Modernisering secundair onderwijs

Inleiding

Hier vind je basisinformatie over de modernisering van het secundair onderwijs die gepland is vanaf 1 september 2019.
Als er nieuwe informatie beschikbaar is, wordt Onderwijskiezer aangepast.

Ook in de nieuwe structuur bestaat het voltijds gewoon secundair onderwijs en het buitengewoon secundair onderwijs OV 4 uit drie graden:

  • de eerste graad, met een eerste leerjaar A, een eerste leerjaar B, een tweede leerjaar A en een tweede leerjaar B; 
  • de tweede graad, met een eerste leerjaar en een tweede leerjaar; 
  • de derde graad, met een eerste leerjaar, een tweede leerjaar en (met uitzondering van het buitengewoon secundair onderwijs OV 4), een derde leerjaar als Se-n-Se.

Meer info:
GO!: http://www.g-o.be/modernisering-secundair-onderwijs
Katholiek onderwijs Vlaanderen: http://www.katholiekonderwijs.vlaanderen/modernisering-so
Ministerie van onderwijs: https://onderwijs.vlaanderen.be/nl/modernisering-secundair
OVSG: https://www.ovsg.be
Provinciaal onderwijs: http://www.pov.be


1e graad: 1e leerjaar

Er komt meer en sterkere algemene vorming in de 1ste graad en een gelaagd systeem van onderwijsdoelen: basisgeletterdheid, minimum- en uitbreidingsdoelen.

Algemene vorming + keuzegedeelte
In het 1ste leerjaar A en B zijn er 27 uren algemene vorming.
In het 2de leerjaar A  25 uren. In het 2de leerjaar B naar 20. 
De algemene vorming wordt in de lessentabellen aangevuld met een keuzegedeelte dat de school en de leerlingen ruimte voor differentiatie laat. Dat keuzegedeelte van 5 lestijden heeft 3 doelstellingen: versterken, verdiepen en verkennen.
Scholen zijn vrij om voor het 1ste leerjaar binnen het tijdsbestek van 5 uren een concreet differentiatie-aanbod vorm te geven. De differentiatie bouwt verder op de algemene vorming.Er zijn in het 1ste leerjaar 9 differentiatiemogelijkheden
:

  • Economie
  • Klassieke talen (Latijn en Grieks)
  • Kunst
  • Moderne vreemde talen (Frans en Engels)
  • Nederlands
  • Sociale vorming
  • Sport
  • Technologie
  • Wiskunde - wetenschappen

Van scholen wordt verwacht dat zij binnen de differentiatiemogelijkheden zowel remediërende als meer uitdagende pakketten aanbieden.


1e graad: 2de leerjaar A

In het 2de leerjaar A van de 1ste graad is er een keuzegedeelte van 7u. Dit omvat zowel de uren voor differentiatie als de basisoptie. 
De 7 uren worden ten dele ingevuld door de leerling zelf (via differentiatie) en ten dele door de school (vanuit de basisoptie). Dit laat de leerling toe om later in de 2de graad te kiezen voor een studierichting die het best aansluit bij zijn interesses.Dit zijn de basisopties en pakketten (pakket = basisoptie in een bepaalde context geplaatst):

  1. Latijn(-Grieks)
    • Latijn
    • Grieks-Latijn
  2. Moderne talen en wetenschappen
  3. STEM-wetenschappen
    • Industriële wetenschappen
    • Techniek-wetenschappen
  4. STEM-technieken
    • Mechanica-elektriciteit
    • Agro- en biotechnieken
    • Bouw- en houttechnieken
    • Grafische communicatie en media
    • Maritieme technieken
    • Textiel
  5. Maatschappij en welzijn
  6. Economie en organisatie
  7. Voeding en horeca
  8. Sport
  9. Kunst en creatie
    • Artistieke vorming
    • Ballet
    • Creatie en vormgeving
  10. Steiner
  11. Yeshiva

Scholen kiezen vrij welke basisopties ze aanbieden.
Scholen kunnen zowel de basisopties als de invulling via pakketten aanbieden. De leerling kiest een basisoptie. Als de school de basisopties in meerdere pakketten aanbiedt, kan de leerling maar één pakket kiezen. De klassenraad kan de keuze voor een basisoptie beperken.


1e graad: 2de leerjaar B

In het 2de leerjaar van de 1ste graad is er binnen de B-stroom op de wekelijkse lessentabel tijd voor 12 uren in het keuzegedeelte. Ook in de B-stroom dient die ruimte voor remediëring of verdieping en voor de basisoptie.

In de B-stroom  komen er 7 basisopties.
Dit zijn de basisopties en pakketten (pakket = basisoptie in een bepaalde context geplaatst):

  1. STEM-technieken
    • Hout en bouw
    • Land- en tuinbouw
    • Elektriciteit
    • Mechanica
    • Zeevisserij en binnenvaart [niche]
    • Textiel [niche]
    • Schilderen en decoratie
    • Printmedia
  2. Maatschappij en welzijn
    • Haar- en schoonheidszorg
    • Mode [niche]          
    • Verzorging
  3. Economie en organisatie
  4. Voeding en horeca
    • Bakkerij-slagerij
    • Restaurant en keuken
  5. Sport
  6. Kunst en creatie [niche]
  7. Opstroomoptie

De combinatie van basisopties en pakketten binnen een basisoptie wordt omwille van een goede leerlingenoriëntering voor de B-stroom toegelaten. Maximaal 3 basisopties en pakketten kunnen worden gecombineerd.


