Agro- en Biotechnologie : Dierenzorg - Professionele bachelor

 

Algemene info


Agro- en biotechnologie is een praktijkgerichte opleiding.
Het programma bestaat uit een mix van:
- wetenschappelijke vakken (anatomie, fysiologie, pathologie, microbiologie, dierkunde, chemie, landbouwhuisdieren, kleine huisdieren, dierlijke voeding, veterinaire technieken, geneesmiddelenleer, instrumentenleer)
- algemeen vormende vakken(informatica, communicatievaardigheden, wetgeving, bedrijfseconomie).
- talrijke oefen-, labo- en praktijksessies.
In alle organiserende hogescholen kies je vanaf het eerste jaar een afstudeerrichting. 


Voor wie?
Een specifieke vooropleiding vanuit het SO is niet nodig.
De meeste vakken beginnen vanaf nul.
Een stevige basis voor chemie is wel meegenomen.


Aanvullende info:

Thomas More - Campus Geel

De bachelor in agro- en biotechnologie beschikt over een hedendaagse, gespecialiseerde, technische, bedrijfseconomische en milieukundige kennis binnen zijn gekozen sector. 
Door de talrijke practica en de bedrijfsstage tijdens zijn opleiding, heeft hij zich tevens de nodige praktische vaardigheden eigen gemaakt. Hij is direct inzetbaar in de hedendaagse biotechnische productiesector.
Deze afstudeerrichting leidt je op tot \'Dierenartsassistent\'. Kenmerkend hier is dat je vanaf het 2de semester van het 2de jaar tot en met het 1ste semester van het 3de jaar gedurende 2 dagen per week stage loopt bij een dierenarts.

Katholieke Hogeschool VIVES - Campus Roeselare

Je bent actief op het vlak van de handel, de voeding, de verzorging en het welzijn van sport-, recreatie- en nutsdieren. 
Om op een verantwoorde manier te kunnen meewerken in de fokkerij, de veredeling, de verzorging en de therapie van dieren, is een grondigewetenschappelijke achtergrond onontbeerlijk.
Daarom horen vakken als biologie, dierkunde, anatomie en fysiologie tot het lessenpakket.
Daarnaast krijg je een totaal inzicht in de rol van het dier in de maatschappij en in het ecologisch netwerk. 
Als afgestudeerde beschik je ten slotte over de nodige biotechnologische kennis i.v.m. het kweken van nutsdieren voor menselijke consumptie (wildkweek, vis- en schelpdierenkweek …), voor dierlijke consumptie (insectenkweek) en voor biologische toepassingen (kweek van wormen, kweek van nuttige insecten voor geïntegreerde bestrijding,…).

Hogeschool Gent - Campus Melle

Al vanaf het eerste jaar krijg je specifieke vakken die met dierenzorg en -management te maken hebben. Tijdens de drie jaar zal ongeveer twee derden van je studiepakket rechtstreeks verband houden met je specialisatie. 
Je kennis over ethologie (gedrag), ziekten, preventieve verzorgingstechnieken, veterinaire assistentietechnieken, veredeling en fokkerij, huisvesting en hygiëne wordt jaar na jaar uitgebreid. 
De voornaamste gezelschapsdieren passeren de revue maar ook bijenteelt of de insectenkweek voor dierlijke consumptie komen aan bod. 
Ook het management en de administratie rond het houden en verzorgen van dieren leer je kennen.
Uiteraard besteden we ook aandacht aan de internationale aspecten van de fauna, handel en recht vormen daarvan de hoofdmoot. 
De cursus proefdierkunde, met kritische kanttekeningen, is een must voor wie een job in die sector wil. 

Odisee - Campus Waas

In de afstudeerrichting dierenzorg leer je alles over dierenwelzijn en dierengedrag. 
Deze theoretische vakken staan hiervoor garant:
- Dierenhouderij en Dierenvoeding leggen de basis voor je kennis en praktijkaanpak van een breed gamma aan diersoorten. 
- Ethologie handelt over dierengedrag. 
- Pathologie vertelt je meer over de gezondheid van dieren.


