is er een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad over de keuze van de studierichting.
  • als je geslaagd bent in het 2de leerjaar van de 3de graad BSO. In dit geval is een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad.
  • als je leerling bent van het buitengewoon secundair onderwijs (Opleidingsvorm 1, 2, 3). In dit geval is er een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad.
De toelatingsklassenraad kan, onder bepaalde voorwaarden,  de gevolgen van een behaald B- of C-attest ongedaan maken.

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar. Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

Vanaf schooljaar 2014-2015 mag je, om toegelaten te worden, de leeftijd van 25 jaar niet hebben bereikt. Je mag secundair onderwijs volgen tot het einde van het schooljaar waarin je 25 wordt.  
De leeftijdsgrens telt niet:

  • als je in 2013-2014 voltijds gewoon secundair onderwijs hebt gevolgd en vanaf het schooljaar 2014-2015 je secundaire studies verderzet;
  • in de voorbereidende jaren op het hoger onderwijs, Se-n-Se-jaren, specialisatiejaren, het naamloos leerjaar en deze opleidingen van de derde graad TSO: optiektechnieken, orthopedietechnieken en tandtechnieken.

Tweede leerjaar derde graad

Je wordt toegelaten:

  • als je geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad TSO van dezelfde studierichting;
  • als je geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad TSO van een andere studierichting van hetzelfde studiegebied. In dit geval is een gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad nodig.
  • als je geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad ASO, TSO of KSO in een studierichting van een ander studiegebied.
    In dit geval is een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad na kennisname van advies delibererende klassenraad van studierichting die leerling in 1ste leerjaar van 3de graad met vrucht heeft gevolgd en deze beslissing is gebaseerd op ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen.
De toelatingsklassenraad kan, onder bepaalde voorwaarden,  de gevolgen van een behaald B- of C-attest ongedaan maken.

In afwijking van voorgaande voorwaarden kunnen leerlingen met tekorten voor bepaalde programmaonderdelen in het onderliggend leerjaar worden toegelaten.
In dit geval is een gunstige beslissing nodig van de toelatingsklassenraad van het structuuronderdeel waarvoor de leerling opteert na overleg met de delibererende klassenraad van het structuuronderdeel waaruit de leerling komt.
De inrichtende macht beslist of de school gebruik maakt van deze afwijkingsmogelijkheid.
De bedoeling is rekening te houden in individuele gevallen met specifieke onderwijskundige of organisatorische argumenten en meer individuele leertrajecten aan te bieden.
Als de school van die afwijking gebruik maakt gelden volgende uitzonderlijke modaliteiten:

  • de tekorten moeten weggewerkt zijn vóór het einde van het 2de leerjaar van de 3de graad (bv. via remediëring, bijkomende opdrachten, ...).
  • in het 1ste leerjaar wordt het oriënteringsattest vervangen door het attest regelmatige lesbijwoning
  • beslist de delibererende klassenraad van het 2de leerjaar van de 3de graad om een oriënteringsattest A van het 1ste leerjaar toe te kennen aan leerlingen die tekorten van het 1ste leerjaar hebben weggewerkt maar niet geslaagd zijn in het 2de leerjaar.


Leerlingen met een attest van regelmatige lesbijwoning over het 1ste leerjaar van de 3de graad, binnen het systeem van uitstel van de delibererende klassenraad tot het einde van desbetreffende graad, worden ook toegelaten.

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar.
Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

Vanaf schooljaar 2014-2015 mag je, om toegelaten te worden, de leeftijd van 25 jaar niet hebben bereikt.
Je mag secundair onderwijs volgen tot het einde van het schooljaar waarin je 25 wordt.  
De leeftijdsgrens telt niet:

  • als je in 2013-2014 voltijds gewoon secundair onderwijs hebt gevolgd en vanaf het schooljaar 2014-2015 je secundaire studies verderzet;
  • in de voorbereidende jaren op het hoger onderwijs, Se-n-Se-jaren, specialisatiejaren, het naamloos leerjaar en deze opleidingen van de derde graad TSO: optiektechnieken, orthopedietechnieken en tandtechnieken.

