Biomedische wetenschappen - Academische bachelor

 

Algemene info


De biomedische wetenschappen zijn een kruispunt tussen diverse disciplines uit de positieve wetenschappen: scheikunde, wiskunde, biologie, natuurkunde, geneeskunde, farmacie, milieuwetenschappen, informatica.
Biomedische wetenschappen bestudeert de gezonde en zieke mens en relevante diermodellen.
Met de nadruk op de mens onderscheidt biomedische wetenschappen zich duidelijk van de richtingen biologie, bio-ingenieur en diergeneeskunde.
De opleiding is niet gericht op het verwerven van klinische vaardigheden (dit komt aan bod in geneeskunde en farmacie), maar bereidt wel voor op technologisch of wetenschappelijk onderzoek in een klinische context. Nieuwe evoluties op het terrein de moleculaire wetenschap (gen- en eiwitonderzoek), de bio-informatica, de bio-elektronica en de medische beeldvorming spelen een belangrijke rol.
Wat beoogt men in de opleiding?
- verwerven van een grondige wetenschappelijke vorming in de natuurwetenschappen en de medische wetenschappen
- kennis van en inzicht in het functioneren van het menselijk lichaam
- kunnen verwerken en interpreteren van informatie en actuele onderzoekstechnieken kunnen uitvoeren om in een biomedisch laboratorium te functioneren en zich te ontwikkelen tot een zelfstandig onderzoeker. Het 1ste bachelorjaar is gemeenschappelijk.De natuurwetenschappelijke basisvorming staat centraal: natuurkunde, scheikunde, biologie en wiskunde. Afhankelijk van de gekozen universiteit is er vanaf het 2de of 3de bachelorjaar keuze uit diverse opleidingsonderdelen.Vanaf het 2de jaar ligt het accent meer op geneeskundige vakken (embryologie, anatomie, histologie en fysiologie) en methodologische vakken (microscopische technieken, medische laboratoriumtechnieken, celcultuur, biostatistiek, data-analyse).


Voor wie?
Leerlingen uit sterk wetenschappelijke richtingen (bv. Wetenschappen-Wiskunde, Latijn-Wetenschappen en Latijn-Wiskunde) hebben een stevige vertrekbasis voor deze studie.
Andere vooropleidingen vergen extra inzet van de student.
Voor de cursussen scheikunde en natuurkunde is er geen bijkomende voorkennis vereist.
Voor wiskunde is 4u een minimum.


De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding biomedische wetenschappen.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie. De toets peilt zowel naar wiskundevaardigheden en begrippenkennis, als naar inzicht in chemie.
Deelname is gratis en niet verplicht. Inschrijven is verplicht! 
Voor info: http://www.ijkingstoets.be


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Health Campus

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

KU Leuven

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

De opleiding wordt georganiseerd binnen de tUL (transnationale Universiteit Limburg) op de campus van UHasselt en Maastricht University.

KU Leuven - Campus Kulak Kortrijk

Aan KULAK kan je enkel de bachelorfase volgen.

Universiteit Gent - Campus Gent


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Biomedische wetenschappen - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


De biomedische wetenschappen zijn een kruispunt tussen diverse disciplines uit de positieve wetenschappen: scheikunde, wiskunde, biologie, natuurkunde, geneeskunde, farmacie, milieuwetenschappen, informatica.
Biomedische wetenschappen bestudeert de gezonde en zieke mens en relevante diermodellen.
Met de nadruk op de mens onderscheidt biomedische wetenschappen zich duidelijk van de richtingen biologie, bio-ingenieur en diergeneeskunde.
De opleiding is niet gericht op het verwerven van klinische vaardigheden (dit komt aan bod in geneeskunde en farmacie), maar bereidt wel voor op technologisch of wetenschappelijk onderzoek in een klinische context. Nieuwe evoluties op het terrein de moleculaire wetenschap (gen- en eiwitonderzoek), de bio-informatica, de bio-elektronica en de medische beeldvorming spelen een belangrijke rol.
Wat beoogt men in de opleiding?
- verwerven van een grondige wetenschappelijke vorming in de natuurwetenschappen en de medische wetenschappen
- kennis van en inzicht in het functioneren van het menselijk lichaam
- kunnen verwerken en interpreteren van informatie en actuele onderzoekstechnieken kunnen uitvoeren om in een biomedisch laboratorium te functioneren en zich te ontwikkelen tot een zelfstandig onderzoeker. Het 1ste bachelorjaar is gemeenschappelijk.De natuurwetenschappelijke basisvorming staat centraal: natuurkunde, scheikunde, biologie en wiskunde. Afhankelijk van de gekozen universiteit is er vanaf het 2de of 3de bachelorjaar keuze uit diverse opleidingsonderdelen.Vanaf het 2de jaar ligt het accent meer op geneeskundige vakken (embryologie, anatomie, histologie en fysiologie) en methodologische vakken (microscopische technieken, medische laboratoriumtechnieken, celcultuur, biostatistiek, data-analyse).