Studiepunten

180

Agro- en Biotechnologie : Dierenzorg - Professionele bachelor

 

Algemene info


Agro- en biotechnologie is een praktijkgerichte opleiding.
Het programma bestaat uit een mix van:
- wetenschappelijke vakken (anatomie, fysiologie, pathologie, microbiologie, dierkunde, chemie, landbouwhuisdieren, kleine huisdieren, dierlijke voeding, veterinaire technieken, geneesmiddelenleer, instrumentenleer)
- algemeen vormende vakken(informatica, communicatievaardigheden, wetgeving, bedrijfseconomie).
- talrijke oefen-, labo- en praktijksessies.
In alle organiserende hogescholen kies je vanaf het eerste jaar een afstudeerrichting. 


Voor wie?
Een specifieke vooropleiding vanuit het SO is niet nodig.
De meeste vakken beginnen vanaf nul.
Een stevige basis voor chemie is wel meegenomen.


Aanvullende info:

Thomas More - Campus Geel

De bachelor in agro- en biotechnologie beschikt over een hedendaagse, gespecialiseerde, technische, bedrijfseconomische en milieukundige kennis binnen zijn gekozen sector. 
Door de talrijke practica en de bedrijfsstage tijdens zijn opleiding, heeft hij zich tevens de nodige praktische vaardigheden eigen gemaakt. Hij is direct inzetbaar in de hedendaagse biotechnische productiesector.
Deze afstudeerrichting leidt je op tot 'Dierenartsassistent'. Kenmerkend hier is dat je vanaf het 2de semester van het 2de jaar tot en met het 1ste semester van het 3de jaar gedurende 2 dagen per week stage loopt bij een dierenarts.

Katholieke Hogeschool VIVES - Campus Roeselare

Je bent actief op het vlak van de handel, de voeding, de verzorging en het welzijn van sport-, recreatie- en nutsdieren. 
Om op een verantwoorde manier te kunnen meewerken in de fokkerij, de veredeling, de verzorging en de therapie van dieren, is een grondigewetenschappelijke achtergrond onontbeerlijk.
Daarom horen vakken als biologie, dierkunde, anatomie en fysiologie tot het lessenpakket.
Daarnaast krijg je een totaal inzicht in de rol van het dier in de maatschappij en in het ecologisch netwerk. 
Als afgestudeerde beschik je ten slotte over de nodige biotechnologische kennis i.v.m. het kweken van nutsdieren voor menselijke consumptie (wildkweek, vis- en schelpdierenkweek …), voor dierlijke consumptie (insectenkweek) en voor biologische toepassingen (kweek van wormen, kweek van nuttige insecten voor geïntegreerde bestrijding,…).

Hogeschool Gent - Campus Melle

Al vanaf het eerste jaar krijg je specifieke vakken die met dierenzorg en -management te maken hebben. Tijdens de drie jaar zal ongeveer twee derden van je studiepakket rechtstreeks verband houden met je specialisatie. 
Je kennis over ethologie (gedrag), ziekten, preventieve verzorgingstechnieken, veterinaire assistentietechnieken, veredeling en fokkerij, huisvesting en hygiëne wordt jaar na jaar uitgebreid. 
De voornaamste gezelschapsdieren passeren de revue maar ook bijenteelt of de insectenkweek voor dierlijke consumptie komen aan bod. 
Ook het management en de administratie rond het houden en verzorgen van dieren leer je kennen.
Uiteraard besteden we ook aandacht aan de internationale aspecten van de fauna, handel en recht vormen daarvan de hoofdmoot. 
De cursus proefdierkunde, met kritische kanttekeningen, is een must voor wie een job in die sector wil. 

Odisee - Campus Waas

In de afstudeerrichting dierenzorg leer je alles over dierenwelzijn en dierengedrag. 
Deze theoretische vakken staan hiervoor garant:
- Dierenhouderij en Dierenvoeding leggen de basis voor je kennis en praktijkaanpak van een breed gamma aan diersoorten. 
- Ethologie handelt over dierengedrag. 
- Pathologie vertelt je meer over de gezondheid van dieren.


Studiepunten

180

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzondering:
    • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
    • Er is een verplichte niet bindende instaptoets voor de lerarenopleidingen.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden

De hogescholen hebben verplicht een reglement voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen. Dit reglement kan je bij elke instelling opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een proef of een gesprek of ...).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!! 

