Audiovisuele kunsten : Animatiefilm - Academische bachelor

 

Algemene info


Inhoudelijk zijn er 3 pijlers:



  • Algemeen-humane vorming: Filosofie, actualiteit, literatuur, kunstgeschiedenis, toegepaste schriftelijke en verbale communicatie, waarnemingspsychologie, culturele antropologie, muziek, sociologie, geschiedenis.  
    Deze basiswetenschappelijke en ondersteunende vorming varieert - naargelang de hogeschool en de afstudeerrichting - van een derde tot de helft van het totale lestijdenpakket in de bachelorjaren.

  • Artistiek-technische vakken: beeldtechnologie (met inbegrip van optica), videotechniek, scenario, audiotechnologie, filmanalyse, informatica, dramaturgie.

  • Tekenen (waarneming en model), workshops (audio, scenario, regie en draaiboek) en ateliers (film-video, animatiefilm, fotografie). 


Voor wie?
Een begincompetentie is gefascineerd zijn door animatiefilm, graag en veel tekenen en er een verhaal mee willen vertellen.
Daarnaast een motivatie voor gepassioneerd zoeken naar de ideale vorm voor jouw verhaal en door de oppervlakte naar de kern gaan, de waarheid, jouw waarheid.
Een specifieke vooropleiding is niet vereist.


Aanvullende info:

Erasmushogeschool Brussel - Campus Dansaert RITCS

Aan de animatiefilmafdeling worden tekenfilmers, computeranimators en poppenfilmers gevormd. In het eerste jaar maak je kennis met animatietechnieken en vormgeving.
Tijdens het praktijkgerichte tweede en derde jaar kun je meer je eigen richting en specialisatie bepalen, in functie van je toekomstplannen. 
Alle onderdelen van het productieverloop van een animatiefilm worden belicht. 
In de opleiding zijn zowel het inhoudelijke als het technische aspect van het vak evenwaardig.
De student moet niet alleen de techniek beheersen maar dient ook in staat te zijn een eigen creatie te maken. Beide facetten komen aan bod in de bachelorproef die bestaat uit het realiseren van een korte animatiefilm van 1 à 2 minuten in een zelf gekozen techniek.
Tijdens het masterjaar moet je een persoonlijke korte animatiefilm realiseren. 

LUCA School of Arts - Campus C-mine

Audiovisuele verhalen vertellen, motion design, visual compositing... In de animatiefilmopleiding van campus C-mine verken je alle mogelijkheden om je creatief uit te drukken met diverse animatiefilmtechnieken en genres. In onze artistieke opleiding hebben we daarnaast een marktgericht, innovatief denken, met veel aandacht voor context en technologie.

Hogeschool Gent - KASK-Koninklijk Conservatorium - Campus Bijloke

Je bestudeert grondig dit medium. Deze vier pijlers staan daarbij centraal:
- persoonlijke stijlvorming en onderzoe
- interactie met andere kunstdisciplines
- techniek als hulpmiddel, niet als doel
- een praktisch georiënteerde studie: film leren = film realiseren. 
De basisopleiding wordt afgesloten met een afstudeerfilm


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Audiovisuele kunsten : Animatiefilm - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


Inhoudelijk zijn er 3 pijlers:



  • Algemeen-humane vorming: Filosofie, actualiteit, literatuur, kunstgeschiedenis, toegepaste schriftelijke en verbale communicatie, waarnemingspsychologie, culturele antropologie, muziek, sociologie, geschiedenis.  
    Deze basiswetenschappelijke en ondersteunende vorming varieert - naargelang de hogeschool en de afstudeerrichting - van een derde tot de helft van het totale lestijdenpakket in de bachelorjaren.

  • Artistiek-technische vakken: beeldtechnologie (met inbegrip van optica), videotechniek, scenario, audiotechnologie, filmanalyse, informatica, dramaturgie.

  • Tekenen (waarneming en model), workshops (audio, scenario, regie en draaiboek) en ateliers (film-video, animatiefilm, fotografie). 


Voor wie?
Een begincompetentie is gefascineerd zijn door animatiefilm, graag en veel tekenen en er een verhaal mee willen vertellen.
Daarnaast een motivatie voor gepassioneerd zoeken naar de ideale vorm voor jouw verhaal en door de oppervlakte naar de kern gaan, de waarheid, jouw waarheid.
Een specifieke vooropleiding is niet vereist.