Wat kan je behalen na "Techniek-wetenschappen" ?


Eerste leerjaar derde graad

Je kan één van volgende Oriënteringsattesten behalen: A, B of C:

  • een Oriënteringsattest A, als je GESLAAGD bent;
  • een Oriënteringsattest B, als je GESLAAGD bent MAAR niet verder TSO mag volgen (dus enkel BSO is mogelijk);
  • een Oriënteringsattest C, als je NIET GESLAAGD bent;
  • een Attest van regelmatige lesbijwoning.
    Indien een school werkt volgens ‘het systeem van uitstel van de delibererende klassenraad tot het einde van een graad’, krijg je hiermee toelating tot het 2de leerjaar van de 3de graad.

Tweede leerjaar derde graad

Je behaalt:

  • een Diploma Secundair Onderwijs, als je GESLAAGD bent.
  • een Oriënteringsattest C als je NIET GESLAAGD bent.
  • een getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer wanneer de delibererende klassenraad beslist dat je voldaan hebt voor het programma bedrijfsbeheer.
    Let wel: de mogelijkheid wordt voorzien om dit getuigschrift uit te reiken.
    Dit is geen verplichting!

Mag ik tijdens het schooljaar nog veranderen ?


Eerste leerjaar derde graad

Veranderen van school mag altijd.
Tot en met 15 januari mag je binnen hetzelfde leerjaar veranderen van onderwijsvorm en/of studierichting.
In uitzonderlijke gevallen* kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan na 15 januari.

Tweede leerjaar derde graad

Veranderen van school mag altijd.
Veranderen van richting is niet toegelaten
In uitzonderlijke gevallen* kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan.

* Wanneer een overgang van studierichting en/of onderwijsvorm echt aangewezen is voor een individuele leerling, kan de toelatingsklassenraad een overgang toestaan na 15 januari
Het is onmogelijk een limitatieve lijst van ‘uitzonderlijke gevallen’ voor op te stellen. Na kennisname van het advies van de begeleidende klassenraad van de studierichting die de leerling tot dan toe volgt, beslist de toelatingsklassenraad of er ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen zijn. 
Zo kunnen bv. een verhuis naar een regio waar de tot dan toe gevolgde studierichting niet bestaat, psychische problemen die verband houden met een foute studiekeuze, studieverandering omwille van de aansluiting met een studiekeuze hoger onderwijs  of een allergie aan producten die eigen zijn aan de opleiding… geldige redenen zijn.

 

Wat na "Techniek-wetenschappen" ?

Techniek-wetenschappen heeft weinig of geen onmiddellijke tewerkstellingskansen op de arbeidsmarkt.
Na deze richting is verder studeren in het hoger onderwijs eigenlijk logisch. Afhankelijk van je capaciteiten, interesse en inzet is een doorstroming naar het hoger onderwijs mogelijk. Je krijgt hier per onderwijsniveau een oplijsting van een aantal inhoudelijk verwante vervolgopleidingen. Let wel dat een inhoudelijke verwantschap van een richting niet wil niet zeggen dat die richting vlot haalbaar is.

Se-n-Se

Je wordt toegelaten tot alle Se-n-Se-opleidingen van dit studiegebied.
Dit betekent echter niet dat alle overgangen vanzelfsprekend zijn.
Als je een Se-n-Se-opleiding wilt volgen in een ander studiegebied heb je de toestemming nodig van de toelatingsklassenraad van de school. 

Dit zijn de Se-n-Se-jaren van dit studiegebied:

Apotheekassistent (TSO - Se-n-Se)

Biochemie (TSO - Se-n-Se)



Drogisterij-cosmetica (TSO - Se-n-Se)


Voorbereidend jaar

In het aso en kso worden 7de jaren ingericht als voorbereidend jaar op het hoger onderwijs.
In het aso gaat het om een jaar dat tekorten in de vooropleiding wiskunde en wetenschappen wil bijwerken.
In het kso bereiden deze jaren voor op de artistieke toelatingsproeven van het hoger onderwijs. 
Sommige voorbereidende jaren worden in geen enkele school ingericht. Dit kan jaarlijks wijzigen. 