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Agro- en Biotechnologie 

Afstudeerrichting: Dierenzorg

Studieniveau: Professionele bachelor - HO

Studiegebied: Biotechniek

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Techniek,

Schoolvakken SO: Biologie, Biotechniek, Chemie, Landbouw,

Andere Afstudeerrichtingen

De andere afstudeerrichtingen van Agro- en Biotechnologie zijn:

Agro- en Biotechnologie : Agro-industrie (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Biotechnologie (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Groenmanagement (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Landbouw (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Tuinbouw (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Voedingsmiddelentechnologie (Professionele bachelor - HO)

Vervolgopleidingen

Na een professioneel gerichte bacheloropleiding kan je binnen het hoger onderwijs verder studeren in:


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten.

Er zijn geen Ba-na-Ba's binnen dit studiegebied. Er zijn waarschijnlijk andere Ba-na-Ba's waarin je mag starten. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per Ba-na-Ba.


een verkorte bachelor

Wanneer je al een bachelor of master hebt behaald en bijkomend een andere bachelor wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor leidt naar een volwaardig bachelordiploma.


een postgraduaat

Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten. Je kan deze opleiding volgen na een bachelor- of masteropleiding. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten.

De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een schakelprogramma

Dit is een overgangsprogramma tussen een professionele bachelor en een master, met een studieomvang van ten hoogste 90 studiepunten. De juiste omvang hangt af van de vooropleiding die je volgde en de gekozen master. 
Bedoeling is: academische vaardigheden en wetenschappelijk-disciplinaire basiskennis bijbrengen. Een schakelprogramma levert geen academische graad of diploma op, je hoeft dus ook geen leerkrediet in te zetten.  
Een schakelprogramma geeft toegang tot één welbepaalde master in een welbepaalde instellng.

Dit zijn de mogelijkheden na deze studierichting:

Schakelprogramma's specifiek na Agro- en Biotechnologie : Dierenzorg




Biowetenschappen: Voedingsindustrie - Universiteit Gent Campus Gent

Industriële wetenschappen: Biochemie - Universiteit Gent Campus Gent

Industriële wetenschappen: Nucleaire technologie - Universiteit Hasselt Campus Diepenbeek Gebouw D

Milieuwetenschap - Universiteit Antwerpen Stadscampus


Schakelprogramma's mits toelating toegankelijk na elke professionele bachelor

Audiovisuele kunsten: Radio en Schrijven - Erasmushogeschool Brussel RITCS (Royal Institute for Theatre, Cinema & Sound) - School of Arts

Bedrijfskunde - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Communicatiewetenschappen - Universiteit Gent Campus Gent



EU-Studies - Universiteit Gent Campus Gent

Filmstudies en visuele cultuur - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Geografie - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Meertalige professionele communicatie - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Mobiliteitswetenschappen - Universiteit Hasselt Campus Hasselt

Onderwijskunde - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Opleidings- en onderwijswetenschappen - Universiteit Antwerpen Stadscampus


Politieke communicatie - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Politieke wetenschappen - Universiteit Gent Campus Gent

Politieke wetenschappen - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus


Sociologie - Universiteit Gent Campus Gent

Sociologie - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Stedenbouw en ruimtelijke planning - Universiteit Antwerpen Campus Mutsaard

Theater- en filmwetenschap - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus


een specifieke lerarenopleiding

Als je leraar wilt worden kan je een specifieke lerarenopleiding volgen. Met dit diploma kan je les geven in de vakken die aansluiten bij je secundaire - of bachelor- of masteropleiding. De specifieke lerarenopleiding omvat 60 studiepunten waarvan 30 voor het theoretische gedeelte en 30 voor de praktijkcomponent. De SLO kan georganiseerd worden door een centrum voor volwassenenonderwijs, hogeschool of universiteit.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Flexibele leersystemen

Deze opleiding kan ook gevolgd worden in een flexibel leersysteem. Je ziet hier per onderwijsinstelling de mogelijkheden.