Aanvullende info:

Erasmushogeschool Brussel - Campus Dansaert RITCS

Aan de animatiefilmafdeling worden tekenfilmers, computeranimators en poppenfilmers gevormd. In het eerste jaar maak je kennis met animatietechnieken en vormgeving.
Tijdens het praktijkgerichte tweede en derde jaar kun je meer je eigen richting en specialisatie bepalen, in functie van je toekomstplannen. 
Alle onderdelen van het productieverloop van een animatiefilm worden belicht. 
In de opleiding zijn zowel het inhoudelijke als het technische aspect van het vak evenwaardig.
De student moet niet alleen de techniek beheersen maar dient ook in staat te zijn een eigen creatie te maken. Beide facetten komen aan bod in de bachelorproef die bestaat uit het realiseren van een korte animatiefilm van 1 à 2 minuten in een zelf gekozen techniek.
Tijdens het masterjaar moet je een persoonlijke korte animatiefilm realiseren. 

LUCA School of Arts - Campus C-mine

Audiovisuele verhalen vertellen, motion design, visual compositing... In de animatiefilmopleiding van campus C-mine verken je alle mogelijkheden om je creatief uit te drukken met diverse animatiefilmtechnieken en genres. In onze artistieke opleiding hebben we daarnaast een marktgericht, innovatief denken, met veel aandacht voor context en technologie.

Hogeschool Gent - KASK-Koninklijk Conservatorium - Campus Bijloke

Je bestudeert grondig dit medium. Deze vier pijlers staan daarbij centraal:
- persoonlijke stijlvorming en onderzoe
- interactie met andere kunstdisciplines
- techniek als hulpmiddel, niet als doel
- een praktisch georiënteerde studie: film leren = film realiseren. 
De basisopleiding wordt afgesloten met een afstudeerfilm


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Bijzondere toelatingsvoorwaarden

Slagen in een artistieke toelatingsproef.
Je mag slechts één maal per academiejaar deelnemen aan de toelatingsproef voor eenzelfde afstudeerrichting.
Je kiest of je inschrijft voor de proef van juni of de proef van september.

 

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.

Situering

Opleiding: Audiovisuele kunsten 

Afstudeerrichting: Animatiefilm

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Arts

Studiegebied: Audiovisuele en Beeldende kunst

Belangstellingsdomeinen: Plastische kunsten, Techniek,

Schoolvakken SO: Audiovisuele vorming, Beeld- en mediacultuur, Communicatieve vaardigheden, Cultuurwetenschappen, Expressie, Fotografie,

Andere Afstudeerrichtingen

De andere afstudeerrichtingen binnen Audiovisuele kunsten zijn:

Audiovisuele kunsten : Cinematografie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Communicatie- en multimediadesign (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Film (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Montage (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Productie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Radio (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Regie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Schrijven (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Televisie-film (Academische bachelor - HO)

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied





































een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

A.Dansaertstraat 70  1000 Brussel
02 507 14 11    


C-mine 5  3600 Genk
089 30 08 50    


J.Kluyskensstraat 2  9000 Gent
09 267 01 00    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

Media (kranten en tijdschriften, film, televisie, radio, video) bekleden een centrale plaats in de hedendaagse hoogtechnologische communicatiemaatschappij.
Deze communicatiemarkt is in permanente ontwikkeling en stimuleert voortdurend nieuwe technische ontwikkelingen.
Een eenduidig beroepsprofiel kan moeilijk worden uitgetekend.
Flexibiliteit, inventiviteit, teamspirit, aanpassingsvermogen aan de snel evoluerende technologie zijn onmiskenbaar belangrijke factoren die kunnen leiden naar professioneel succes en arbeidsvoldoening.
In functie van de genoten specialisatie, persoonlijke affiniteit, voorkeur, talent en werkkracht kunnen afgestudeerden uit de opleiding Audiovisuele kunsten terecht in permanent wijzigende beroepen.
De toekomstmogelijkheden voor masters in de Audiovisuele kunsten, afstudeerrichting Animatiefilm zijn gezien uiteenlopende toepassingsmogelijkheden in generieken, reclamespots, educatieve en wetenschappelijke programmas quasi onbeperkt.
Afgestudeerden kunnen terecht bij tv-stations, reclame-, video- en filmbedrijven of parastatalen met een eigen audiovisuele dienst.
Zij oefenen er functies uit zoals realisator, productieleider, animator, artdirector, lay-outman, scenarioschrijver, monteur audiovisuele vormgeving.

