Audiovisuele kunsten : Montage - Academische bachelor

 

Tijdens het eerste jaar van de bacheloropleiding ontdek je als student montage samen met de studenten schrijven, regie, productie, cinematografie en sound design de audiovisuele basisbegrippen. Je krijgt een bad van Kunst, Cultuur en Filmgeschiedenis; de eerste scenario-, regie- en productielessen en je hebt gezamenlijke praktijk fictie en reportage. Hier wordt de kiem gelegd voor de latere samenwerkingen, elk vanuit de eigen, steeds meer gespecialiseerde discipline. Er zijn ook al enkele specifieke vakken zoals Montagetechnieken en Montagevormen. Op het einde van het eerste jaar toon je een persoonlijk, geïnspireerd werk.
Vanaf het tweede jaar concentreert de richting montage zich op de storytelling binnen fictie en verhalen uit de realiteit. Analyse van film en documentaire zijn belangrijk. De kracht van muziek bij een audiovisueel verhaal wordt onderzocht. Een basis van visuele effecten en color grading wordt bijgebracht zodat dit een juiste plaats krijgt in de postproductie.
Je gaat creatief en zelfbewust om met het narratieve en dramatische aspect in het verhaal. Je doet voorstellen qua structuur, tempo, ritme, emotie, muziek en sound design. Als student werk je met studenten regie samen in de praktijk: fictie, human interest reportages en documentaire. Gaandeweg hanteer je hierin je eigen, creatieve stijl.


Aanvullende info:

Erasmushogeschool Brussel - Campus Dansaert RITCS


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Audiovisuele kunsten : Montage - Academische bachelor

Tijdens het eerste jaar van de bacheloropleiding ontdek je als student montage samen met de studenten schrijven, regie, productie, cinematografie en sound design de audiovisuele basisbegrippen. Je krijgt een bad van Kunst, Cultuur en Filmgeschiedenis; de eerste scenario-, regie- en productielessen en je hebt gezamenlijke praktijk fictie en reportage. Hier wordt de kiem gelegd voor de latere samenwerkingen, elk vanuit de eigen, steeds meer gespecialiseerde discipline. Er zijn ook al enkele specifieke vakken zoals Montagetechnieken en Montagevormen. Op het einde van het eerste jaar toon je een persoonlijk, geïnspireerd werk.
Vanaf het tweede jaar concentreert de richting montage zich op de storytelling binnen fictie en verhalen uit de realiteit. Analyse van film en documentaire zijn belangrijk. De kracht van muziek bij een audiovisueel verhaal wordt onderzocht. Een basis van visuele effecten en color grading wordt bijgebracht zodat dit een juiste plaats krijgt in de postproductie.
Je gaat creatief en zelfbewust om met het narratieve en dramatische aspect in het verhaal. Je doet voorstellen qua structuur, tempo, ritme, emotie, muziek en sound design. Als student werk je met studenten regie samen in de praktijk: fictie, human interest reportages en documentaire. Gaandeweg hanteer je hierin je eigen, creatieve stijl.


Aanvullende info:

Erasmushogeschool Brussel - Campus Dansaert RITCS


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Bijzondere toelatingsvoorwaarden

Slagen in een artistieke toelatingsproef
Je mag slechts één maal per academiejaar deelnemen aan de toelatingsproef voor eenzelfde afstudeerrichting. 
Je kiest of je inschrijft voor de proef van juni of de proef van september.

 

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.

Situering

Opleiding: Audiovisuele kunsten 

Afstudeerrichting: Montage

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Arts

Studiegebied: Audiovisuele en Beeldende kunst

Belangstellingsdomeinen: Plastische kunsten, Techniek,

Schoolvakken SO: Audiovisuele vorming, Beeld- en mediacultuur, Communicatieve vaardigheden, Cultuurwetenschappen, Expressie, Fotografie,

Andere Afstudeerrichtingen

Audiovisuele kunsten : Animatiefilm (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Cinematografie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Communicatie- en multimediadesign (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Film (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Radio (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Regie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Schrijven (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Televisie-film (Academische bachelor - HO)

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied






































een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

A.Dansaertstraat 70  1000 Brussel
02 507 14 11    


Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Audiovisuele vorming (KSO) 109 13,99% 73,26% 3 4 16 36 50
Economie-moderne talen (ASO) 48 0,17% 76,21% 3 1 4 8 28 4
Humane wetenschappen (ASO) 110 0,42% 82,01% 2 2 8 26 64 8
Latijn-moderne talen (ASO) 40 0,46% 81,13% 2 2 10 26
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 32 0,31% 79,29% 2 4 4 20 2
Multimedia (TSO) 40 2,63% 53,76% 8 5 2 16 8 1
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 31 0,13% 64,86% 3 3 3 9 12 1
Toegepaste beeldende kunst (KSO) 57 4,19% 77,93% 10 15 29 3
Vrije beeldende kunst (KSO) 38 3,40% 82,07% 2 3 5 27 1
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 38 0,10% 76,71% 1 1 2 15 18 1
Woordkunst-drama (KSO) 35 3,41% 81,66% 2 1 9 20 3

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 27-02-2018

Audiovisuele kunsten : Montage - Academische bachelor

Tijdens het eerste jaar van de bacheloropleiding ontdek je als student montage samen met de studenten schrijven, regie, productie, cinematografie en sound design de audiovisuele basisbegrippen. Je krijgt een bad van Kunst, Cultuur en Filmgeschiedenis; de eerste scenario-, regie- en productielessen en je hebt gezamenlijke praktijk fictie en reportage. Hier wordt de kiem gelegd voor de latere samenwerkingen, elk vanuit de eigen, steeds meer gespecialiseerde discipline. Er zijn ook al enkele specifieke vakken zoals Montagetechnieken en Montagevormen. Op het einde van het eerste jaar toon je een persoonlijk, geïnspireerd werk.
Vanaf het tweede jaar concentreert de richting montage zich op de storytelling binnen fictie en verhalen uit de realiteit. Analyse van film en documentaire zijn belangrijk. De kracht van muziek bij een audiovisueel verhaal wordt onderzocht. Een basis van visuele effecten en color grading wordt bijgebracht zodat dit een juiste plaats krijgt in de postproductie.
Je gaat creatief en zelfbewust om met het narratieve en dramatische aspect in het verhaal. Je doet voorstellen qua structuur, tempo, ritme, emotie, muziek en sound design. Als student werk je met studenten regie samen in de praktijk: fictie, human interest reportages en documentaire. Gaandeweg hanteer je hierin je eigen, creatieve stijl.


Aanvullende info:

Erasmushogeschool Brussel - Campus Dansaert RITCS


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Bijzondere toelatingsvoorwaarden

Slagen in een artistieke toelatingsproef
Je mag slechts één maal per academiejaar deelnemen aan de toelatingsproef voor eenzelfde afstudeerrichting. 
Je kiest of je inschrijft voor de proef van juni of de proef van september.

 

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.

Situering

Opleiding: Audiovisuele kunsten 

Afstudeerrichting: Montage

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Arts

Studiegebied: Audiovisuele en Beeldende kunst

Belangstellingsdomeinen: Plastische kunsten, Techniek,

Schoolvakken SO: Audiovisuele vorming, Beeld- en mediacultuur, Communicatieve vaardigheden, Cultuurwetenschappen, Expressie, Fotografie,

Andere Afstudeerrichtingen

Audiovisuele kunsten : Animatiefilm (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Cinematografie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Communicatie- en multimediadesign (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Film (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Radio (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Regie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Schrijven (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Televisie-film (Academische bachelor - HO)

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied






































een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

A.Dansaertstraat 70  1000 Brussel
02 507 14 11    


Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Audiovisuele vorming (KSO) 109 13,99% 73,26% 3 4 16 36 50
Economie-moderne talen (ASO) 48 0,17% 76,21% 3 1 4 8 28 4
Humane wetenschappen (ASO) 110 0,42% 82,01% 2 2 8 26 64 8
Latijn-moderne talen (ASO) 40 0,46% 81,13% 2 2 10 26
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 32 0,31% 79,29% 2 4 4 20 2
Multimedia (TSO) 40 2,63% 53,76% 8 5 2 16 8 1
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 31 0,13% 64,86% 3 3 3 9 12 1
Toegepaste beeldende kunst (KSO) 57 4,19% 77,93% 10 15 29 3
Vrije beeldende kunst (KSO) 38 3,40% 82,07% 2 3 5 27 1
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 38 0,10% 76,71% 1 1 2 15 18 1
Woordkunst-drama (KSO) 35 3,41% 81,66% 2 1 9 20 3

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 27-02-2018