Thomas More, Campus Geel

Starten in februari

Katholieke Hogeschool VIVES, Campus Roeselare

Afstandsonderwijs

Odisee, Campus Waas

Afstandsonderwijs
Starten in februari

Instellingen

Kleinhoefstraat 4  2440 Geel
014 56 23 10    


Wilgenstraat 32  8800 Roeselare
051 23 23 30    


Brusselsesteenweg 161  9090 Melle
09 243 28 00    


Hospitaalstraat 23  9100 Sint-Niklaas
03 776 43 48    


Beroepsuitwegen

Als bachelor in de agro- en biotechnologie, afstudeerrichting dierenzorg kan je aan de slag als dierenverzorger en -manager in dierengezondheidscentra, dierentuinen, dierenwinkels, opvangcentra, kinderboerderijen, fokkerijen, kwekerijen, ...
Je kan ook aan de slag als biotechnicus in onderzoeks- en proefdiercentra, als technisch-commercieel medewerker in de petfoodsector als lesgever en beheerder van manèges.
Ook een job als vertegenwoordiger van de dierengeneeskundige industrie of diervoederbranche behoort tot jouw mogelijkheden.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. 
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Dierenverzorger
Inspecteur land- en tuinbouw
Kweker - verzorger van dieren
Landbouwkundig adviseur
Landbouwkundig onderzoeker
Pluim- en kleinveekweker
Varkensfokker
Vee- en paardenhouder

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Professionele Bachelor: Agro- en biotechnologie
VKS - Onderwijskwalificatie Professionele Bachelor: Agro- en biotechnologie

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Biotechnische wetenschappen (TSO) 308 22,35% 81,53% 9 16 22 60 198 3
Chemie (TSO) 42 3,17% 64,38% 5 4 5 8 20 0
Dier- en landbouwtechnische wetenschappen (TSO) 301 31,75% 64,48% 27 38 29 73 124 10
Dier- en landbouwtechnische wetenschappen (TSO) 140 14,77% 75,15% 10 9 9 36 75 1
Economie-moderne talen (ASO) 114 0,40% 80,58% 7 4 6 23 66 8
Elektromechanica (TSO) 72 1,43% 73,88% 5 5 3 20 39 0
Gespecialiseerde dierenverzorging (BSO) 129 15,71% 22,78% 37 42 23 11 6 10
Gezondheids- en welzijnswetenschappen (TSO) 65 1,03% 60,17% 10 8 8 13 22 4
Handel (TSO) 79 0,56% 49,77% 12 18 9 19 20 1
Humane wetenschappen (ASO) 163 0,62% 73,99% 8 13 20 34 80 8
Industriële wetenschappen (TSO) 33 0,90% 80,70% 2 2 3 2 24 0
Mechanische vormgevingstechnieken (TSO) 41 1,20% 47,96% 6 9 5 10 11 0
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 88 0,82% 89,79% 1 3 3 8 70 3
Natuur- en groentechnische wetenschappen (TSO) 61 34,27% 60,67% 5 10 9 13 21 3
Planttechnische wetenschappen (TSO) 256 28,80% 62,66% 31 34 21 45 104 21
Secretariaat-talen (TSO) 31 0,58% 46,79% 4 6 5 9 5 2
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 390 1,67% 58,56% 51 49 53 89 126 22
Techniek-wetenschappen (TSO) 154 3,53% 80,29% 4 9 12 35 92 2
Tuinaanleg en onderhoud (BSO) 41 5,11% 24,00% 11 12 8 1 4 5
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 120 0,34% 91,39% 3 3 3 9 97 5

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Higher education in Flanders: general information

Language admission requirements for higher education in Dutch

Dutch language levels explained

Language requirements


Instelling Taalniveau ITNA CNaVT Staats-
examen
Certificaat CVO Eigen Succesvol
Hogeschool Gent Campus Melle Vantage (B2)
Odisee Campus Waas Vantage (B2)
Thomas More Campus Geel Vantage (B2)

Gegevens bijgewerkt tot 15-02-2017

Agro- en Biotechnologie : Dierenzorg - Professionele bachelor

 

Algemene info


Agro- en biotechnologie is een praktijkgerichte opleiding.
Het programma bestaat uit een mix van:
- wetenschappelijke vakken (anatomie, fysiologie, pathologie, microbiologie, dierkunde, chemie, landbouwhuisdieren, kleine huisdieren, dierlijke voeding, veterinaire technieken, geneesmiddelenleer, instrumentenleer)
- algemeen vormende vakken(informatica, communicatievaardigheden, wetgeving, bedrijfseconomie).
- talrijke oefen-, labo- en praktijksessies.
In alle organiserende hogescholen kies je vanaf het eerste jaar een afstudeerrichting. 


