Biologie - Academische bachelor

 

Algemene info


Biologie is de studie van de levende wezens in de breedste zin (mens, dier, plant, micro-organismen).
Deze wetenschap bestudeert hun structuur, biochemische en fysiologische processen, verwantschap en evolutie, onderlinge relaties en de relaties met het milieu waarin ze leven.
De doelstelling van academische studies in de Biologie ligt op zuiver wetenschappelijk vlak: het bijbrengen van fundamentele kennis en inzichten over de levende wezens.
De opleiding verschilt dus duidelijk van studierichtingen zoals geneeskunde, farmaceutische wetenschappen en bio-ingenieur, waar de nadruk veeleer ligt op de toepassing van de biologische kennis.  
De bioloog is dé specialist als het gaat om de kennis van levende materie. Andere opleidingen met een "bio" label richten zich eerder op: 
- de toepassing van biologische processen (bio-ingenieur);
- de biologie van de mens en op medische toepassingen (biomedische wetenschappen);
- of beperken zich tot het moleculaire en cellulaire niveau (biochemie en biotechnologie).


Afhankelijk van de universiteit worden keuzetrajecten georganiseerd. Een overzicht vind je onder het gelijknamige tabblaadje.


Voor wie?
Interesse en aanleg voor exacte wetenschappen zijn de belangrijkste vereisten voor een succesvolle start in de biologie.
Je moet ook handig zijn en nauwkeurig kunnen werken, anders zal je het moeilijk krijgen bij het werk in het laboratorium of achter de microscoop.
Besef dat de uren die je in een laboratorium doorbrengt een groot deel van je studietijd zullen innemen.
Voorkennis van biologie is niet noodzakelijk, wel veel interesse voor organismen en het milieu waarin ze leven. Ook voor de cursussen chemie en fysica is geen directe voorkennis vereist.
De leerstof uit het secundair onderwijs wordt grotendeels herhaald, zij het dan vanuit een ander oogpunt. 
Op vlak van de voorkennis voor wiskunde varieert het advies van de universiteiten van 4 tot 6u.  


De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding biochemie & biotechnologie, biologie, chemie, geologie, of geografie & geomatica.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie
Als je minder wiskunde of chemie volgde in het secundair onderwijs, en toch interesse hebt in onze opleidingen, neem dan zeker deel: misschien is je niveau hoger dan je vooropleiding laat vermoeden. Als de toets uitwijst dat je wiskunde- of chemiekennis moet worden bijgespijkerd, is er nog tijd om dat te doen, o.a. door een zomercursus of overbruggingsonderwijs.
Deelname aan de ijkingstoets is niet verplicht en gratis. Inschrijven is verplicht!
Voor info: http://www.ijkingstoets.be 



Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Biologie - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


Biologie is de studie van de levende wezens in de breedste zin (mens, dier, plant, micro-organismen).
Deze wetenschap bestudeert hun structuur, biochemische en fysiologische processen, verwantschap en evolutie, onderlinge relaties en de relaties met het milieu waarin ze leven.
De doelstelling van academische studies in de Biologie ligt op zuiver wetenschappelijk vlak: het bijbrengen van fundamentele kennis en inzichten over de levende wezens.
De opleiding verschilt dus duidelijk van studierichtingen zoals geneeskunde, farmaceutische wetenschappen en bio-ingenieur, waar de nadruk veeleer ligt op de toepassing van de biologische kennis.  
De bioloog is dé specialist als het gaat om de kennis van levende materie. Andere opleidingen met een "bio" label richten zich eerder op: 
- de toepassing van biologische processen (bio-ingenieur);
- de biologie van de mens en op medische toepassingen (biomedische wetenschappen);
- of beperken zich tot het moleculaire en cellulaire niveau (biochemie en biotechnologie).


Afhankelijk van de universiteit worden keuzetrajecten georganiseerd. Een overzicht vind je onder het gelijknamige tabblaadje.


Voor wie?
Interesse en aanleg voor exacte wetenschappen zijn de belangrijkste vereisten voor een succesvolle start in de biologie.
Je moet ook handig zijn en nauwkeurig kunnen werken, anders zal je het moeilijk krijgen bij het werk in het laboratorium of achter de microscoop.
Besef dat de uren die je in een laboratorium doorbrengt een groot deel van je studietijd zullen innemen.
Voorkennis van biologie is niet noodzakelijk, wel veel interesse voor organismen en het milieu waarin ze leven. Ook voor de cursussen chemie en fysica is geen directe voorkennis vereist.
De leerstof uit het secundair onderwijs wordt grotendeels herhaald, zij het dan vanuit een ander oogpunt. 
Op vlak van de voorkennis voor wiskunde varieert het advies van de universiteiten van 4 tot 6u.  


