Toegepaste taalkunde - Academische bachelor

 

Algemene info


Toegepaste taalkunde mag niet worden verward met de afstudeerrichtingen in het hoger professioneel onderwijs met in de naam "vertalen en/of tolken (Office management) of communicatie (Communicatiemanagement), noch met Taal- en letterkunde. 
De opleiding bestaat uit algemene vakken, de studie van het Nederlands en van 2 vreemde talen:
- Ten minste 1 taal is Frans, Engels, Duits. 
- De 2de taal kan Frans, Engels of Duits zijn + Spaans, Italiaans, Russisch, Portugees, Arabisch, Deens, Tsjechisch, Turks of Vlaamse gebarentaal.
Een universiteit kan keuzevakken of een 3de vreemde taal (te kiezen uit bovengenoemde, maar ook Litouws, Pools, Nieuwgrieks, Turks, Zweeds, Japans, Marokkaans Arabisch of Chinees) aanbieden.
Voor het Frans en het Engels veronderstelt men een voorkennis op het niveau van het einde van het secundair onderwijs.  
Voor het Duits mag het niveau van de voorkennis lager zijn. Voor de andere talen is geen voorkennis vereist.

De algemene vakken worden vooral in de bachelorjaren gegeven: recht, economie, geschiedenis, sociologie, filosofie en esthetica.
Enkele algemene cursussen brengen taalkundige kennis bij: encyclopedie van de vertaling, algemene stilistiek, algemene dialectologie en taalsociologie, vergelijking van de Indo-Europese talen.
Het pakket Nederlands bevat theoretische cursussen en oefeningen in spelling, fonetiek, taalvaardigheid, taalverrijking, taalzuivering, lexicologie en grammatica. In principe is het Nederlands altijd de doeltaal.
Dit is de taal waarnaar een vertaler of een tolk steeds moet vertalen. 
Een perfecte beheersing van het Nederlands is dan ook een noodzaak.
Na het 3de bachelorjaar moet een master worden gekozen.
Hier zijn er verschillende afstudeerrichtingen:
- Meertalige communicatie
- Tolken
- Vertalen


Voor wie?
Zoek je naar een talenstudie van het hoogste niveau die praktisch gericht is, dan ben je bij de opleiding Toegepaste taalkunde aan het juiste adres.
Talen studeren is hier echt een kwestie van talen perfect leren beheersen, begrijpen, lezen, spreken, schrijven. 
Toegepaste taalkunde combineert een praktijkgerichte aanpak met een serieuze academische onderbouwing. 


Aanvullende info:

KU Leuven - Campus Brussel

Mogelijke talen: Duits, Engels, Frans, Italiaans, Pools en Spaans.
Naast het algemene traject toegepaste taalkunde kunnen studenten nu ook kiezen voor toegepaste taalkunde met de optie taal- en letterkunde
Voor twee talen (keuze uit Nederlands, Engels en Frans) volgen studenten een component taalbeheersing, taalkunde en literatuur.  Voor de derde taal krijgen ze dezelfde vorming qua taalbeheersing, maar slechts een basis in taalkunde en geen literatuur. Na de start in Brussel stromen studenten door naar de derde fase taal- en letterkunde in Leuven.

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

De eerste twee jaar van je opleiding krijg je intensieve vaardigheidstraining in twee talen. Dit kunnen vreemde talen zijn (Duits, Engels, Frans en Spaans), maar je kan ook één vreemde taal combineren met Nederlands om je vaardigheden in je moedertaal te verfijnen. Vanaf het derde jaar kan je nog een derde taal aan je repertoire toevoegen.

In het tweede jaar wordt er per taal een onderdeel cultuur toegevoegd. Hier vergaar je kennis over de geschiedenis, instellingen en de gewoontes van de gemeenschap(pen) waar de talen waarin je je specialiseert, gesproken worden. Je krijgt ook de mogelijkheid om via keuzevakken een persoonlijke toets te geven aan je opleiding.

In de loop van het derde jaar maak je je keuze voor een van de drie masteropleidingen. Het is dan ook belangrijk dat je nu goed vertrouwd bent met drie specialisaties die voor de hand liggen: vertalen, tolken en journalistiek. In deze opleidingsonderdelen verwerf je zowel theoretische inzichten als praktische ervaring.
 