Voor wie?
Een specifieke vooropleiding vanuit het SO is niet nodig.
De meeste vakken beginnen vanaf nul.
Een stevige basis voor chemie is wel meegenomen.


Aanvullende info:

Thomas More - Campus Geel

De bachelor in agro- en biotechnologie beschikt over een hedendaagse, gespecialiseerde, technische, bedrijfseconomische en milieukundige kennis binnen zijn gekozen sector. 
Door de talrijke practica en de bedrijfsstage tijdens zijn opleiding, heeft hij zich tevens de nodige praktische vaardigheden eigen gemaakt. Hij is direct inzetbaar in de hedendaagse biotechnische productiesector.
Deze afstudeerrichting leidt je op tot 'Dierenartsassistent'. Kenmerkend hier is dat je vanaf het 2de semester van het 2de jaar tot en met het 1ste semester van het 3de jaar gedurende 2 dagen per week stage loopt bij een dierenarts.

Katholieke Hogeschool VIVES - Campus Roeselare

Je bent actief op het vlak van de handel, de voeding, de verzorging en het welzijn van sport-, recreatie- en nutsdieren. 
Om op een verantwoorde manier te kunnen meewerken in de fokkerij, de veredeling, de verzorging en de therapie van dieren, is een grondigewetenschappelijke achtergrond onontbeerlijk.
Daarom horen vakken als biologie, dierkunde, anatomie en fysiologie tot het lessenpakket.
Daarnaast krijg je een totaal inzicht in de rol van het dier in de maatschappij en in het ecologisch netwerk. 
Als afgestudeerde beschik je ten slotte over de nodige biotechnologische kennis i.v.m. het kweken van nutsdieren voor menselijke consumptie (wildkweek, vis- en schelpdierenkweek …), voor dierlijke consumptie (insectenkweek) en voor biologische toepassingen (kweek van wormen, kweek van nuttige insecten voor geïntegreerde bestrijding,…).

Hogeschool Gent - Campus Melle

Al vanaf het eerste jaar krijg je specifieke vakken die met dierenzorg en -management te maken hebben. Tijdens de drie jaar zal ongeveer twee derden van je studiepakket rechtstreeks verband houden met je specialisatie. 
Je kennis over ethologie (gedrag), ziekten, preventieve verzorgingstechnieken, veterinaire assistentietechnieken, veredeling en fokkerij, huisvesting en hygiëne wordt jaar na jaar uitgebreid. 
De voornaamste gezelschapsdieren passeren de revue maar ook bijenteelt of de insectenkweek voor dierlijke consumptie komen aan bod. 
Ook het management en de administratie rond het houden en verzorgen van dieren leer je kennen.
Uiteraard besteden we ook aandacht aan de internationale aspecten van de fauna, handel en recht vormen daarvan de hoofdmoot. 
De cursus proefdierkunde, met kritische kanttekeningen, is een must voor wie een job in die sector wil. 

Odisee - Campus Waas

In de afstudeerrichting dierenzorg leer je alles over dierenwelzijn en dierengedrag. 
Deze theoretische vakken staan hiervoor garant:
- Dierenhouderij en Dierenvoeding leggen de basis voor je kennis en praktijkaanpak van een breed gamma aan diersoorten. 
- Ethologie handelt over dierengedrag. 
- Pathologie vertelt je meer over de gezondheid van dieren.


Studiepunten

180

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzondering:
    • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
    • Er is een verplichte niet bindende instaptoets voor de lerarenopleidingen.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden

De hogescholen hebben verplicht een reglement voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen. Dit reglement kan je bij elke instelling opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een proef of een gesprek of ...).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!! 

