Naamloos leerjaar - Derde graad - BSO

Studierichting "Naamloos leerjaar"

Een naamloos leerjaar kan vanaf schooljaar 2014-2015 enkel worden ingericht als er minstens 28u per week besteed wordt aan basisvorming.
Dit algemeen zevende jaar is een voorbereidend jaar op het hoger onderwijs.
Een uitgesproken interesse wordt verwacht voor wiskunde en wetenschappen.
Ook bedrijfsbeheer staat op het programma. 

Je leert in dit jaar je vroegere praktisch-concrete aanpak (typisch BSO) ombuigen naar een meer theoretisch-abstracte benadering. 
Dat is nodig om hoger onderwijs te kunnen volgen.
Zowel het klassikaal als persoonlijk werkritme ligt hier aanzienlijk hoger dan in een specialisatiejaar van het BSO-niveau.
 Er wordt getracht je als leerling te brengen op het niveau van de TSO-eindtermen voor o.a. talen, de wiskundige en wetenschappelijke vorming. 

Naamloos leerjaar - Derde graad - BSO

 

Een naamloos leerjaar kan vanaf schooljaar 2014-2015 enkel worden ingericht als er minstens 28u per week besteed wordt aan basisvorming.
Dit algemeen zevende jaar is een voorbereidend jaar op het hoger onderwijs.
Een uitgesproken interesse wordt verwacht voor wiskunde en wetenschappen.
Ook bedrijfsbeheer staat op het programma. 

Je leert in dit jaar je vroegere praktisch-concrete aanpak (typisch BSO) ombuigen naar een meer theoretisch-abstracte benadering. 
Dat is nodig om hoger onderwijs te kunnen volgen.
Zowel het klassikaal als persoonlijk werkritme ligt hier aanzienlijk hoger dan in een specialisatiejaar van het BSO-niveau.
 Er wordt getracht je als leerling te brengen op het niveau van de TSO-eindtermen voor o.a. talen, de wiskundige en wetenschappelijke vorming. 

 

Voorbereidend jaar Se-n-Se Voorbereidend jaar

Se-n-Se
7de specialisatiejaar

6e leerjaar ASO

6e leerjaar TSO

6e leerjaar KSO

6e leerjaar BSO


Leertijd
Deeltijds BSO

5e leerjaar ASO

5e leerjaar TSO

5e leerjaar KSO

5e leerjaar BSO

 

Situering binnen studiegebied "Richtingen die niet behoren tot een studiegebied."

 
Se-n-Se / 7e jr. / Voorbereidend jr.

Naamloos leerjaar (BSO)

 

Welke lessen krijg ik in "Naamloos leerjaar" ?

 
Filteren op net
   

Waar kan ik "Naamloos leerjaar" volgen ?

  Toon alle scholen

Verfijn je zoekopdracht door één of meerdere filter(s) te selecteren.


Filteren op provincie:
Filteren op arrondissement:
Filteren op gemeente:
Filteren op net:
   
Filteren op methodeschool:
Filteren op schooleigenschap:
 
   
Aantal instellingen gerangschikt per postcode:

Wie wordt toegelaten tot "Naamloos leerjaar" ?

Je kunt starten in het 3de leerjaar van de 3de graad, ingericht als een naamloos jaar (7 BSO) als je ofwel:

  • een diploma secundair onderwijs hebt behaald via het BSO.
  • een studiegetuigschrift van het 2de leerjaar van de 3de graad van het S.O. hebt.

Kom je uit een niet-Vlaamse onderwijsinstelling (buitenlandse -, Frans- of Duitstalige school in België) of uit een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN), dan kan de toelatingsklassenraad van de school je toelaten tot dit leerjaar.
Dit moet beslist worden binnen de 25 lesdagen vanaf je start in dat leerjaar.

Wat kan je behalen na "Naamloos leerjaar" ?


Je behaalt ofwel:

  • het diploma van secundair onderwijs, als je al een getuigschrift van de 2de graad van het secundair onderwijs hebt én geslaagd bent in het 1ste leerjaar van de 3de graad + in het 2de leerjaar van de 3de graad BSO + in het 3de leerjaar van de 3de graad BSO, ingericht als een specialisatiejaar;
  • een C-attest als je NIET GESLAAGD bent maar het specialisatiejaar wel beëindigd heb ofwel het leerjaar, de onderwijsvorm en de studierichting slechts gedurende een gedeelte van het schooljaar in de betrokken school hebt gevolgd;
  • een getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer wanneer de delibererende klassenraad beslist dat je voldaan hebt voor het programma bedrijfsbeheer.
    Let wel: de mogelijkheid wordt voorzien om dit getuigschrift uit te reiken.
    Dit is geen verplichting!

Mag ik tijdens het schooljaar nog veranderen ?


Veranderen van school mag altijd.
Tot en met 30 september mag je binnen hetzelfde leerjaar veranderen van onderwijsvorm en/of studierichting. Voor uitzonderlijke gevallen kan de toelatingsklassenraad afwijken van deze datum onder volgende voorwaarden:
a)na kennisname van advies van de begeleidende klassenraad van de studierichting die de leerling tot dan volgt; 
b) omwille van ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige redenen.