KU Leuven - Campus Sint Andries Antwerpen

Je kiest twee vreemde talen uit een pakket van acht (Duits, Engels, Frans, Arabisch, Italiaans, Russisch, Spaans en Vlaamse Gebarentaal). Duits, Engels of Frans moet een van de keuzetalen zijn.

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

Je kiest voor een combinatie A + B + B of A + B + C waarbij:

  • A = Nederlands
  • B = Duits, Engels of Frans (voorkennis vereist)
  • C = Chinees, Italiaans, Portugees of Spaans (geen voorkennis vereist)

Vanaf het tweede bachelorjaar kan je je verder profileren aan de hand van de vrije studieruimte. Je kiest tussen:

  • een derde vreemde taal
  • opleidingsonderdelen van een andere bachelor: toegepaste economische wetenschappen, rechten, geschiedenis, taal- en letterkunde, communicatiewetenschappen, …
  • een extra opstapje naar de masteropleiding in het vertalen of tolken: vertaaltechnologie of mondeling Nederlands.

Universiteit Gent - Campus Gent

Je kiest vanaf de start voor twee vreemde talen (uit Duits, Engels, Frans, Italiaans, Russisch, Spaans en Turks; één van de vreemde talen moet Engels, Duits of Frans zijn) en voor een volwaardig pakket Nederlands. Voor Nederlands is moedertaalkennis noodzakelijk. Als je kiest voor Frans en Engels, dan is een degelijke basiskennis van de taal vereist. Voor de andere talen wordt geen voorkennis verwacht.


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Toegepaste taalkunde - Academische bachelor

Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

 

Algemene info


Toegepaste taalkunde mag niet worden verward met de afstudeerrichtingen in het hoger professioneel onderwijs met in de naam "vertalen en/of tolken (Office management) of communicatie (Communicatiemanagement), noch met Taal- en letterkunde. 
De opleiding bestaat uit algemene vakken, de studie van het Nederlands en van 2 vreemde talen:
- Ten minste 1 taal is Frans, Engels, Duits. 
- De 2de taal kan Frans, Engels of Duits zijn + Spaans, Italiaans, Russisch, Portugees, Arabisch, Deens, Tsjechisch, Turks of Vlaamse gebarentaal.
Een universiteit kan keuzevakken of een 3de vreemde taal (te kiezen uit bovengenoemde, maar ook Litouws, Pools, Nieuwgrieks, Turks, Zweeds, Japans, Marokkaans Arabisch of Chinees) aanbieden.
Voor het Frans en het Engels veronderstelt men een voorkennis op het niveau van het einde van het secundair onderwijs.  
Voor het Duits mag het niveau van de voorkennis lager zijn. Voor de andere talen is geen voorkennis vereist.

De algemene vakken worden vooral in de bachelorjaren gegeven: recht, economie, geschiedenis, sociologie, filosofie en esthetica.
Enkele algemene cursussen brengen taalkundige kennis bij: encyclopedie van de vertaling, algemene stilistiek, algemene dialectologie en taalsociologie, vergelijking van de Indo-Europese talen.
Het pakket Nederlands bevat theoretische cursussen en oefeningen in spelling, fonetiek, taalvaardigheid, taalverrijking, taalzuivering, lexicologie en grammatica. In principe is het Nederlands altijd de doeltaal.
Dit is de taal waarnaar een vertaler of een tolk steeds moet vertalen. 
Een perfecte beheersing van het Nederlands is dan ook een noodzaak.
Na het 3de bachelorjaar moet een master worden gekozen.
Hier zijn er verschillende afstudeerrichtingen:
- Meertalige communicatie
- Tolken
- Vertalen


Voor wie?
Zoek je naar een talenstudie van het hoogste niveau die praktisch gericht is, dan ben je bij de opleiding Toegepaste taalkunde aan het juiste adres.
Talen studeren is hier echt een kwestie van talen perfect leren beheersen, begrijpen, lezen, spreken, schrijven. 
Toegepaste taalkunde combineert een praktijkgerichte aanpak met een serieuze academische onderbouwing. 