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.
Meer info vind u bij de organiserende onderwijsinstellingen en onder het tabblaadje 'International students'.

Situering

Opleiding: Agro- en Biotechnologie 

Afstudeerrichting: Dierenzorg

Studieniveau: Professionele bachelor - HO

Studiegebied: Biotechniek

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Techniek,

Schoolvakken SO: Biologie, Biotechniek, Chemie, Landbouw,

Andere Afstudeerrichtingen

De andere afstudeerrichtingen van Agro- en Biotechnologie zijn:

Agro- en Biotechnologie : Agro-industrie (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Biotechnologie (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Groenmanagement (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Landbouw (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Tuinbouw (Professionele bachelor - HO)
Agro- en Biotechnologie : Voedingsmiddelentechnologie (Professionele bachelor - HO)

Vervolgopleidingen

Na een professioneel gerichte bacheloropleiding kan je binnen het hoger onderwijs verder studeren in:


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten.

Er zijn geen Ba-na-Ba's binnen dit studiegebied. Er zijn waarschijnlijk andere Ba-na-Ba's waarin je mag starten. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per Ba-na-Ba.


een verkorte bachelor

Wanneer je al een bachelor of master hebt behaald en bijkomend een andere bachelor wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor leidt naar een volwaardig bachelordiploma.


een postgraduaat

Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten. Je kan deze opleiding volgen na een bachelor- of masteropleiding. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten.

De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een schakelprogramma

Dit is een overgangsprogramma tussen een professionele bachelor en een master, met een studieomvang van ten hoogste 90 studiepunten. De juiste omvang hangt af van de vooropleiding die je volgde en de gekozen master. 
Bedoeling is: academische vaardigheden en wetenschappelijk-disciplinaire basiskennis bijbrengen. Een schakelprogramma levert geen academische graad of diploma op, je hoeft dus ook geen leerkrediet in te zetten.  
Een schakelprogramma geeft toegang tot één welbepaalde master in een welbepaalde instellng.

Dit zijn de mogelijkheden na deze studierichting:

Schakelprogramma's specifiek na Agro- en Biotechnologie : Dierenzorg




Biowetenschappen: Voedingsindustrie - Universiteit Gent Campus Gent

Industriële wetenschappen: Biochemie - Universiteit Gent Campus Gent

Industriële wetenschappen: Nucleaire technologie - Universiteit Hasselt Campus Diepenbeek Gebouw D

Milieuwetenschap - Universiteit Antwerpen Stadscampus


Schakelprogramma's mits toelating toegankelijk na elke professionele bachelor

Audiovisuele kunsten: Radio en Schrijven - Erasmushogeschool Brussel RITCS (Royal Institute for Theatre, Cinema & Sound) - School of Arts

Bedrijfskunde - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Communicatiewetenschappen - Universiteit Gent Campus Gent



EU-Studies - Universiteit Gent Campus Gent

Filmstudies en visuele cultuur - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Geografie - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Meertalige professionele communicatie - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Mobiliteitswetenschappen - Universiteit Hasselt Campus Hasselt

Onderwijskunde - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Opleidings- en onderwijswetenschappen - Universiteit Antwerpen Stadscampus


Politieke communicatie - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Politieke wetenschappen - Universiteit Gent Campus Gent

Politieke wetenschappen - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus


Sociologie - Universiteit Gent Campus Gent

Sociologie - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

Stedenbouw en ruimtelijke planning - Universiteit Antwerpen Campus Mutsaard

Theater- en filmwetenschap - Universiteit Antwerpen Stadscampus

Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen - Vrije Universiteit Brussel Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus


een specifieke lerarenopleiding

Als je leraar wilt worden kan je een specifieke lerarenopleiding volgen. Met dit diploma kan je les geven in de vakken die aansluiten bij je secundaire - of bachelor- of masteropleiding. De specifieke lerarenopleiding omvat 60 studiepunten waarvan 30 voor het theoretische gedeelte en 30 voor de praktijkcomponent. De SLO kan georganiseerd worden door een centrum voor volwassenenonderwijs, hogeschool of universiteit.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Flexibele leersystemen

Deze opleiding kan ook gevolgd worden in een flexibel leersysteem. Je ziet hier per onderwijsinstelling de mogelijkheden.