De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding biochemie & biotechnologie, biologie, chemie, geologie, of geografie & geomatica.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie
Als je minder wiskunde of chemie volgde in het secundair onderwijs, en toch interesse hebt in onze opleidingen, neem dan zeker deel: misschien is je niveau hoger dan je vooropleiding laat vermoeden. Als de toets uitwijst dat je wiskunde- of chemiekennis moet worden bijgespijkerd, is er nog tijd om dat te doen, o.a. door een zomercursus of overbruggingsonderwijs.
Deelname aan de ijkingstoets is niet verplicht en gratis. Inschrijven is verplicht!
Voor info: http://www.ijkingstoets.be 



Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Instellingen die de opleiding organiseren met keuzetraject(en):

Onderwijskiezer ziet een keuzetraject als een existentieel deel van de opleiding, dat mede de eigenheid van die opleiding bepaalt. We stellen geen voorwaarden van een minimum aantal studiepunten, maar het gaat wel altijd om een pakket van meerdere vakken.

KU Leuven

Biochemie en biotechnologie

Business and Innovation

Geologie

Humane biologie

Milieu en duurzame ontwikkeling

Onderwijs

Verbreding Biologie


KU Leuven - Campus Kulak Kortrijk

Biochemie en biotechnologie

Biologie


Universiteit Gent - Campus Gent

Fundamentele kennis over de levende materie veronderstelt o.a. inzicht in biochemische, fysiologische en moleculaire eigenschappen. 
Om die te bestuderen doen wetenschappers een beroep op wetmatigheden en technieken uit de chemie, de fysica en de wiskunde. 
In het eerste jaar bachelor wordt er dan ook veel aandacht geschonken aan deze fundamentele basisvakken. De globale doelstelling van dit eerste bachelorjaar bestaat erin alle studenten op hetzelfde niveau te brengen met voldoende brede inzichten in de biologische diversiteit, bouwplannen en processen. 
Vanaf het tweede jaar bachelor komen bijna enkel biologisch georiënteerde vakken aan bod. 
In het derde jaar bachelor is er reeds een ‘minithesis’ ingebouwd in het programma in de vorm van een bachelorproef (zelfstandig projectwerk van vijf weken). 
Door deze opdracht ondervind je zelf wat wetenschappelijk onderzoek uitvoeren echt betekent. 

Onderwijs



Instellingen die de opleiding organiseren zonder keuzetraject(en):

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

In het eerste jaar wordt de nadruk gelegd op de vorming van een wetenschappelijke basis die nog alle opties voor de toekomst openhoudt. Naargelang je verder studeert, krijg je steeds meer gelegenheid om je opleiding zelf richting te geven. Het programma bevat een vaste kern van 144 stp. Daarnaast vul je zelf je opleiding aan met een flexibel gedeelte van 36 stp. 

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

Tijdens je eerste jaar zorg je eerst voor een stevige algemene biologische basis die je nodig hebt ongeacht de richting waarin je later wil specialiseren. Hierbij komen vakken als celbiologie, bouwplannen dieren en planten en ecologie aan bod. Ook vakken als wiskunde, chemie en fysica behoren tot deze basis.  
Tijdens je hele bacheloropleiding werk je voortdurend rond drie grote leerlijnen die overeenkomen met de biologische organisatieniveaus:

  • Moleculair-cellulaire niveau
  • Organismeniveau (dieren, planten, micro-organismen)
  • Ecosysteemniveau

In het tweede en derde jaar bouw je hierop verder en diep je deze kennis steeds verder uit met vakken als immunologie, gedragsleer en ecosysteembeheer.

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

Binnen de opleiding biologie krijg je een brede wetenschappelijke vorming in de experimentele, klassieke en toegepaste biologie.
Je maakt kennis met de moleculaire biologie, de biologische processen in de biosfeer en alles wat daar tussenin ligt, zoals biodiversiteit van planten en dieren, fysiologie, genetica, ecologie en milieukunde.
Om de biologische processen goed te kunnen begrijpen, worden relevante onderdelen van de chemie, fysica, wiskunde en geologie geïntegreerd in de biologievakken of in een biologische context gedoceerd.
Aan de UHasselt wordt het 1ste en 2de bachelorjaar georganiseerd in een 3-trimestersysteem met ook 3 examenperiodes. Nadien is er een semestersysteem. 
Hier kan je enkel de volledige bachelorfase volgen.


Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.

Situering

Opleiding: Biologie 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Wetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Wiskunde-cijferwerk,

Schoolvakken SO: Biologie, Chemie, Natuurwetenschappen, Wetenschappen, Wiskunde,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied
































































een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


    
Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Agoralaan  3590 Diepenbeek
011 26 81 11    


E.Sabbelaan 53  8500 Kortrijk
056 24 61 38    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

De biologen hebben een zeer polyvalente opleiding achter de rug. 
Daarom tref je hen in zeer diverse sectoren van de arbeidsmarkt aan.
Een eerste belangrijke tewerkstellingssector (> 40% van de afgestudeerden) is het fundamenteel en toegepast wetenschappelijk onderzoek aan de universiteit of andere instellingen (bv. natuur- wetenschappelijke instituten, Vlaams Instituut voor Biotechnologie, de Zoo, ...). 
In de privé-sector zijn er heel wat mogelijkheden in Research & Development (vaak na eerst een doctoraat gemaakt te hebben) en in marketing, o.a. in de medische, farmaceutische en biotechnologische sectoren en in industriële laboratoria.
Er is ook veel vraag naar biologen bij de overheid (federaal, gewest, provincie, gemeente), bij natuurverenigingen, in studiecentra en adviesbureaus, in het bijzonder in de milieusector.
Ongeveer 1/5 van de biologen wordt leraar in het secundair en hoger onderwijs.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn.
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Medisch bioloog
Milieucoördinator
Onderzoeker exacte wetenschappen
Supervisor natuurpatrimonium

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de biologie

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Biotechnische wetenschappen (TSO) 75 5,44% 49,84% 10 14 10 23 15 3
Economie-moderne talen (ASO) 39 0,14% 28,31% 14 5 5 8 1 6
Economie-wetenschappen (ASO) 34 1,32% 61,02% 4 4 2 12 10 2
Humane wetenschappen (ASO) 43 0,17% 36,13% 10 6 10 7 2 8
Latijn-wetenschappen (ASO) 137 2,06% 71,37% 8 12 10 34 58 15
Latijn-wiskunde (ASO) 76 0,65% 84,41% 4 7 9 51 5
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 228 2,21% 59,59% 20 30 36 53 74 15
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 32 0,13% 22,61% 8 3 4 1 1 15
Sportwetenschappen (ASO) 36 1,19% 57,42% 7 2 6 10 7 4
Techniek-wetenschappen (TSO) 84 1,89% 50,50% 11 13 18 16 20 6
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 551 1,50% 73,14% 25 52 42 132 278 22

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 29-01-2018

Biologie - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


Biologie is de studie van de levende wezens in de breedste zin (mens, dier, plant, micro-organismen).
Deze wetenschap bestudeert hun structuur, biochemische en fysiologische processen, verwantschap en evolutie, onderlinge relaties en de relaties met het milieu waarin ze leven.
De doelstelling van academische studies in de Biologie ligt op zuiver wetenschappelijk vlak: het bijbrengen van fundamentele kennis en inzichten over de levende wezens.
De opleiding verschilt dus duidelijk van studierichtingen zoals geneeskunde, farmaceutische wetenschappen en bio-ingenieur, waar de nadruk veeleer ligt op de toepassing van de biologische kennis.  
De bioloog is dé specialist als het gaat om de kennis van levende materie. Andere opleidingen met een "bio" label richten zich eerder op: 
- de toepassing van biologische processen (bio-ingenieur);
- de biologie van de mens en op medische toepassingen (biomedische wetenschappen);
- of beperken zich tot het moleculaire en cellulaire niveau (biochemie en biotechnologie).


Afhankelijk van de universiteit worden keuzetrajecten georganiseerd. Een overzicht vind je onder het gelijknamige tabblaadje.