Aanvullende info:

KU Leuven - Campus Brussel

Mogelijke talen: Duits, Engels, Frans, Italiaans, Pools en Spaans.
Naast het algemene traject toegepaste taalkunde kunnen studenten nu ook kiezen voor toegepaste taalkunde met de optie taal- en letterkunde
Voor twee talen (keuze uit Nederlands, Engels en Frans) volgen studenten een component taalbeheersing, taalkunde en literatuur.  Voor de derde taal krijgen ze dezelfde vorming qua taalbeheersing, maar slechts een basis in taalkunde en geen literatuur. Na de start in Brussel stromen studenten door naar de derde fase taal- en letterkunde in Leuven.

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

De eerste twee jaar van je opleiding krijg je intensieve vaardigheidstraining in twee talen. Dit kunnen vreemde talen zijn (Duits, Engels, Frans en Spaans), maar je kan ook één vreemde taal combineren met Nederlands om je vaardigheden in je moedertaal te verfijnen. Vanaf het derde jaar kan je nog een derde taal aan je repertoire toevoegen.

In het tweede jaar wordt er per taal een onderdeel cultuur toegevoegd. Hier vergaar je kennis over de geschiedenis, instellingen en de gewoontes van de gemeenschap(pen) waar de talen waarin je je specialiseert, gesproken worden. Je krijgt ook de mogelijkheid om via keuzevakken een persoonlijke toets te geven aan je opleiding.

In de loop van het derde jaar maak je je keuze voor een van de drie masteropleidingen. Het is dan ook belangrijk dat je nu goed vertrouwd bent met drie specialisaties die voor de hand liggen: vertalen, tolken en journalistiek. In deze opleidingsonderdelen verwerf je zowel theoretische inzichten als praktische ervaring.
 

KU Leuven - Campus Sint Andries Antwerpen

Je kiest twee vreemde talen uit een pakket van acht (Duits, Engels, Frans, Arabisch, Italiaans, Russisch, Spaans en Vlaamse Gebarentaal). Duits, Engels of Frans moet een van de keuzetalen zijn.

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

Je kiest voor een combinatie A + B + B of A + B + C waarbij:

  • A = Nederlands
  • B = Duits, Engels of Frans (voorkennis vereist)
  • C = Chinees, Italiaans, Portugees of Spaans (geen voorkennis vereist)

Vanaf het tweede bachelorjaar kan je je verder profileren aan de hand van de vrije studieruimte. Je kiest tussen:

  • een derde vreemde taal
  • opleidingsonderdelen van een andere bachelor: toegepaste economische wetenschappen, rechten, geschiedenis, taal- en letterkunde, communicatiewetenschappen, …
  • een extra opstapje naar de masteropleiding in het vertalen of tolken: vertaaltechnologie of mondeling Nederlands.

Universiteit Gent - Campus Gent

Je kiest vanaf de start voor twee vreemde talen (uit Duits, Engels, Frans, Italiaans, Russisch, Spaans en Turks; één van de vreemde talen moet Engels, Duits of Frans zijn) en voor een volwaardig pakket Nederlands. Voor Nederlands is moedertaalkennis noodzakelijk. Als je kiest voor Frans en Engels, dan is een degelijke basiskennis van de taal vereist. Voor de andere talen wordt geen voorkennis verwacht.


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Toegepaste taalkunde 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Arts

Studiegebied: Toegepaste taalkunde

Belangstellingsdomeinen: Literatuur, Talen,

Schoolvakken SO: Communicatieve vaardigheden, Duits, Engels, Frans, Nederlands, Spaans,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied








een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Warmoesberg 26  1000 Brussel
02 210 12 11    


Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


Sint-Andriesstraat 2  2000 Antwerpen
03 502 15 00    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