Voor wie?
Leerlingen uit sterk wetenschappelijke richtingen (bv. Wetenschappen-Wiskunde, Latijn-Wetenschappen en Latijn-Wiskunde) hebben een stevige vertrekbasis voor deze studie.
Andere vooropleidingen vergen extra inzet van de student.
Voor de cursussen scheikunde en natuurkunde is er geen bijkomende voorkennis vereist.
Voor wiskunde is 4u een minimum.


De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding biomedische wetenschappen.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie. De toets peilt zowel naar wiskundevaardigheden en begrippenkennis, als naar inzicht in chemie.
Deelname is gratis en niet verplicht. Inschrijven is verplicht! 
Voor info: http://www.ijkingstoets.be


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Health Campus

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

KU Leuven

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

De opleiding wordt georganiseerd binnen de tUL (transnationale Universiteit Limburg) op de campus van UHasselt en Maastricht University.

KU Leuven - Campus Kulak Kortrijk

Aan KULAK kan je enkel de bachelorfase volgen.

Universiteit Gent - Campus Gent


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Biomedische wetenschappen 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Biomedische wetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten, Wiskunde-cijferwerk,

Schoolvakken SO: Biologie, Chemie, Fysica, Wetenschappen,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied




















een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Laarbeeklaan 103  1090 Jette
02 629 20 10    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


    
Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Agoralaan  3590 Diepenbeek
011 26 81 11    


E.Sabbelaan 53  8500 Kortrijk
056 24 61 38    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

De biomedicus is een wetenschapper op medisch gebied.
Hij richt zich op ontwikkelingen in de samenleving die van invloed zijn op onze gezondheid.
De biomedicus werkt niet rechtstreeks met patiënten maar is wel de schakel tussen de klinische geneeskunde en de medische technologie.
Hij is meestal tewerkgesteld in laboratoria waar hij onderzoek doet in functie van ziekten herkennen, voorkomen en genezen. Afgestudeerden hebben jobmogelijkheden in publieke en private sectoren.
De grootste afzetmarkt is het wetenschappelijk onderzoek aan universiteiten, in ziekenhuislaboratoria en in de farmaceutische industrie.
Er zijn ook mogelijkheden in de biotechnologie, milieu- en voedingssector, medische research, epidemiologie, ecologie.
Bij de overheid zijn er (coördinerende) functies in diensten en ministeries op het terrein van milieu, voeding, ecologie, onderwijs (mits het volgen van een lerarenopleiding).

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Klinisch bioloog
Medisch bioloog
Medisch laboratorium technoloog
Onderzoeker exacte wetenschappen

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de biomedische wetenschappen

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Biotechnische wetenschappen (TSO) 37 2,69% 40,28% 10 5 5 4 8 5
Economie-moderne talen (ASO) 74 0,26% 31,20% 19 16 11 5 10 13
Economie-wetenschappen (ASO) 89 3,46% 51,12% 12 19 14 19 24 1
Economie-wiskunde (ASO) 37 0,54% 62,95% 5 4 7 8 12 1
Grieks-wiskunde (ASO) 75 5,05% 76,32% 4 6 6 13 41 5
Humane wetenschappen (ASO) 68 0,26% 19,75% 18 20 12 5 1 12
Latijn-moderne talen (ASO) 59 0,68% 29,99% 12 19 8 6 5 9
Latijn-wetenschappen (ASO) 628 9,46% 66,30% 55 62 80 153 253 25
Latijn-wiskunde (ASO) 610 5,25% 75,17% 25 45 62 124 328 26
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 537 5,21% 52,45% 60 106 91 108 139 33
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 42 0,17% 11,20% 18 8 5 1 10
Sportwetenschappen (ASO) 87 2,89% 53,03% 10 15 13 24 22 3
Techniek-wetenschappen (TSO) 164 3,69% 52,03% 17 30 34 40 39 4
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 2179 5,95% 70,94% 111 204 240 566 987 71

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 16-02-2018

Biomedische wetenschappen - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


De biomedische wetenschappen zijn een kruispunt tussen diverse disciplines uit de positieve wetenschappen: scheikunde, wiskunde, biologie, natuurkunde, geneeskunde, farmacie, milieuwetenschappen, informatica.
Biomedische wetenschappen bestudeert de gezonde en zieke mens en relevante diermodellen.
Met de nadruk op de mens onderscheidt biomedische wetenschappen zich duidelijk van de richtingen biologie, bio-ingenieur en diergeneeskunde.
De opleiding is niet gericht op het verwerven van klinische vaardigheden (dit komt aan bod in geneeskunde en farmacie), maar bereidt wel voor op technologisch of wetenschappelijk onderzoek in een klinische context. Nieuwe evoluties op het terrein de moleculaire wetenschap (gen- en eiwitonderzoek), de bio-informatica, de bio-elektronica en de medische beeldvorming spelen een belangrijke rol.
Wat beoogt men in de opleiding?
- verwerven van een grondige wetenschappelijke vorming in de natuurwetenschappen en de medische wetenschappen
- kennis van en inzicht in het functioneren van het menselijk lichaam
- kunnen verwerken en interpreteren van informatie en actuele onderzoekstechnieken kunnen uitvoeren om in een biomedisch laboratorium te functioneren en zich te ontwikkelen tot een zelfstandig onderzoeker. Het 1ste bachelorjaar is gemeenschappelijk.De natuurwetenschappelijke basisvorming staat centraal: natuurkunde, scheikunde, biologie en wiskunde. Afhankelijk van de gekozen universiteit is er vanaf het 2de of 3de bachelorjaar keuze uit diverse opleidingsonderdelen.Vanaf het 2de jaar ligt het accent meer op geneeskundige vakken (embryologie, anatomie, histologie en fysiologie) en methodologische vakken (microscopische technieken, medische laboratoriumtechnieken, celcultuur, biostatistiek, data-analyse).


Voor wie?
Leerlingen uit sterk wetenschappelijke richtingen (bv. Wetenschappen-Wiskunde, Latijn-Wetenschappen en Latijn-Wiskunde) hebben een stevige vertrekbasis voor deze studie.
Andere vooropleidingen vergen extra inzet van de student.
Voor de cursussen scheikunde en natuurkunde is er geen bijkomende voorkennis vereist.
Voor wiskunde is 4u een minimum.


De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding biomedische wetenschappen.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie. De toets peilt zowel naar wiskundevaardigheden en begrippenkennis, als naar inzicht in chemie.
Deelname is gratis en niet verplicht. Inschrijven is verplicht! 
Voor info: http://www.ijkingstoets.be


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Health Campus

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

KU Leuven

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

De opleiding wordt georganiseerd binnen de tUL (transnationale Universiteit Limburg) op de campus van UHasselt en Maastricht University.

KU Leuven - Campus Kulak Kortrijk

Aan KULAK kan je enkel de bachelorfase volgen.

Universiteit Gent - Campus Gent


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Biomedische wetenschappen 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Biomedische wetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten, Wiskunde-cijferwerk,

Schoolvakken SO: Biologie, Chemie, Fysica, Wetenschappen,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied




















een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Laarbeeklaan 103  1090 Jette
02 629 20 10    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


    
Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Agoralaan  3590 Diepenbeek
011 26 81 11    


E.Sabbelaan 53  8500 Kortrijk
056 24 61 38    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

De biomedicus is een wetenschapper op medisch gebied.
Hij richt zich op ontwikkelingen in de samenleving die van invloed zijn op onze gezondheid.
De biomedicus werkt niet rechtstreeks met patiënten maar is wel de schakel tussen de klinische geneeskunde en de medische technologie.
Hij is meestal tewerkgesteld in laboratoria waar hij onderzoek doet in functie van ziekten herkennen, voorkomen en genezen. Afgestudeerden hebben jobmogelijkheden in publieke en private sectoren.
De grootste afzetmarkt is het wetenschappelijk onderzoek aan universiteiten, in ziekenhuislaboratoria en in de farmaceutische industrie.
Er zijn ook mogelijkheden in de biotechnologie, milieu- en voedingssector, medische research, epidemiologie, ecologie.
Bij de overheid zijn er (coördinerende) functies in diensten en ministeries op het terrein van milieu, voeding, ecologie, onderwijs (mits het volgen van een lerarenopleiding).

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Klinisch bioloog
Medisch bioloog
Medisch laboratorium technoloog
Onderzoeker exacte wetenschappen

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de biomedische wetenschappen

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Biotechnische wetenschappen (TSO) 37 2,69% 40,28% 10 5 5 4 8 5
Economie-moderne talen (ASO) 74 0,26% 31,20% 19 16 11 5 10 13
Economie-wetenschappen (ASO) 89 3,46% 51,12% 12 19 14 19 24 1
Economie-wiskunde (ASO) 37 0,54% 62,95% 5 4 7 8 12 1
Grieks-wiskunde (ASO) 75 5,05% 76,32% 4 6 6 13 41 5
Humane wetenschappen (ASO) 68 0,26% 19,75% 18 20 12 5 1 12
Latijn-moderne talen (ASO) 59 0,68% 29,99% 12 19 8 6 5 9
Latijn-wetenschappen (ASO) 628 9,46% 66,30% 55 62 80 153 253 25
Latijn-wiskunde (ASO) 610 5,25% 75,17% 25 45 62 124 328 26
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 537 5,21% 52,45% 60 106 91 108 139 33
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 42 0,17% 11,20% 18 8 5 1 10
Sportwetenschappen (ASO) 87 2,89% 53,03% 10 15 13 24 22 3
Techniek-wetenschappen (TSO) 164 3,69% 52,03% 17 30 34 40 39 4
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 2179 5,95% 70,94% 111 204 240 566 987 71

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 16-02-2018