Thomas More, Campus Geel

Starten in februari

Katholieke Hogeschool VIVES, Campus Roeselare

Afstandsonderwijs

Odisee, Campus Waas

Afstandsonderwijs
Starten in februari

Instellingen

Kleinhoefstraat 4  2440 Geel
014 56 23 10    


Wilgenstraat 32  8800 Roeselare
051 23 23 30    


Brusselsesteenweg 161  9090 Melle
09 243 28 00    


Hospitaalstraat 23  9100 Sint-Niklaas
03 776 43 48    


Beroepsuitwegen

Als bachelor in de agro- en biotechnologie, afstudeerrichting dierenzorg kan je aan de slag als dierenverzorger en -manager in dierengezondheidscentra, dierentuinen, dierenwinkels, opvangcentra, kinderboerderijen, fokkerijen, kwekerijen, ...
Je kan ook aan de slag als biotechnicus in onderzoeks- en proefdiercentra, als technisch-commercieel medewerker in de petfoodsector als lesgever en beheerder van manèges.
Ook een job als vertegenwoordiger van de dierengeneeskundige industrie of diervoederbranche behoort tot jouw mogelijkheden.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn. 
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Dierenverzorger
Inspecteur land- en tuinbouw
Kweker - verzorger van dieren
Landbouwkundig adviseur
Landbouwkundig onderzoeker
Pluim- en kleinveekweker
Varkensfokker
Vee- en paardenhouder

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Professionele Bachelor: Agro- en biotechnologie
VKS - Onderwijskwalificatie Professionele Bachelor: Agro- en biotechnologie

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Biotechnische wetenschappen (TSO) 308 22,35% 81,53% 9 16 22 60 198 3
Chemie (TSO) 42 3,17% 64,38% 5 4 5 8 20 0
Dier- en landbouwtechnische wetenschappen (TSO) 301 31,75% 64,48% 27 38 29 73 124 10
Dier- en landbouwtechnische wetenschappen (TSO) 140 14,77% 75,15% 10 9 9 36 75 1
Economie-moderne talen (ASO) 114 0,40% 80,58% 7 4 6 23 66 8
Elektromechanica (TSO) 72 1,43% 73,88% 5 5 3 20 39 0
Gespecialiseerde dierenverzorging (BSO) 129 15,71% 22,78% 37 42 23 11 6 10
Gezondheids- en welzijnswetenschappen (TSO) 65 1,03% 60,17% 10 8 8 13 22 4
Handel (TSO) 79 0,56% 49,77% 12 18 9 19 20 1
Humane wetenschappen (ASO) 163 0,62% 73,99% 8 13 20 34 80 8
Industriële wetenschappen (TSO) 33 0,90% 80,70% 2 2 3 2 24 0
Mechanische vormgevingstechnieken (TSO) 41 1,20% 47,96% 6 9 5 10 11 0
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 88 0,82% 89,79% 1 3 3 8 70 3
Natuur- en groentechnische wetenschappen (TSO) 61 34,27% 60,67% 5 10 9 13 21 3
Planttechnische wetenschappen (TSO) 256 28,80% 62,66% 31 34 21 45 104 21
Secretariaat-talen (TSO) 31 0,58% 46,79% 4 6 5 9 5 2
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 390 1,67% 58,56% 51 49 53 89 126 22
Techniek-wetenschappen (TSO) 154 3,53% 80,29% 4 9 12 35 92 2
Tuinaanleg en onderhoud (BSO) 41 5,11% 24,00% 11 12 8 1 4 5
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 120 0,34% 91,39% 3 3 3 9 97 5

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming

Higher education in Flanders: general information

Language admission requirements for higher education in Dutch

Dutch language levels explained

Language requirements


Instelling Taalniveau ITNA CNaVT Staats-
examen
Certificaat CVO Eigen Succesvol
Hogeschool Gent Campus Melle Vantage (B2)
Odisee Campus Waas Vantage (B2)
Thomas More Campus Geel Vantage (B2)

Gegevens bijgewerkt tot 15-02-2017