Een tolk vertaalt mondeling, hetzij rechtstreeks of op basis van opnamen, voordrachten, gesprekken en tussenkomsten uit vreemde talen naar het Nederlands (in België ook naar de vreemde taal).
Tolken gebeurt simultaan of consecutief.
Simultaan vertalen is gelijktijdig vertalen, in een cabine via een microfoon, terwijl de spreker de uiteenzetting houdt.
Het consecutief vertalen is het correct weergeven van de informatieve inhoud van en na een mondelinge uiteenzetting, mededeling of interventie.
In een gesprek vertaalt de tolk onmiddellijk na een of twee zinnen. Dit noemt men gesprekstolken.
Specialisatie als conferentietolk is mogelijk. Er dient opgemerkt te worden dat slechts een zeer beperkt percentage van de afgestudeerde tolken werkt als tolk.
Heel wat tolken werken als vertaler.
Een vertaler kan schriftelijke teksten omzetten van een vreemde taal naar het Nederlands.
Hij moet ook een gesproken tekst correct kunnen samenvatten.
Hij mag hierbij gebruik maken van informatiebronnen. Men vertaalt bij voorkeur van de vreemde taal naar zijn moedertaal.
In België is het evenwel gebruikelijk ook naar de vreemde taal te vertalen.
Hij kan zich specialiseren in bepaalde vakgebieden (recht, economie, politiek, literatuur, handel, financiën). Hij is ook opgeleid om te werken als ondertitelaar bij televisie en film.
Vertalers en tolken komen in aanmerking voor uiteenlopende jobs waarbij talenkennis belangrijk is, zoals vertaalbureaus en -diensten van bedrijven, de overheid en internationale instellingen.

De opleiding tot master in journalistiek leert je competenties nodig om te funtioneren als journalist voor de gedrukte media, de audiovisuele pers en multimediaredacties.
Journalisten moeten in de eerste plaats over een brede kijk op de realiteit, de maatschappij en de wereld beschikken.
Zij moeten voldoende communicatie- en informatievaardigheden verwerven, wetenschappelijk onderlegd zijn en een gedegen kennis van de journalistieke deontologie hebben.
Je moet in staat zijn relevante informatie te vinden en op een aantrekkelijke manier over te brengen in de audiovisuele of geschreven pers. Je werkt bij krant, tijdschrift, internet, televisie en radio als hoofd- of eindredacteur, vormgever of verslaggever.

De specialist in meertalige communicatie is opgeleid om in de context van een bedrijf te coachen, te motiveren, te vergaderen en te onderhandelen.
Door je talenkennis ben je gericht op communicatie in de internationale bedrijven en organisaties.
Je kan in meerdere talen corresponderen en gesprekken voeren.
Je kan een communicatieve functie ambiëren als woordvoerder, publicrelationsmedewerker, taaltrainingen geven of teksten schrijven voor communicatie- en reclamebureaus.
Bij de overheid of in de bedrijfswereld kan hij een leidinggevende functie uitoefenen op het vlak van communicatie.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. 
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Leraar Frans ( knelpuntberoep)
Tolk
Vertaler

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Economie-moderne talen (ASO) 1011 3,52% 58,42% 103 166 147 199 336 60
Grieks-Latijn (ASO) 74 4,02% 86,41% 1 1 7 6 58 1
Handel (TSO) 81 0,58% 28,60% 22 13 18 10 5 13
Humane wetenschappen (ASO) 341 1,29% 48,37% 50 69 44 61 78 39
Kantooradministratie en gegevensbeheer (BSO) 49 0,54% 9,92% 22 11 5 2 0 9
Latijn-moderne talen (ASO) 827 8,39% 73,55% 34 79 94 144 439 37
Latijn-wetenschappen (ASO) 59 0,84% 82,35% 1 2 6 9 38 3
Latijn-wiskunde (ASO) 72 0,60% 92,90% 1 1 2 6 60 2
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 373 3,49% 66,42% 33 44 49 76 151 20
Moderne talen-wiskunde (ASO) 101 5,96% 80,57% 5 6 10 15 62 3
Secretariaat-talen (TSO) 217 4,06% 22,96% 79 51 27 19 14 27
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 86 0,37% 21,52% 33 19 13 6 6 9
Toerisme (TSO) 50 2,26% 21,59% 18 12 3 6 2 9
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 52 0,15% 65,82% 6 4 6 13 21 2

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Higher education in Flanders: general information