Klik hieronder op één van de beroepen voor een beschrijving van dat beroep, inclusief looninformatie en actuele vacatures.

Mogelijke beroepen

Beeld- en geluidsmonteur
Productieverantwoordelijke podium/audiovisueel
Regisseur audiovisuele producties

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Audiovisuele kunsten

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Audiovisuele vorming (KSO) 109 13,99% 73,26% 3 4 16 36 50
Economie-moderne talen (ASO) 48 0,17% 76,21% 3 1 4 8 28 4
Humane wetenschappen (ASO) 110 0,42% 82,01% 2 2 8 26 64 8
Latijn-moderne talen (ASO) 40 0,46% 81,13% 2 2 10 26
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 32 0,31% 79,29% 2 4 4 20 2
Multimedia (TSO) 40 2,63% 53,76% 8 5 2 16 8 1
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 31 0,13% 64,86% 3 3 3 9 12 1
Toegepaste beeldende kunst (KSO) 57 4,19% 77,93% 10 15 29 3
Vrije beeldende kunst (KSO) 38 3,40% 82,07% 2 3 5 27 1
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 38 0,10% 76,71% 1 1 2 15 18 1
Woordkunst-drama (KSO) 35 3,41% 81,66% 2 1 9 20 3

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 28-08-2017

Audiovisuele kunsten : Animatiefilm - Academische bachelor

Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK Foto OK
Klik op de foto om te vergroten

Algemene info


Inhoudelijk zijn er 3 pijlers:



  • Algemeen-humane vorming: Filosofie, actualiteit, literatuur, kunstgeschiedenis, toegepaste schriftelijke en verbale communicatie, waarnemingspsychologie, culturele antropologie, muziek, sociologie, geschiedenis.  
    Deze basiswetenschappelijke en ondersteunende vorming varieert - naargelang de hogeschool en de afstudeerrichting - van een derde tot de helft van het totale lestijdenpakket in de bachelorjaren.

  • Artistiek-technische vakken: beeldtechnologie (met inbegrip van optica), videotechniek, scenario, audiotechnologie, filmanalyse, informatica, dramaturgie.

  • Tekenen (waarneming en model), workshops (audio, scenario, regie en draaiboek) en ateliers (film-video, animatiefilm, fotografie). 


Voor wie?
Een begincompetentie is gefascineerd zijn door animatiefilm, graag en veel tekenen en er een verhaal mee willen vertellen.
Daarnaast een motivatie voor gepassioneerd zoeken naar de ideale vorm voor jouw verhaal en door de oppervlakte naar de kern gaan, de waarheid, jouw waarheid.
Een specifieke vooropleiding is niet vereist.


Aanvullende info:

Erasmushogeschool Brussel - Campus Dansaert RITCS

Aan de animatiefilmafdeling worden tekenfilmers, computeranimators en poppenfilmers gevormd. In het eerste jaar maak je kennis met animatietechnieken en vormgeving.
Tijdens het praktijkgerichte tweede en derde jaar kun je meer je eigen richting en specialisatie bepalen, in functie van je toekomstplannen. 
Alle onderdelen van het productieverloop van een animatiefilm worden belicht. 
In de opleiding zijn zowel het inhoudelijke als het technische aspect van het vak evenwaardig.
De student moet niet alleen de techniek beheersen maar dient ook in staat te zijn een eigen creatie te maken. Beide facetten komen aan bod in de bachelorproef die bestaat uit het realiseren van een korte animatiefilm van 1 à 2 minuten in een zelf gekozen techniek.
Tijdens het masterjaar moet je een persoonlijke korte animatiefilm realiseren. 

LUCA School of Arts - Campus C-mine

Audiovisuele verhalen vertellen, motion design, visual compositing... In de animatiefilmopleiding van campus C-mine verken je alle mogelijkheden om je creatief uit te drukken met diverse animatiefilmtechnieken en genres. In onze artistieke opleiding hebben we daarnaast een marktgericht, innovatief denken, met veel aandacht voor context en technologie.