Wat na "Naamloos leerjaar" ?

Na dit jaar kan je desgewenst doorstromen naar het hoger onderwijs.
Hou bij de keuze terdege rekening met je vooropleiding. 

 

Studierendement

Professionele bachelor Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
bedrijfsmanagement 50 7,11 % 34,01 % 13 11 9 8 4 5
onderwijs: secundair onderwijs 33 4,69 % 43,51 % 8 5 3 7 7 3





Per bachelor- en graduaatsopleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs (SO). De resultaten geven weer voor welk % van de opleiding de studenten slaagden in hun 1e jaar hoger onderwijs.
Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het 1e jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het 1e jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een bepaalde studierichting SO. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.

De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een bepaalde studierichting SO, zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.
Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor of graduaatsopleiding,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een VLAAMSE universiteit of hogeschool.

  • Secundaire studierichting: de studierichting in het secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
  • Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele bachelor, academische bachelor of graduaatsopleiding waarin men zich voor het eerst inschrijft na het secundair onderwijs.
  • Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding of graduaatsopleiding van het hoger onderwijs.
  • Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een bepaalde secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een zelfde secundaire studierichting voor een bepaalde opleiding hoger onderwijs kiest, worden de cijfers weergegeven.

Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement


bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Wanneer bachelordiploma behaald?

Bachelordiploma behaald Geen bachelordiploma behaald
Professionele bachelor Academische bachelor
binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer binnen vooropgestelde studieduur vooropgestelde studieduur +1 vooropgestelde studieduur +2 en meer na vooropgestelde studieduur +2 en meer
6,08 % 5,70 % 3,42 % 0,38 % 0,13 % 0,13 % 84,18 %

Aantal studenten
Aantal studenten rechtstreeks naar HO 790
Participatiegraad 21,22%

Hoe dit interpreteren?

1 voltijds studiejaar komt overeen met 60 studiepunten.
Een standaard bacheloropleiding heeft een studieomvang van 180 studiepunten en duurt dus meestal 3 academiejaren. Als de student voor het geheel van zo’n standaardopleiding in maximum 3 jaar slaagt, heeft hij het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur*.

Het gebeurt dat studenten er 1 à 2 jaar langer over doen alvorens ze het bachelordiploma behalen. Of zelfs meer. In dat geval is er sprake van ‘vooropgestelde studieduur + 1’ of ‘vooropgestelde studieduur + 2’. Het gebeurt ook dat studenten na minimum 5 jaar studie, het bachelordiploma (nog) niet behaald hebben.

De tabel toont het percentage van leerlingen uit deze studierichting (secundair onderwijs, 3e graad), die hun 1e bachelordiploma behalen na resp. de vooropgestelde studieduur, de vooropgestelde studieduur + 1 jaar en de vooropgestelde studieduur + 2 jaar en meer. Het behalen van een bachelordiploma betekent dat de student geslaagd verklaard is voor het geheel van de bacheloropleiding.

In de berekeningen worden enkel jongeren meegenomen die zich onmiddellijk na het secundair onderwijs, voor het eerst in een academische of professionele bachelor inschrijven met een diplomacontract, aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.
De cijfers hebben betrekking op de generatiestudenten periode van 2010-2011 tot en met 2015-2016.


Uitleg:

6,08 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting secundair onderwijs (SO) gestart zijn in een bacheloropleiding (professionele of academische bachelor), behaalt na de vooropgestelde studieduur een diploma van professionele bachelor.

(nog) Geen bachelordiploma behaald:

84,18 % van de studenten die onmiddellijk na deze studierichting SO gestart zijn in hetzij een professionele hetzij een academische bachelor, behaalde (nog) geen diploma binnen de vooropgestelde studieduur+ 2 jaar.

Opgelet:

  • Enkel het eerst behaalde bachelordiploma wordt meegeteld. Enkel als een student in hetzelfde academiejaar een eerste academische bachelor én een eerste professionele bachelor behaalt, worden beide diploma’s meegeteld.
  • Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (minimum 30) uit deze studierichting SO onmiddellijk overstapt naar een bachelor, worden de cijfers weergegeven. Bij minder studenten zijn de cijfers weinig betekenisvol.
  • Deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het behalen van een bachelordiploma.

* Vooropgestelde studieduur: wordt bepaald op het moment van afstuderen op basis van de studieomvang van de opleiding.
De vooropgestelde studieduur kan verschillen van opleiding tot opleiding.

  • Vb. Voor een opleiding van 180 studiepunten betekent ‘binnen de vooropgestelde studieduur’ dat de student er maximum 3 jaar over doet om af te studeren. De ‘vooropgestelde studieduur +1’ komt overeen met 4 jaar; de ‘vooropgestelde studieduur + 2 en meer’ komt overeen met 5 jaar en meer.”
  • Vb. De professionele bachelor Verpleegkunde heeft een studieomvang van 240 studiepunten en duurt bijgevolg 4 jaar. Als de student er in deze opleiding verpleegkunde slaagt binnen maximum 4 jaar, heeft hij ook het bachelordiploma behaald binnen de vooropgestelde studieduur.

bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming