Lichamelijke opvoeding en bewegingswetenschappen - Academische bachelor

 

Algemene info


De kern van de opleiding is een grondige wetenschappelijke studie met beweging als centraal thema.
Je wordt voorbereid op het verrichten van wetenschappelijk onderzoek op dit terrein.
Het is een multidisciplinaire opleiding die de bewegende mens vanuit verschillende invalshoeken bestudeert. Opleidingsonderdelen uit de humane wetenschappen (sociologie, psychologie, filosofie) de natuurwetenschappen (fysica, (bio)chemie, biomechanica, biologie) en de biomedische wetenschappen (anatomie, fysiologie, gezondheidsleer) en onderzoeksmethodologie en didactiek komen aan bod.
Samen met de theoretische inzichten krijg je een sterke praktische opleiding in bewegingsvaardigheden (zowel individuele bewegingsactiviteiten als ritmisch expressieve en interactieve) en didactische vaardigheden die hem in staat stellen de bewegende mens te begeleiden in een professionele setting.

Voor wie?

Als je kiest voor Lichamelijke opvoeding en Bewegingswetenschappen dan kies je voor een opleiding waar bewegingsactiviteiten en wetenschappen in een evenwaardig pakket worden aangeboden.
Goede fysieke conditie en ervaring in een brede waaier van sporten is een voordeel.
Anderzijds veronderstelt de wetenschappelijke component van de opleiding ook een stevige voorkennis.
Om de studies aan te vangen ben je idealiter sportief én heb je al een goede basis voor wetenschappen.
Als je voor één van die twee componenten wat zwakker staat, dan zul je dat in de loop van het eerste jaar moeten bijwerken.
De theoretische vakken in combinatie met de vele uren sport zorgen ervoor dat je over een flinke dosis doorzettingsvermogen moet beschikken om te slagen.
Aan alle universiteiten worden introductie- en/of kennismakingsactiviteiten georganiseerd waardoor de student een duidelijker beeld krijgt van de vereisten van de studierichting, zowel qua voorkennis van de wetenschappelijke vakken als de sportvakken. 
In de masteropleiding zijn er verschillende afstudeerrichtingen.


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

In het 1ste jaar zijn Anatomie van het locomotorisch stelsel, Inleiding tot de biomechanica van het menselijk bewegen en Chemie de basisopleidingsonderdelen. Daarbij gaat het niet enkel om pure theorie, maar ook om toepassingen in het domein van sport en bewegen.
In het 2de jaar van het modeltraject staan verschillende opleidingsonderdelen uit de exacte wetenschappen op het programma. Het opleidingsonderdeel Gezondheidsleer en EHBO geeft je zowel kennis als praktische vaardigheden over preventie van ziektes en eerste hulp bij ongevallen. Ook de humane wetenschappen komen in dit tweede jaar aan bod. De bewegingspraktijk en de geïntegreerde werkperiodes/stages krijgen ruime aandacht. Het basispakket bestaat uit een technische, tactische, conditionele en sociaal-culturele analyse van zowel individuele sporten, ploeg- en terugslagsporten, natuursporten, groepsfitness en diverse dansvormen.
In het 3de jaar van het modeltraject wordt de inhoud van de opleidingsonderdelen uit de exacte wetenschappen toegepast op de lichamelijke opvoeding en de sport. Trainingsleer en Biomechanica worden nog meer afgestemd op sport en bewegen.

KU Leuven

Je bestudeert de menselijke beweging, bijvoorbeeld via bewegings- en trainingsleer, fysiologie en biomechanica. De opleiding benadert de bewegende mens ook vanuit een psychologisch, pedagogisch, sociologisch en historisch oogpunt.
Je ontwikkelt zelf bewegingsvaardigheden, zowel in individuele disciplines (atletiek, dans, gymnastiek, zwemmen) als in teamsporten (basketbal, handbal, voetbal, volleybal).
Je bouwt wetenschappelijk-theoretische inzichten op, die je kunt vertalen naar professionele toepassingen. Daardoor ben je in staat om de bewegende mens op een professionele manier te begeleiden.

Universiteit Gent - Campus Gent

In de bacheloropleiding krijg je biomedische en natuurwetenschappelijke vakken voorgeschoteld, naast de menswetenschappen. Je raakt vertrouwd met de praktijk, theorie en methodiek van verschillende bewegingsactiviteiten: naast de individuele zijn er ook nog interactieve en artistieke bewegingsactiviteiten. Per jaar omvat dat gemiddeld acht uur per week. In het laatste bachelorjaar leer je die basisvaardigheden op een verantwoorde methodische en didactische manier over te brengen.


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Lichamelijke opvoeding en bewegingswetenschappen - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


De kern van de opleiding is een grondige wetenschappelijke studie met beweging als centraal thema.
Je wordt voorbereid op het verrichten van wetenschappelijk onderzoek op dit terrein.
Het is een multidisciplinaire opleiding die de bewegende mens vanuit verschillende invalshoeken bestudeert. Opleidingsonderdelen uit de humane wetenschappen (sociologie, psychologie, filosofie) de natuurwetenschappen (fysica, (bio)chemie, biomechanica, biologie) en de biomedische wetenschappen (anatomie, fysiologie, gezondheidsleer) en onderzoeksmethodologie en didactiek komen aan bod.
Samen met de theoretische inzichten krijg je een sterke praktische opleiding in bewegingsvaardigheden (zowel individuele bewegingsactiviteiten als ritmisch expressieve en interactieve) en didactische vaardigheden die hem in staat stellen de bewegende mens te begeleiden in een professionele setting.

Voor wie?

Als je kiest voor Lichamelijke opvoeding en Bewegingswetenschappen dan kies je voor een opleiding waar bewegingsactiviteiten en wetenschappen in een evenwaardig pakket worden aangeboden.
Goede fysieke conditie en ervaring in een brede waaier van sporten is een voordeel.
Anderzijds veronderstelt de wetenschappelijke component van de opleiding ook een stevige voorkennis.
Om de studies aan te vangen ben je idealiter sportief én heb je al een goede basis voor wetenschappen.
Als je voor één van die twee componenten wat zwakker staat, dan zul je dat in de loop van het eerste jaar moeten bijwerken.
De theoretische vakken in combinatie met de vele uren sport zorgen ervoor dat je over een flinke dosis doorzettingsvermogen moet beschikken om te slagen.
Aan alle universiteiten worden introductie- en/of kennismakingsactiviteiten georganiseerd waardoor de student een duidelijker beeld krijgt van de vereisten van de studierichting, zowel qua voorkennis van de wetenschappelijke vakken als de sportvakken. 
In de masteropleiding zijn er verschillende afstudeerrichtingen.


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

In het 1ste jaar zijn Anatomie van het locomotorisch stelsel, Inleiding tot de biomechanica van het menselijk bewegen en Chemie de basisopleidingsonderdelen. Daarbij gaat het niet enkel om pure theorie, maar ook om toepassingen in het domein van sport en bewegen.
In het 2de jaar van het modeltraject staan verschillende opleidingsonderdelen uit de exacte wetenschappen op het programma. Het opleidingsonderdeel Gezondheidsleer en EHBO geeft je zowel kennis als praktische vaardigheden over preventie van ziektes en eerste hulp bij ongevallen. Ook de humane wetenschappen komen in dit tweede jaar aan bod. De bewegingspraktijk en de geïntegreerde werkperiodes/stages krijgen ruime aandacht. Het basispakket bestaat uit een technische, tactische, conditionele en sociaal-culturele analyse van zowel individuele sporten, ploeg- en terugslagsporten, natuursporten, groepsfitness en diverse dansvormen.
In het 3de jaar van het modeltraject wordt de inhoud van de opleidingsonderdelen uit de exacte wetenschappen toegepast op de lichamelijke opvoeding en de sport. Trainingsleer en Biomechanica worden nog meer afgestemd op sport en bewegen.

KU Leuven

Je bestudeert de menselijke beweging, bijvoorbeeld via bewegings- en trainingsleer, fysiologie en biomechanica. De opleiding benadert de bewegende mens ook vanuit een psychologisch, pedagogisch, sociologisch en historisch oogpunt.
Je ontwikkelt zelf bewegingsvaardigheden, zowel in individuele disciplines (atletiek, dans, gymnastiek, zwemmen) als in teamsporten (basketbal, handbal, voetbal, volleybal).
Je bouwt wetenschappelijk-theoretische inzichten op, die je kunt vertalen naar professionele toepassingen. Daardoor ben je in staat om de bewegende mens op een professionele manier te begeleiden.

Universiteit Gent - Campus Gent

In de bacheloropleiding krijg je biomedische en natuurwetenschappelijke vakken voorgeschoteld, naast de menswetenschappen. Je raakt vertrouwd met de praktijk, theorie en methodiek van verschillende bewegingsactiviteiten: naast de individuele zijn er ook nog interactieve en artistieke bewegingsactiviteiten. Per jaar omvat dat gemiddeld acht uur per week. In het laatste bachelorjaar leer je die basisvaardigheden op een verantwoorde methodische en didactische manier over te brengen.


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Lichamelijke opvoeding en bewegingswetenschappen 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Bewegings- en Revalidatiewetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten, Sport,

Schoolvakken SO: Lichamelijke opvoeding, Sport, Wetenschappen,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied




















een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Volgende Ba-na-Ba's sluiten aan op Lichamelijke opvoeding en bewegingswetenschappen



Eventueel zijn er nog andere mogelijkheden op basis van uw gevolgd studietraject. Raadpleeg de hogeschool voor meer informatie.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


    
Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

De traditionele koppeling van deze opleiding aan het beroep van leraar lichamelijke opvoeding is inmiddels voorbijgestreefd.
De laatste jaren is de arbeidsmarkt verruimd door tewerkstellings-mogelijkheden in zowel de openbare sector (onderwijs mits een lerarenopleiding, Sportwerk Vlaanderen, ministeries, gemeentelijke en provinciale sportdiensten, instellingen voor gehandicapten) als de private sector (fitness, sportmanagement, toerisme).
0rganisator van sportevenementen, sportfunctionaris, gezondheidscoach, fitnessdeskundige, medisch of farmaceutisch afgevaardigde, animator in vakantiecentra zijn hiervan enkele voorbeelden.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer.
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn.
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Begeleider culturele en recreatieve activiteiten
Sportfunctionaris

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de lichamelijke opvoeding en de bewegingswetenschappen

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Economie-moderne talen (ASO) 116 0,41% 49,02% 19 21 11 33 18 14
Humane wetenschappen (ASO) 75 0,29% 45,06% 13 13 12 21 10 6
Latijn-moderne talen (ASO) 33 0,38% 62,90% 2 2 5 9 11 4
Latijn-wetenschappen (ASO) 67 1,01% 74,31% 1 5 9 16 32 4
Latijn-wiskunde (ASO) 71 0,61% 81,19% 2 3 7 12 43 4
Lichamelijke opvoeding en sport (TSO) 122 1,75% 37,11% 27 22 28 28 10 7
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 132 1,28% 63,35% 11 9 24 28 48 12
Sportwetenschappen (ASO) 255 8,46% 64,13% 18 24 39 86 83 5
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 274 0,75% 72,67% 14 16 38 67 130 9

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 05-12-2017

Lichamelijke opvoeding en bewegingswetenschappen - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


De kern van de opleiding is een grondige wetenschappelijke studie met beweging als centraal thema.
Je wordt voorbereid op het verrichten van wetenschappelijk onderzoek op dit terrein.
Het is een multidisciplinaire opleiding die de bewegende mens vanuit verschillende invalshoeken bestudeert. Opleidingsonderdelen uit de humane wetenschappen (sociologie, psychologie, filosofie) de natuurwetenschappen (fysica, (bio)chemie, biomechanica, biologie) en de biomedische wetenschappen (anatomie, fysiologie, gezondheidsleer) en onderzoeksmethodologie en didactiek komen aan bod.
Samen met de theoretische inzichten krijg je een sterke praktische opleiding in bewegingsvaardigheden (zowel individuele bewegingsactiviteiten als ritmisch expressieve en interactieve) en didactische vaardigheden die hem in staat stellen de bewegende mens te begeleiden in een professionele setting.

Voor wie?

Als je kiest voor Lichamelijke opvoeding en Bewegingswetenschappen dan kies je voor een opleiding waar bewegingsactiviteiten en wetenschappen in een evenwaardig pakket worden aangeboden.
Goede fysieke conditie en ervaring in een brede waaier van sporten is een voordeel.
Anderzijds veronderstelt de wetenschappelijke component van de opleiding ook een stevige voorkennis.
Om de studies aan te vangen ben je idealiter sportief én heb je al een goede basis voor wetenschappen.
Als je voor één van die twee componenten wat zwakker staat, dan zul je dat in de loop van het eerste jaar moeten bijwerken.
De theoretische vakken in combinatie met de vele uren sport zorgen ervoor dat je over een flinke dosis doorzettingsvermogen moet beschikken om te slagen.
Aan alle universiteiten worden introductie- en/of kennismakingsactiviteiten georganiseerd waardoor de student een duidelijker beeld krijgt van de vereisten van de studierichting, zowel qua voorkennis van de wetenschappelijke vakken als de sportvakken. 
In de masteropleiding zijn er verschillende afstudeerrichtingen.


Aanvullende info:

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

In het 1ste jaar zijn Anatomie van het locomotorisch stelsel, Inleiding tot de biomechanica van het menselijk bewegen en Chemie de basisopleidingsonderdelen. Daarbij gaat het niet enkel om pure theorie, maar ook om toepassingen in het domein van sport en bewegen.
In het 2de jaar van het modeltraject staan verschillende opleidingsonderdelen uit de exacte wetenschappen op het programma. Het opleidingsonderdeel Gezondheidsleer en EHBO geeft je zowel kennis als praktische vaardigheden over preventie van ziektes en eerste hulp bij ongevallen. Ook de humane wetenschappen komen in dit tweede jaar aan bod. De bewegingspraktijk en de geïntegreerde werkperiodes/stages krijgen ruime aandacht. Het basispakket bestaat uit een technische, tactische, conditionele en sociaal-culturele analyse van zowel individuele sporten, ploeg- en terugslagsporten, natuursporten, groepsfitness en diverse dansvormen.
In het 3de jaar van het modeltraject wordt de inhoud van de opleidingsonderdelen uit de exacte wetenschappen toegepast op de lichamelijke opvoeding en de sport. Trainingsleer en Biomechanica worden nog meer afgestemd op sport en bewegen.

KU Leuven

Je bestudeert de menselijke beweging, bijvoorbeeld via bewegings- en trainingsleer, fysiologie en biomechanica. De opleiding benadert de bewegende mens ook vanuit een psychologisch, pedagogisch, sociologisch en historisch oogpunt.
Je ontwikkelt zelf bewegingsvaardigheden, zowel in individuele disciplines (atletiek, dans, gymnastiek, zwemmen) als in teamsporten (basketbal, handbal, voetbal, volleybal).
Je bouwt wetenschappelijk-theoretische inzichten op, die je kunt vertalen naar professionele toepassingen. Daardoor ben je in staat om de bewegende mens op een professionele manier te begeleiden.

Universiteit Gent - Campus Gent

In de bacheloropleiding krijg je biomedische en natuurwetenschappelijke vakken voorgeschoteld, naast de menswetenschappen. Je raakt vertrouwd met de praktijk, theorie en methodiek van verschillende bewegingsactiviteiten: naast de individuele zijn er ook nog interactieve en artistieke bewegingsactiviteiten. Per jaar omvat dat gemiddeld acht uur per week. In het laatste bachelorjaar leer je die basisvaardigheden op een verantwoorde methodische en didactische manier over te brengen.


Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Lichamelijke opvoeding en bewegingswetenschappen 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Bewegings- en Revalidatiewetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Medische activiteiten, Sport,

Schoolvakken SO: Lichamelijke opvoeding, Sport, Wetenschappen,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied




















een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Volgende Ba-na-Ba's sluiten aan op Lichamelijke opvoeding en bewegingswetenschappen



Eventueel zijn er nog andere mogelijkheden op basis van uw gevolgd studietraject. Raadpleeg de hogeschool voor meer informatie.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


    
Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

De traditionele koppeling van deze opleiding aan het beroep van leraar lichamelijke opvoeding is inmiddels voorbijgestreefd.
De laatste jaren is de arbeidsmarkt verruimd door tewerkstellings-mogelijkheden in zowel de openbare sector (onderwijs mits een lerarenopleiding, Sportwerk Vlaanderen, ministeries, gemeentelijke en provinciale sportdiensten, instellingen voor gehandicapten) als de private sector (fitness, sportmanagement, toerisme).
0rganisator van sportevenementen, sportfunctionaris, gezondheidscoach, fitnessdeskundige, medisch of farmaceutisch afgevaardigde, animator in vakantiecentra zijn hiervan enkele voorbeelden.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer.
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn.
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Begeleider culturele en recreatieve activiteiten
Sportfunctionaris

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de lichamelijke opvoeding en de bewegingswetenschappen

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Economie-moderne talen (ASO) 116 0,41% 49,02% 19 21 11 33 18 14
Humane wetenschappen (ASO) 75 0,29% 45,06% 13 13 12 21 10 6
Latijn-moderne talen (ASO) 33 0,38% 62,90% 2 2 5 9 11 4
Latijn-wetenschappen (ASO) 67 1,01% 74,31% 1 5 9 16 32 4
Latijn-wiskunde (ASO) 71 0,61% 81,19% 2 3 7 12 43 4
Lichamelijke opvoeding en sport (TSO) 122 1,75% 37,11% 27 22 28 28 10 7
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 132 1,28% 63,35% 11 9 24 28 48 12
Sportwetenschappen (ASO) 255 8,46% 64,13% 18 24 39 86 83 5
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 274 0,75% 72,67% 14 16 38 67 130 9

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 05-12-2017