Voor wie?
Interesse en aanleg voor exacte wetenschappen zijn de belangrijkste vereisten voor een succesvolle start in de biologie.
Je moet ook handig zijn en nauwkeurig kunnen werken, anders zal je het moeilijk krijgen bij het werk in het laboratorium of achter de microscoop.
Besef dat de uren die je in een laboratorium doorbrengt een groot deel van je studietijd zullen innemen.
Voorkennis van biologie is niet noodzakelijk, wel veel interesse voor organismen en het milieu waarin ze leven. Ook voor de cursussen chemie en fysica is geen directe voorkennis vereist.
De leerstof uit het secundair onderwijs wordt grotendeels herhaald, zij het dan vanuit een ander oogpunt. 
Op vlak van de voorkennis voor wiskunde varieert het advies van de universiteiten van 4 tot 6u.  


De universiteiten organiseren voor kandidaat-studenten een ijkingstoets
Met deze toets ontdek je of je de noodzakelijke wiskundige en wetenschappelijke vaardigheden hebt om te starten in een opleiding biochemie & biotechnologie, biologie, chemie, geologie, of geografie & geomatica.
De toets is gebaseerd op leerstof van de richtingen uit het secundair onderwijs met 6 uur wiskunde en met 1 uur chemie
Als je minder wiskunde of chemie volgde in het secundair onderwijs, en toch interesse hebt in onze opleidingen, neem dan zeker deel: misschien is je niveau hoger dan je vooropleiding laat vermoeden. Als de toets uitwijst dat je wiskunde- of chemiekennis moet worden bijgespijkerd, is er nog tijd om dat te doen, o.a. door een zomercursus of overbruggingsonderwijs.
Deelname aan de ijkingstoets is niet verplicht en gratis. Inschrijven is verplicht!
Voor info: http://www.ijkingstoets.be 



Studiepunten

180 (bachelor) + 120 (master)

Instellingen die de opleiding organiseren met keuzetraject(en):

Onderwijskiezer ziet een keuzetraject als een existentieel deel van de opleiding, dat mede de eigenheid van die opleiding bepaalt. We stellen geen voorwaarden van een minimum aantal studiepunten, maar het gaat wel altijd om een pakket van meerdere vakken.

KU Leuven

Biochemie en biotechnologie

Business and Innovation

Geologie

Humane biologie

Milieu en duurzame ontwikkeling

Onderwijs

Verbreding Biologie


KU Leuven - Campus Kulak Kortrijk

Biochemie en biotechnologie

Biologie


Universiteit Gent - Campus Gent

Fundamentele kennis over de levende materie veronderstelt o.a. inzicht in biochemische, fysiologische en moleculaire eigenschappen. 
Om die te bestuderen doen wetenschappers een beroep op wetmatigheden en technieken uit de chemie, de fysica en de wiskunde. 
In het eerste jaar bachelor wordt er dan ook veel aandacht geschonken aan deze fundamentele basisvakken. De globale doelstelling van dit eerste bachelorjaar bestaat erin alle studenten op hetzelfde niveau te brengen met voldoende brede inzichten in de biologische diversiteit, bouwplannen en processen. 
Vanaf het tweede jaar bachelor komen bijna enkel biologisch georiënteerde vakken aan bod. 
In het derde jaar bachelor is er reeds een ‘minithesis’ ingebouwd in het programma in de vorm van een bachelorproef (zelfstandig projectwerk van vijf weken). 
Door deze opdracht ondervind je zelf wat wetenschappelijk onderzoek uitvoeren echt betekent. 

Onderwijs



Instellingen die de opleiding organiseren zonder keuzetraject(en):

Vrije Universiteit Brussel - Brussels Humanities, Sciences & Engineering Campus

In het eerste jaar wordt de nadruk gelegd op de vorming van een wetenschappelijke basis die nog alle opties voor de toekomst openhoudt. Naargelang je verder studeert, krijg je steeds meer gelegenheid om je opleiding zelf richting te geven. Het programma bevat een vaste kern van 144 stp. Daarnaast vul je zelf je opleiding aan met een flexibel gedeelte van 36 stp. 

Universiteit Antwerpen - Stadscampus

Tijdens je eerste jaar zorg je eerst voor een stevige algemene biologische basis die je nodig hebt ongeacht de richting waarin je later wil specialiseren. Hierbij komen vakken als celbiologie, bouwplannen dieren en planten en ecologie aan bod. Ook vakken als wiskunde, chemie en fysica behoren tot deze basis.  
Tijdens je hele bacheloropleiding werk je voortdurend rond drie grote leerlijnen die overeenkomen met de biologische organisatieniveaus:

  • Moleculair-cellulaire niveau
  • Organismeniveau (dieren, planten, micro-organismen)
  • Ecosysteemniveau

In het tweede en derde jaar bouw je hierop verder en diep je deze kennis steeds verder uit met vakken als immunologie, gedragsleer en ecosysteembeheer.

Universiteit Hasselt - Campus Diepenbeek Gebouw D

Binnen de opleiding biologie krijg je een brede wetenschappelijke vorming in de experimentele, klassieke en toegepaste biologie.
Je maakt kennis met de moleculaire biologie, de biologische processen in de biosfeer en alles wat daar tussenin ligt, zoals biodiversiteit van planten en dieren, fysiologie, genetica, ecologie en milieukunde.
Om de biologische processen goed te kunnen begrijpen, worden relevante onderdelen van de chemie, fysica, wiskunde en geologie geïntegreerd in de biologievakken of in een biologische context gedoceerd.
Aan de UHasselt wordt het 1ste en 2de bachelorjaar georganiseerd in een 3-trimestersysteem met ook 3 examenperiodes. Nadien is er een semestersysteem. 
Hier kan je enkel de volledige bachelorfase volgen.


Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.

Situering

Opleiding: Biologie 

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Science

Studiegebied: Wetenschappen

Belangstellingsdomeinen: Exacte wetenschappen, Wiskunde-cijferwerk,

Schoolvakken SO: Biologie, Chemie, Natuurwetenschappen, Wetenschappen, Wiskunde,

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied
































































een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

Pleinlaan 2  1050 Elsene
02 629 20 10    


Prinsstraat 13  2000 Antwerpen
03 265 48 72    


    
Naamsestraat 22  3000 Leuven
016 32 40 10    


Agoralaan  3590 Diepenbeek
011 26 81 11    


E.Sabbelaan 53  8500 Kortrijk
056 24 61 38    


Sint-Pietersnieuwstraat 33  9000 Gent
09 331 00 31    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

De biologen hebben een zeer polyvalente opleiding achter de rug. 
Daarom tref je hen in zeer diverse sectoren van de arbeidsmarkt aan.
Een eerste belangrijke tewerkstellingssector (> 40% van de afgestudeerden) is het fundamenteel en toegepast wetenschappelijk onderzoek aan de universiteit of andere instellingen (bv. natuur- wetenschappelijke instituten, Vlaams Instituut voor Biotechnologie, de Zoo, ...). 
In de privé-sector zijn er heel wat mogelijkheden in Research & Development (vaak na eerst een doctoraat gemaakt te hebben) en in marketing, o.a. in de medische, farmaceutische en biotechnologische sectoren en in industriële laboratoria.
Er is ook veel vraag naar biologen bij de overheid (federaal, gewest, provincie, gemeente), bij natuurverenigingen, in studiecentra en adviesbureaus, in het bijzonder in de milieusector.
Ongeveer 1/5 van de biologen wordt leraar in het secundair en hoger onderwijs.

Hier een overzicht van mogelijke aansluitende beroepen uit de beroependatabase van onderwijskiezer. 
Er kunnen steeds nog andere mogelijkheden zijn.
Klik op een beroep voor meer informatie.

Mogelijke beroepen

Medisch bioloog
Milieucoördinator
Onderzoeker exacte wetenschappen
Supervisor natuurpatrimonium

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Bachelor of Science in de biologie

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Biotechnische wetenschappen (TSO) 75 5,44% 49,84% 10 14 10 23 15 3
Economie-moderne talen (ASO) 39 0,14% 28,31% 14 5 5 8 1 6
Economie-wetenschappen (ASO) 34 1,32% 61,02% 4 4 2 12 10 2
Humane wetenschappen (ASO) 43 0,17% 36,13% 10 6 10 7 2 8
Latijn-wetenschappen (ASO) 137 2,06% 71,37% 8 12 10 34 58 15
Latijn-wiskunde (ASO) 76 0,65% 84,41% 4 7 9 51 5
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 228 2,21% 59,59% 20 30 36 53 74 15
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 32 0,13% 22,61% 8 3 4 1 1 15
Sportwetenschappen (ASO) 36 1,19% 57,42% 7 2 6 10 7 4
Techniek-wetenschappen (TSO) 84 1,89% 50,50% 11 13 18 16 20 6
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 551 1,50% 73,14% 25 52 42 132 278 22

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 29-01-2018