Language admission requirements for higher education in Dutch

Dutch language levels explained

Language requirements


Instelling Taalniveau ITNA CNaVT Staats-
examen
Certificaat CVO Eigen Succesvol
Universiteit Gent
->Alle academische bachelors behalve Toegepaste taalkunde
B2
Universiteit Gent
->Bachelor of Arts - toegepaste taalkunde
C1
KU Leuven
->Alle academische bachelors
B2
Vrije Universiteit Brussel
->Alle academische bachelors
B2
Universiteit Antwerpen
->Alle academische bachelors niet uit studiegebieden Toegepaste taalkunde en Taal- en Letterkunde
B2
Universiteit Antwerpen
->Alle academische bachelors uit studiegebieden Toegepaste Taalkunde en Taal-en letterkunde
C1

Gegevens bijgewerkt tot 11-09-2017

Toegepaste taalkunde - Academische bachelor

Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

 

Algemene info


Toegepaste taalkunde mag niet worden verward met de afstudeerrichtingen in het hoger professioneel onderwijs met in de naam "vertalen en/of tolken (Office management) of communicatie (Communicatiemanagement), noch met Taal- en letterkunde. 
De opleiding bestaat uit algemene vakken, de studie van het Nederlands en van 2 vreemde talen:
- Ten minste 1 taal is Frans, Engels, Duits. 
- De 2de taal kan Frans, Engels of Duits zijn + Spaans, Italiaans, Russisch, Portugees, Arabisch, Deens, Tsjechisch, Turks of Vlaamse gebarentaal.
Een universiteit kan keuzevakken of een 3de vreemde taal (te kiezen uit bovengenoemde, maar ook Litouws, Pools, Nieuwgrieks, Turks, Zweeds, Japans, Marokkaans Arabisch of Chinees) aanbieden.
Voor het Frans en het Engels veronderstelt men een voorkennis op het niveau van het einde van het secundair onderwijs.  
Voor het Duits mag het niveau van de voorkennis lager zijn. Voor de andere talen is geen voorkennis vereist.

De algemene vakken worden vooral in de bachelorjaren gegeven: recht, economie, geschiedenis, sociologie, filosofie en esthetica.
Enkele algemene cursussen brengen taalkundige kennis bij: encyclopedie van de vertaling, algemene stilistiek, algemene dialectologie en taalsociologie, vergelijking van de Indo-Europese talen.
Het pakket Nederlands bevat theoretische cursussen en oefeningen in spelling, fonetiek, taalvaardigheid, taalverrijking, taalzuivering, lexicologie en grammatica. In principe is het Nederlands altijd de doeltaal.
Dit is de taal waarnaar een vertaler of een tolk steeds moet vertalen. 
Een perfecte beheersing van het Nederlands is dan ook een noodzaak.
Na het 3de bachelorjaar moet een master worden gekozen.
Hier zijn er verschillende afstudeerrichtingen:
- Meertalige communicatie
- Tolken
- Vertalen


Voor wie?
Zoek je naar een talenstudie van het hoogste niveau die praktisch gericht is, dan ben je bij de opleiding Toegepaste taalkunde aan het juiste adres.
Talen studeren is hier echt een kwestie van talen perfect leren beheersen, begrijpen, lezen, spreken, schrijven. 
Toegepaste taalkunde combineert een praktijkgerichte aanpak met een serieuze academische onderbouwing. 


Aanvullende info:

KU Leuven - Campus Brussel

Mogelijke talen: Duits, Engels, Frans, Italiaans, Pools en Spaans.
Naast het algemene traject toegepaste taalkunde kunnen studenten nu ook kiezen voor toegepaste taalkunde met de optie taal- en letterkunde
Voor twee talen (keuze uit Nederlands, Engels en Frans) volgen studenten een component taalbeheersing, taalkunde en literatuur.  Voor de derde taal krijgen ze dezelfde vorming qua taalbeheersing, maar slechts een basis in taalkunde en geen literatuur. Na de start in Brussel stromen studenten door naar de derde fase taal- en letterkunde in Leuven.

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

De eerste twee jaar van je opleiding krijg je intensieve vaardigheidstraining in twee talen. Dit kunnen vreemde talen zijn (Duits, Engels, Frans en Spaans), maar je kan ook één vreemde taal combineren met Nederlands om je vaardigheden in je moedertaal te verfijnen. Vanaf het derde jaar kan je nog een derde taal aan je repertoire toevoegen.

In het tweede jaar wordt er per taal een onderdeel cultuur toegevoegd. Hier vergaar je kennis over de geschiedenis, instellingen en de gewoontes van de gemeenschap(pen) waar de talen waarin je je specialiseert, gesproken worden. Je krijgt ook de mogelijkheid om via keuzevakken een persoonlijke toets te geven aan je opleiding.

In de loop van het derde jaar maak je je keuze voor een van de drie masteropleidingen. Het is dan ook belangrijk dat je nu goed vertrouwd bent met drie specialisaties die voor de hand liggen: vertalen, tolken en journalistiek. In deze opleidingsonderdelen verwerf je zowel theoretische inzichten als praktische ervaring.
 

KU Leuven - Campus Sint Andries Antwerpen

Je kiest twee vreemde talen uit een pakket van acht (Duits, Engels, Frans, Arabisch, Italiaans, Russisch, Spaans en Vlaamse Gebarentaal). Duits, Engels of Frans moet een van de keuzetalen zijn.

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

Je kiest voor een combinatie A + B + B of A + B + C waarbij:

  • A = Nederlands
  • B = Duits, Engels of Frans (voorkennis vereist)
  • C = Chinees, Italiaans, Portugees of Spaans (geen voorkennis vereist)

Vanaf het tweede bachelorjaar kan je je verder profileren aan de hand van de vrije studieruimte. Je kiest tussen:

  • een derde vreemde taal
  • opleidingsonderdelen van een andere bachelor: toegepaste economische wetenschappen, rechten, geschiedenis, taal- en letterkunde, communicatiewetenschappen, …
  • een extra opstapje naar de masteropleiding in het vertalen of tolken: vertaaltechnologie of mondeling Nederlands.

Universiteit Gent - Campus Gent

Je kiest vanaf de start voor twee vreemde talen (uit Duits, Engels, Frans, Italiaans, Russisch, Spaans en Turks; één van de vreemde talen moet Engels, Duits of Frans zijn) en voor een volwaardig pakket Nederlands. Voor Nederlands is moedertaalkennis noodzakelijk. Als je kiest voor Frans en Engels, dan is een degelijke basiskennis van de taal vereist. Voor de andere talen wordt geen voorkennis verwacht.


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Toegepaste taalkunde 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Arts

Studiegebied: Toegepaste taalkunde

Belangstellingsdomeinen: Literatuur, Talen,

Schoolvakken SO: Communicatieve vaardigheden, Duits, Engels, Frans, Nederlands, Spaans,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied








een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Warmoesberg 26  1000 Brussel
02 210 12 11    


Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


Sint-Andriesstraat 2  2000 Antwerpen
03 502 15 00    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

Een tolk vertaalt mondeling, hetzij rechtstreeks of op basis van opnamen, voordrachten, gesprekken en tussenkomsten uit vreemde talen naar het Nederlands (in België ook naar de vreemde taal).
Tolken gebeurt simultaan of consecutief.
Simultaan vertalen is gelijktijdig vertalen, in een cabine via een microfoon, terwijl de spreker de uiteenzetting houdt.
Het consecutief vertalen is het correct weergeven van de informatieve inhoud van en na een mondelinge uiteenzetting, mededeling of interventie.
In een gesprek vertaalt de tolk onmiddellijk na een of twee zinnen. Dit noemt men gesprekstolken.
Specialisatie als conferentietolk is mogelijk. Er dient opgemerkt te worden dat slechts een zeer beperkt percentage van de afgestudeerde tolken werkt als tolk.
Heel wat tolken werken als vertaler.
Een vertaler kan schriftelijke teksten omzetten van een vreemde taal naar het Nederlands.
Hij moet ook een gesproken tekst correct kunnen samenvatten.
Hij mag hierbij gebruik maken van informatiebronnen. Men vertaalt bij voorkeur van de vreemde taal naar zijn moedertaal.
In België is het evenwel gebruikelijk ook naar de vreemde taal te vertalen.
Hij kan zich specialiseren in bepaalde vakgebieden (recht, economie, politiek, literatuur, handel, financiën). Hij is ook opgeleid om te werken als ondertitelaar bij televisie en film.
Vertalers en tolken komen in aanmerking voor uiteenlopende jobs waarbij talenkennis belangrijk is, zoals vertaalbureaus en -diensten van bedrijven, de overheid en internationale instellingen.