Hogeschool Gent - KASK-Koninklijk Conservatorium - Campus Bijloke

Je bestudeert grondig dit medium. Deze vier pijlers staan daarbij centraal:
- persoonlijke stijlvorming en onderzoe
- interactie met andere kunstdisciplines
- techniek als hulpmiddel, niet als doel
- een praktisch georiënteerde studie: film leren = film realiseren. 
De basisopleiding wordt afgesloten met een afstudeerfilm


Studiepunten

180 (bachelor) + 60 (master)

Bijzondere toelatingsvoorwaarden

Slagen in een artistieke toelatingsproef.
Je mag slechts één maal per academiejaar deelnemen aan de toelatingsproef voor eenzelfde afstudeerrichting.
Je kiest of je inschrijft voor de proef van juni of de proef van september.

 

Taal

TOELATINGSVOORWAARDEN

Je wordt rechtstreeks toegelaten als je in het bezit bent van één van onderstaande diploma's:

  • een diploma van secundair onderwijs;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
  • een diploma van het vroegere hoger onderwijs voor sociale promotie (met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid);
  • een buitenlands diploma of getuigschrift dat gelijkwaardig verklaard is met één van bovenstaande.

    Uitzonderingen:
  • Er is een toelatingsproef voor de bacheloropleidingen in de studiegebieden Geneeskunde en Tandheelkunde (info: toelatingsexamenartstandarts.be);
  • Er zijn bekwaamheidsproeven (artistieke toelatingsproeven) om toegelaten te worden tot de opleidingen in de studiegebieden 'Audiovisuele en beeldende kunst' en 'Muziek en podiumkunsten'.
  • Er is een verplichte niet bindende toelatingsproef voor de bacheloropleidingen Ingenieurswetenschappen en Ingenieurswetenschappen-Architectuur en Diergeneeskunde.

Afwijkende toelatingsvoorwaarden:
De onderwijsinstellingen hebben een reglement moeten opstellen voor kandidaten die niet aan de algemene toelatingsvoorwaarden voldoen.
Dit reglement kan je bij de instelling van je keuze opvragen.
De afwijkende toelatingsvoorwaarden kunnen gebaseerd zijn op:
1. humanitaire redenen;
2. medische, psychische of sociale redenen ;
3. het algemeen niveau van de kandidaat, getoetst op de door het instellingsbestuur bepaalde wijze (bv. een gesprek, een proef, ..).
Weet wel dat dergelijke toelating niet gelijkgesteld is aan het diploma secundair onderwijs!!  

Extra taalvoorwaarden voor internationale studenten

De onderwijsinstellingen kunnen het slagen in een examen in de onderwijstaal opleggen als toelatingseis voor houders van een buitenlands diploma.

Situering

Opleiding: Audiovisuele kunsten 

Afstudeerrichting: Animatiefilm

Studieniveau: Academische bachelor - HO

Specificatie: Bachelor of Arts

Studiegebied: Audiovisuele en Beeldende kunst

Belangstellingsdomeinen: Plastische kunsten, Techniek,

Schoolvakken SO: Audiovisuele vorming, Beeld- en mediacultuur, Communicatieve vaardigheden, Cultuurwetenschappen, Expressie, Fotografie,

Andere Afstudeerrichtingen

De andere afstudeerrichtingen binnen Audiovisuele kunsten zijn:

Audiovisuele kunsten : Cinematografie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Communicatie- en multimediadesign (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Film (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Montage (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Productie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Radio (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Regie (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Schrijven (Academische bachelor - HO)
Audiovisuele kunsten : Televisie-film (Academische bachelor - HO)

Vervolgopleidingen


een masteropleiding

Na een academisch gerichte bacheloropleiding ga je normalerwijze een masteropleiding volgen. Een master omvat minstens 60 studiepunten. Masters zijn altijd academisch gericht, maar kunnen ook een professionele gerichtheid hebben. Onderwijskiezer vermeldt hier de masters van het studiegebied van deze opleiding. Let wel dat je niet automatisch in al deze masters toegelaten wordt! Het kan zijn dat je eerst een voorbereidingsprogramma moet volgen.