Tweede en derde graad

Studierichtingen geven voortaan duidelijk aan waarvoor een leerling wordt voorbereid: doorstromen naar het hoger onderwijs (aso, tso, kso), doorstromen naar de arbeidsmarkt (bso, buso OV3) of beide (tso, kso).
De studierichtingen worden geordend in 1 transparant schema (matrix) waarin alle richtingen zijn gerangschikt volgens studiedomein, onderwijsvorm en finaliteit.

Bekijk hier de matrix.

De richtingen hebben een duidelijke finaliteitEen finaliteit geeft aan waartoe een studierichting prioritair voorbereidt. Er zijn drie mogelijkheden:

Doorstroomfinaliteit

  • Abstract-theoretische studierichtingen hebben het potentieel om leerlingen succesvol te laten doorstromen naar academische en professionele bacheloropleidingen.
  • Studierichtingen met doorstroomfinaliteit zijn samengesteld uit eindtermen en specifieke eindtermen.
  • Aso-studierichtingen zijn studiedomeinoverschrijdend. De studierichtingen in kso en tso zijn studiedomeingebonden.

Dubbele finaliteit

  • Studierichtingen met dubbele finaliteit zijn studiedomeinspecifiek. Zij hebben het potentieel om leerlingen succesvol te laten doorstromen naar gerichte professionele bacheloropleidingen en hbo5-opleidingen.
  • Om de dubbele finaliteit te kunnen garanderen, worden studierichtingen samengesteld uit eindtermen, specifieke eindtermen gericht op doorstroom naar het hoger onderwijs en 1 of meerdere beroepskwalificaties (vnl. VKS-niveau 4) gericht op doorstroom naar de arbeidsmarkt.

Arbeidsmarktfinaliteit

  • Studierichtingen met arbeidsmarktfinaliteit zijn studiedomeinspecifiek. Arbeidsmarktgerichte studierichtingen in het gewoon secundair onderwijs hebben het potentieel om leerlingen succesvol te laten doorstromen naar hbo5-opleidingen.
  • Studierichtingen met arbeidsmarktfinaliteit maken gebruik van beroepskwalificaties. Studierichtingen in het gewoon secundair onderwijs worden samengesteld uit eindtermen en 1 of meerdere beroepskwalificaties (voornamelijk VKS-niveau 3). Studierichtingen in het buitengewoon secundair onderwijs worden samengesteld uit ontwikkelingsdoelen en 1 of meerdere beroepskwalificaties (voornamelijk VKS-niveau 2).
  • Hoewel het masterplan het niet vermeldt, wordt het huidige aanbod in buso OV3 expliciet meegenomen in de oefeningen: ook hier dringt zich immers een actualisatie van het aanbod op.

Er komen 8 studiedomeinen:

  • Taal en cultuur
  • STEM
  • Economie en organisatie
  • Kunst en creatie
  • Maatschappij en welzijn
  • Land- en tuinbouw
  • Voeding en horeca
  • Sport
In het derde leerjaar van de derde graad, verdwijnt het onderscheid tussen de specialisatiejaren BSO, het naamloos leerjaar, de Se-n-Se-opleidingen TSO en KSO en de voorbereidende jaren hoger onderwijs (ASO en KSO); het worden allemaal Se-n-Se-opleidingen: Se-n-Se-opleidingen als beroepsgerichte specialisatie en Se-n-Se-opleidingen die voorbereiden op het hoger onderwijs.
De Se-n-Se-opleidingen worden niet aan onderwijsvormen gekoppeld.

Schoolorganisatie?

Scholen kunnen zich op diverse wijzen organiseren, voor zover die organisatie op de matrix is gebaseerd. Het decreet noemt drie organisatietypes bij naam: de verticale structuur en twee varianten van de horizontale structuur: de domeinschool en de campusschool. 

Om domeinschool te zijn moet de school voor elke graad (met uitzondering van de eerste graad) in elk van de studiedomeinen die ze inricht, op de eerste lesdag van oktober minstens één regelmatige leerling in een studierichting uit elke finaliteit hebben (wat de finaliteit doorstroom betreft, kan het zowel om domeinoverschrijdende als domeinspecifieke studierichtingen gaan).
Om campusschool te zijn moet de school voor elke graad die ze inricht (met uitzondering van de eerste graad), op de eerste lesdag van oktober minstens één regelmatige leerling in een studierichting uit elke finaliteit hebben (wat de finaliteit doorstroom betreft, kan het zowel om domeinoverschrijdende als domeinspecifieke studierichtingen gaan).
Een verticale school organiseert studierichtingen binnen eenzelfde finaliteit en onderwijsvorm in zowel de tweede als de derde graad.


BuSO OV3?

Ook het opleidingsaanbod van OV 3 van het buitengewoon secundair onderwijs wordt gemoderniseerd en geïntegreerd in de matrix.
Het gaat om beroepsopleidingen in de studiedomeinen:

  • Taal en Cultuur, 
  • STEM, 
  • Kunst en Creatie, 
  • Land- en Tuinbouw, 
  • Economie en Organisatie, 
  • Maatschappij en Welzijn, 
  • Sport, 
  • Voeding en Horeca
    In de matrix worden ze dan ook binnen de finaliteit arbeidsmarkt geplaatst. In de (facultatieve) integratiefase van OV 3 bedraagt het aantal lesuren per week 38. De integratiefase omvat een alternerende beroepsopleiding waarin vorming op school en werkervaring in een bedrijf worden gecombineerd