Professionele Bachelors

Je mag starten in een professionele bacheloropleiding. Na de richtingen van dit studiegebied is dergelijke overstap meestal geen probleem, zeker niet als je kiest voor een inhoudelijk verwante richting. Houd bij je keuze steeds rekening met je vooropleiding. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.

Dit zijn de inhoudelijk aansluitende opleidingen:









































Academische Bachelors

Je mag starten in de meeste academische bacheloropleidingen, doch voor enkele opleidingen gelden extra toelatingsvoorwaarden.
Let wel dat het academisch onderwijs sterk theoretisch is. Na Techniek-Wetenschappen zijn hier, mits voldoende inzet, zeker mogelijkheden. De studierendementscijfers die bij elke richting vermeld worden onder het gelijknamige tabblaadje, informeren je over gemaakte keuzes en gemiddeld studiesucces.
Je doet er goed aan je keuze en je kansen op studiesucces vooraf grondig te bespreken met je ouders, leerkrachten, het CLB,...

HBO

Het hoger beroepsonderwijs positioneert zich op niveau 5 van de Vlaamse kwalificatiestructuur; vandaar de roepnaam HBO5. 
De opleidingen uit het HBO bereiden voor op het uitoefenen van een beroep.
Zij maken deel uit van het hoger onderwijs en situeren zich net onder de professionele bachelor.
Het HBO5 omvat de hogere opleidingen van het Volwassenenonderwijs en de opleiding Verpleegkunde.
Als je in het bezit bent van een diploma secundair mag je zeker starten. Als je dit niet hebt, controleer dan goed de toelatingsvoorwaarden.

7de specialisatiejaren BSO

Vanuit dit studiegebied kiezen voor een zevende jaar BSO is onlogisch.
Wettelijk mag het enkel als de toelatingsklassenraad van de school het toelaat. Je kiest dan voor een 7de specialisatiejaar in een ander studiegebied, omdat er in dit studiegebied geen georganiseerd worden.

Er worden in dit studiegebied geen/andere 7de specialisatiejaren BSO georganiseerd.

 

Uiteraard zijn nog andere keuzes mogelijk.
Er zijn ook opleidingsmogelijkheden in het Volwassenenonderwijs, bij Syntra, bij VDAB, bij Defensie, Politie, ...

Mogelijke beroepen

Hier een overzicht van beroepen die mogelijk zijn na deze opleiding. Enkel beroepen uit de beroependatabase van Onderwijskiezer zijn vermeld. Er kunnen dus steeds nog andere mogelijkheden zijn. Klik op een beroep voor meer informatie.



Studierendement

Professionele bachelor Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Agro- en Biotechnologie 162 3,82% 81,16% 7 8 11 28 106 2
Bedrijfsmanagement 35 0,82% 63,20% 3 3 7 11 9 2
Biomedische laboratoriumtechnologie 448 10,56% 72,78% 17 34 65 107 218 7
Bouw 68 1,60% 70,40% 7 6 2 16 34 3
Business Management 35 0,82% 63,20% 3 3 7 11 9 2
Business Management Marketing (E) 35 0,82% 63,20% 3 3 7 11 9 2
Chemie 521 12,28% 72,93% 19 49 54 139 255 5
Digital arts and entertainment 63 1,48% 52,90% 8 7 14 15 16 3
Elektromechanica 94 2,21% 73,59% 5 6 8 26 44 5
Elektronica - ICT 55 1,30% 70,96% 5 5 5 14 23 3
Ergotherapie 65 1,53% 75,69% 6 3 6 12 37 1
International Business Management (E) 35 0,82% 63,20% 3 3 7 11 9 2
Lager onderwijs 83 1,96% 70,10% 3 10 9 22 37 2
Multimedia en communicatietechnologie 63 1,48% 52,90% 8 7 14 15 16 3
Ontwerp- en productietechnologie 35 0,82% 71,81% 4 6 8 16 1
Orthopedagogie 33 0,78% 71,71% 4 6 5 18
Secundair onderwijs 240 5,66% 64,25% 26 26 27 64 91 6
Sociaal werk 33 0,78% 79,99% 1 1 5 5 19 2
Toegepaste architectuur 30 0,71% 79,46% 1 1 4 5 18 1
Toegepaste informatica 100 2,36% 62,20% 13 16 9 18 35 9
Verpleegkunde 168 3,96% 81,90% 5 4 19 25 110 5
Voedings- en dieetkunde 61 1,44% 81,30% 3 1 4 15 38
Vroedkunde 39 0,92% 79,44% 4 3 11 21