De opleiding tot master in journalistiek leert je competenties nodig om te funtioneren als journalist voor de gedrukte media, de audiovisuele pers en multimediaredacties.
Journalisten moeten in de eerste plaats over een brede kijk op de realiteit, de maatschappij en de wereld beschikken.
Zij moeten voldoende communicatie- en informatievaardigheden verwerven, wetenschappelijk onderlegd zijn en een gedegen kennis van de journalistieke deontologie hebben.
Je moet in staat zijn relevante informatie te vinden en op een aantrekkelijke manier over te brengen in de audiovisuele of geschreven pers. Je werkt bij krant, tijdschrift, internet, televisie en radio als hoofd- of eindredacteur, vormgever of verslaggever.

De specialist in meertalige communicatie is opgeleid om in de context van een bedrijf te coachen, te motiveren, te vergaderen en te onderhandelen.
Door je talenkennis ben je gericht op communicatie in de internationale bedrijven en organisaties.
Je kan in meerdere talen corresponderen en gesprekken voeren.
Je kan een communicatieve functie ambiëren als woordvoerder, publicrelationsmedewerker, taaltrainingen geven of teksten schrijven voor communicatie- en reclamebureaus.
Bij de overheid of in de bedrijfswereld kan hij een leidinggevende functie uitoefenen op het vlak van communicatie.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. 
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Leraar Frans ( knelpuntberoep)
Tolk
Vertaler

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Economie-moderne talen (ASO) 1011 3,52% 58,42% 103 166 147 199 336 60
Grieks-Latijn (ASO) 74 4,02% 86,41% 1 1 7 6 58 1
Handel (TSO) 81 0,58% 28,60% 22 13 18 10 5 13
Humane wetenschappen (ASO) 341 1,29% 48,37% 50 69 44 61 78 39
Kantooradministratie en gegevensbeheer (BSO) 49 0,54% 9,92% 22 11 5 2 0 9
Latijn-moderne talen (ASO) 827 8,39% 73,55% 34 79 94 144 439 37
Latijn-wetenschappen (ASO) 59 0,84% 82,35% 1 2 6 9 38 3
Latijn-wiskunde (ASO) 72 0,60% 92,90% 1 1 2 6 60 2
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 373 3,49% 66,42% 33 44 49 76 151 20
Moderne talen-wiskunde (ASO) 101 5,96% 80,57% 5 6 10 15 62 3
Secretariaat-talen (TSO) 217 4,06% 22,96% 79 51 27 19 14 27
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 86 0,37% 21,52% 33 19 13 6 6 9
Toerisme (TSO) 50 2,26% 21,59% 18 12 3 6 2 9
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 52 0,15% 65,82% 6 4 6 13 21 2

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Higher education in Flanders: general information

Language admission requirements for higher education in Dutch

Dutch language levels explained

Language requirements


Instelling Taalniveau ITNA CNaVT Staats-
examen
Certificaat CVO Eigen Succesvol
Universiteit Gent
->Alle academische bachelors behalve Toegepaste taalkunde
B2
Universiteit Gent
->Bachelor of Arts - toegepaste taalkunde
C1
KU Leuven
->Alle academische bachelors
B2
Vrije Universiteit Brussel
->Alle academische bachelors
B2
Universiteit Antwerpen
->Alle academische bachelors niet uit studiegebieden Toegepaste taalkunde en Taal- en Letterkunde
B2
Universiteit Antwerpen
->Alle academische bachelors uit studiegebieden Toegepaste Taalkunde en Taal-en letterkunde
C1

Gegevens bijgewerkt tot 11-09-2017