Masteropleidingen binnen dit studiegebied





































een postgraduaat

Verder studeren kan ook in een postgraduaat. Dit is een opleiding van minstens 20 studiepunten.. Het geeft recht op een getuigschrift. Bedoeling is: verdere professionele vorming, verbreding of verdieping van de reeds verworven competenties.  Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelating tot een postgraduaat verschilt per opleiding. Raadpleeg de toelatingsvoorwaarden per opleiding.


een bachelor-na-bacheloropleiding (Ba-na-Ba)

Verder studeren kan ook in een Ba-na-Ba. Dit is een verdere specialisatie, aansluitend op je basisopleiding en omvat minstens 60 studiepunten. Je hoeft er geen leerkrediet voor in te zetten. De toelatingsvoorwaarden kunnen verschillen per opleiding.


een verkorte bachelor/master

Wanneer je een andere bachelor/master wilt behalen, kan dat soms via een verkort traject. Je behaalt dan het diploma op kortere termijn. De verkorte bachelor/master leidt naar een volwaardig bachelor-/masterdiploma.
Voor informatie over je mogelijkheden kan je terecht bij de onderwijsinstellingen.

Mits het volgen van een voorbereidingsprogramma zijn er waarschijnlijk nog andere opleidingen mogelijk. De mogelijkheden hangen af van je vooropleiding, EVC’s, EVK’s ... Contacteer de instellingen voor hoger onderwijs voor concrete informatie.


na- of bijscholingen

Hogescholen en universiteiten hebben doorgaans ook een aanbod van diverse na- of bijscholingen. Informatie hierover vind je niet op Onderwijskiezer, maar bij de onderwijsinstelling.

Instellingen

A.Dansaertstraat 70  1000 Brussel
02 507 14 11    


C-mine 5  3600 Genk
089 30 08 50    


J.Kluyskensstraat 2  9000 Gent
09 267 01 00    


Beroepsuitwegen

Deze beschrijving veronderstelt dat je het masterniveau hebt behaald.

Media (kranten en tijdschriften, film, televisie, radio, video) bekleden een centrale plaats in de hedendaagse hoogtechnologische communicatiemaatschappij.
Deze communicatiemarkt is in permanente ontwikkeling en stimuleert voortdurend nieuwe technische ontwikkelingen.
Een eenduidig beroepsprofiel kan moeilijk worden uitgetekend.
Flexibiliteit, inventiviteit, teamspirit, aanpassingsvermogen aan de snel evoluerende technologie zijn onmiskenbaar belangrijke factoren die kunnen leiden naar professioneel succes en arbeidsvoldoening.
In functie van de genoten specialisatie, persoonlijke affiniteit, voorkeur, talent en werkkracht kunnen afgestudeerden uit de opleiding Audiovisuele kunsten terecht in permanent wijzigende beroepen.
De toekomstmogelijkheden voor masters in de Audiovisuele kunsten, afstudeerrichting Animatiefilm zijn gezien uiteenlopende toepassingsmogelijkheden in generieken, reclamespots, educatieve en wetenschappelijke programmas quasi onbeperkt.
Afgestudeerden kunnen terecht bij tv-stations, reclame-, video- en filmbedrijven of parastatalen met een eigen audiovisuele dienst.
Zij oefenen er functies uit zoals realisator, productieleider, animator, artdirector, lay-outman, scenarioschrijver, monteur audiovisuele vormgeving.

Klik hieronder op één van de beroepen voor een beschrijving van dat beroep, inclusief looninformatie en actuele vacatures.

Mogelijke beroepen

Beeld- en geluidsmonteur
Productieverantwoordelijke podium/audiovisueel
Regisseur audiovisuele producties

Vlaamse Kwalificatiestructuur

  • Kwalificaties beschrijven wat je moet kennen en kunnen om een beroep uit te oefenen, een opleiding te starten of deel te nemen aan de maatschappij. De Kwalificatiedatabank bevat alle beroepskwalificaties en onderwijskwalificaties uit de Vlaamse kwalificatiestructuur.

VKS - Onderwijskwalificatie Academische Bachelor: Audiovisuele kunsten

Studierendement

Studierichting 3e graad SO Aantal studenten Participatie-
graad
Gemiddeld
SR
SR
0%
SR
1-24%
SR
25-49%
SR
50-84%
SR
85-100%
SR
nvt
Audiovisuele vorming (KSO) 109 13,99% 73,26% 3 4 16 36 50
Economie-moderne talen (ASO) 48 0,17% 76,21% 3 1 4 8 28 4
Humane wetenschappen (ASO) 110 0,42% 82,01% 2 2 8 26 64 8
Latijn-moderne talen (ASO) 40 0,46% 81,13% 2 2 10 26
Moderne talen-wetenschappen (ASO) 32 0,31% 79,29% 2 4 4 20 2
Multimedia (TSO) 40 2,63% 53,76% 8 5 2 16 8 1
Sociale en technische wetenschappen (TSO) 31 0,13% 64,86% 3 3 3 9 12 1
Toegepaste beeldende kunst (KSO) 57 4,19% 77,93% 10 15 29 3
Vrije beeldende kunst (KSO) 38 3,40% 82,07% 2 3 5 27 1
Wetenschappen-wiskunde (ASO) 38 0,10% 76,71% 1 1 2 15 18 1
Woordkunst-drama (KSO) 35 3,41% 81,66% 2 1 9 20 3

Per bacheloropleiding die je kan volgen in het hoger onderwijs kan je hier bekijken wat de resultaten zijn van afgestudeerden uit verschillende studierichtingen uit het secundair onderwijs. De resultaten geven weer voor welk deel van de opleiding de studenten slaagden in hun eerste jaar hoger onderwijs. Dit wordt het studierendement genoemd en wordt uitgedrukt als een percentage. De berekeningen gebeurden op basis van de studiekeuzes die leerlingen in Vlaanderen maakten in de voorbije jaren.

Om te weten hoe goed leerlingen het doen in het eerste jaar hoger onderwijs kijkt men naar het studierendement. Onderstaande tabel geeft het studierendement (SR) in het eerste jaar van het hoger onderwijs weer van studenten uit een secundaire studierichting. Dit is de verhouding van het aantal verworven studiepunten (waarvoor geslaagd) t.o.v. het aantal opgenomen studiepunten (waarvoor ingeschreven). Dit percentage wordt weergegeven in 5 categorieën: 0%, 1-24%, 25-49%, 50-84% en 85-100%.
Vb. De tabel geeft ook het gewogen gemiddeld studierendement weer. Daarbij weegt een student zwaarder door naarmate hij meer studiepunten heeft opgenomen. Vb. Een gemiddeld SR van 68% = de studenten uit een secundaire studierichting zijn samen geslaagd voor 68% van de studiepunten waarvoor ze zich hadden ingeschreven. Hoe hoger het gemiddeld SR hoe beter de studenten uit deze secundaire studierichting het gemiddeld doen in een bepaalde bachelor.

Er wordt alleen rekening gehouden met jongeren die zich:

  • ONMIDDELLIJK (= zonder onderbreking) na het secundair onderwijs,
  • VOOR HET EERST inschrijven in een academische of professionele bachelor,
  • met een DIPLOMACONTRACT,
  • aan een Vlaamse universiteit of hogeschool.

Secundaire studierichting: de studierichting in het Secundair onderwijs waarvoor het diploma behaald werd .
Opleiding Hoger onderwijs: : de professionele of academische bachelor waarin men zich voor het eerst inschrijft na het Secundair onderwijs.
Aantal studenten: het aantal leerlingen uit een secundaire studierichting dat zich inschreef in een bepaalde bacheloropleiding van het hoger onderwijs.
Participatiegraad: het % studenten t.o.v. van alle afgestudeerden (uit een secundaire studierichting) dat zich ingeschreven heeft in deze opleiding van het hoger onderwijs.

Enkel wanneer een voldoende aantal leerlingen (=30) uit een deze secundaire studierichting voor een bepaalde bachelor kiest, worden de cijfers weergegeven.
Opgelet: deze cijfers hebben betrekking op gemiddelden en geven geen oorzakelijk verband weer tussen de studiekeuze in het secundair onderwijs en het studierendement in het hoger onderwijs.

extra info over studierendement



bron: Ministerie van Onderwijs en Vorming


Gegevens bijgewerkt tot 28-08-2017