Academische bachelor Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Architectuur 80 1,89% 58,30% 10 9 12 16 26 7
Bio-ingenieurswetenschappen 37 0,87% 41,86% 6 7 10 7 4 3
Biologie 70 1,65% 45,44% 10 11 21 16 11 1
Biomedische wetenschappen 112 2,64% 51,57% 16 19 21 27 25 4
Biowetenschappen 37 0,87% 55,64% 4 6 6 11 8 2
Chemie 47 1,11% 54,90% 5 7 5 12 11 7
Farmaceutische wetenschappen 60 1,41% 55,30% 4 10 9 15 17 5
Industriële wetenschappen 723 17,04% 49,84% 92 153 131 149 164 34
Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie 128 3,02% 52,45% 16 27 20 17 39 9

Per studierichting die je kan volgen in het secundair onderwijs kan je hier bekijken wat de studieresultaten zijn als die leerlingen beginnen in een bacheloropleiding in het hoger onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. De tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit deze secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit deze secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit deze secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit deze secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement


bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Wanneer bachelordiploma behaald?

Bachelordiploma behaald Geen bachelordiploma behaald
Professionele bachelor Academische bachelor
na 3 jaar na 4 jaar na 5 jaar na 3 jaar na 4 jaar na 5 jaar na 5 jaar
26,98 % 18,46 % 7,48 % 8,33 % 5,34 % 2,38 % 31,03 %

Aantal studenten 3893
Aantal studenten rechtstreeks naar HO 3651
Participatiegraad 93,78%

Hoe dit interpreteren?

De tabel toont het percentage van leerlingen uit deze secundaire studierichting, die hun 1e bachelordiploma behalen na resp. 3, 4 of 5 academiejaren. Het behalen van een bachelordiploma betekent dat de student geslaagd verklaard is voor het geheel van de bacheloropleiding.
In de berekeningen worden enkel jongeren meegenomen die zich onmiddellijk na het secundair onderwijs, voor het eerst in een academische of professionele bachelor inschrijven met een diplomacontract, aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.
De cijfers hebben betrekking op de generatiestudenten periode 2005-2010.

Uitleg:

26,98 % van de studenten die onmiddellijk na deze secundaire studierichting gestart zijn in een bacheloropleiding (professionele of academische bachelor), behaalt na drie jaar een diploma van professionele bachelor.

Geen bachelordiploma behaald:

31,03 %van de studenten die onmiddellijk na deze secundaire studierichting gestart zijn in hetzij een professionele hetzij een academische bachelor, behaalde geen diploma binnen de 5 jaar.

Opgelet:

  • Enkel het eerst behaalde bachelordiploma wordt meegeteld. Enkel als een student in hetzelfde academiejaar een eerste academische bachelor én een eerste professionele bachelor behaalt, worden beide diploma’s meegeteld. 
  • Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (minimum 30) uit deze secundaire studierichting onmiddellijk overstapt naar een bachelor, worden de cijfers weergegeven. . Bij minder studenten zijn de cijfers weinig betekenisvol.
  • Deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het behalen van een bachelordiploma.

bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming