BuSO Opleidingsvorm 4 type 3 - Agro- en biotechnieken  

Beschrijving van de richting "Agro- en biotechnieken" (OV 4 Type 3 )

De basisoptie Agro- en biotechnieken laat je kennis maken met het productieproces van planten en dieren. 
Je leert de behoeften en noodzaak van voeding voor mens en dier ontdekken. 
Daarna wordt onderzocht welke middelen er nodig zijn om voedsel voor mens en dier te produceren.

Door experimenten verwerf je inzicht in de factoren die het productieproces beïnvloeden; je gaat ook leren zelf plantaardig en dierlijk voedsel te produceren. 
Daarnaast leer je dat een mens behoefte heeft aan groen en een gezond leefmilieu. 
Ook hulpmiddelen (automatisering, mechanisatie, chemische, biologische,…) die je kan gebruiken bij de verzorging van planten en dieren komen aan bod. 
Zo is klimaatbeheersing essentieel voor kasplanten en dit kan niet zonder een computergestuurde installatie.

Je verneemt meer over de levenscyclus van een plant: éénjarige planten, tweejarige planten en doorlevende planten (vaste planten, struiken en bomen)… 
Je maakt op school kennis met de diverse teeltmethoden: openluchtteelt, beschermde teelt onder plastiek en glas, verhoogde beddenteelt, containerteelt… 
Je leert eenvoudige teelt- en onderhoudswerkzaamheden: vermeerdering, hakken-harken-wieden, oppotten, planten, oogsten, plukken, eenvoudige bloemstukken maken, onderhoud en gebruik van persoonlijk materiaal… Je maakt kennis met alle deelgebieden van de agrarische en biotechnische sector. 
Het hoofddoel is dat je voldoende kennis, inzichten en attitudes verwerft om volgend jaar een weloverwogen en verantwoorde keuze in de 2de graad te maken.

Heb je interesse voor landbouw, tuinbouw, veeteelt, planten, hobby- en gezelschapsdieren, milieu, ... dan is deze richting misschien iets voor jou.

 

Welke lessen krijg ik in "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

De lessentabel bestaat uit maximaal 34 lestijden per week.:

Basisvorming (24 – 26u) + Basisoptie (4 - 8u) + Keuzegedeelte/Complementair gedeelte (0 - 4u)

Filteren op net:

 

Waar kan ik "Agro- en biotechnieken" volgen ?

Toon alle scholen

Verfijn je zoekopdracht door één of meerdere filter(s) te selecteren.


Filteren op provincie:
Filteren op net
Filteren op methodeschool:
Filteren op eigenschap:

 

Wie wordt toegelaten tot "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

 

Wat kan je behalen na "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

 

Mag ik tijdens het schooljaar nog veranderen ?

Veranderen van school mag altijd.

Tot en met 15 januari mag je naar het BVL en je mag ook tot dan van basisoptie veranderen.
Na 15 januari kan dit enkel mits een gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad.

 

Wat na "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

In principe mag je, met een A-attest, starten in elke richting van elke onderwijsvorm in de 2de graad. 
De meeste leerlingen zullen na deze basisoptie verder studeren in het TSO. 
Als je kiest voor een studierichting van het studiegebied LAND- en TUINBOUW zijn er mogelijkheden zowel in TSO als BSO.

In OV4 type 9 worden deze opleidingen georganiseerd binnen het studiegebied LAND- en TUINBOUW:


Als je overschakelt naar het gewoon secundair onderwijs kijk daar dan bij het overeenkomende jaar voor een overzicht van alle richtingen.
Andere overgangen zijn uiteraard mogelijk, maar best eens individueel te bekijken.

Overschakelen naar een deeltijds systeem is mogelijk vanaf de leeftijd van 15 jaar op voorwaarde dat je ten minste al 2 jaren voltijds secundair onderwijs gevolgd hebt. 
Anders blijf je voltijds leerplichtig tot je 16 jaar.

BuSO Opleidingsvorm 4 type 3 - Agro- en biotechnieken  

Beschrijving van de richting "Agro- en biotechnieken" (OV 4 Type 3 )

De basisoptie Agro- en biotechnieken laat je kennis maken met het productieproces van planten en dieren. 
Je leert de behoeften en noodzaak van voeding voor mens en dier ontdekken. 
Daarna wordt onderzocht welke middelen er nodig zijn om voedsel voor mens en dier te produceren.

Door experimenten verwerf je inzicht in de factoren die het productieproces beïnvloeden; je gaat ook leren zelf plantaardig en dierlijk voedsel te produceren. 
Daarnaast leer je dat een mens behoefte heeft aan groen en een gezond leefmilieu. 
Ook hulpmiddelen (automatisering, mechanisatie, chemische, biologische,…) die je kan gebruiken bij de verzorging van planten en dieren komen aan bod. 
Zo is klimaatbeheersing essentieel voor kasplanten en dit kan niet zonder een computergestuurde installatie.

Je verneemt meer over de levenscyclus van een plant: éénjarige planten, tweejarige planten en doorlevende planten (vaste planten, struiken en bomen)… 
Je maakt op school kennis met de diverse teeltmethoden: openluchtteelt, beschermde teelt onder plastiek en glas, verhoogde beddenteelt, containerteelt… 
Je leert eenvoudige teelt- en onderhoudswerkzaamheden: vermeerdering, hakken-harken-wieden, oppotten, planten, oogsten, plukken, eenvoudige bloemstukken maken, onderhoud en gebruik van persoonlijk materiaal… Je maakt kennis met alle deelgebieden van de agrarische en biotechnische sector. 
Het hoofddoel is dat je voldoende kennis, inzichten en attitudes verwerft om volgend jaar een weloverwogen en verantwoorde keuze in de 2de graad te maken.

Heb je interesse voor landbouw, tuinbouw, veeteelt, planten, hobby- en gezelschapsdieren, milieu, ... dan is deze richting misschien iets voor jou.

Welke lessen krijg ik in "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

De lessentabel bestaat uit maximaal 34 lestijden per week.:

Basisvorming (24 – 26u) + Basisoptie (4 - 8u) + Keuzegedeelte/Complementair gedeelte (0 - 4u)

 
Filteren op net
   

Waar kan ik "Agro- en biotechnieken" volgen ? (OV 4 Type 3 - G1)

  Toon alle scholen

Verfijn je zoekopdracht door één of meerdere filter(s) te selecteren.


Filteren op provincie:
Filteren op net
   
Filteren op methodeschool:
Filteren op eigenschap:
   
 

Wie wordt toegelaten tot "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

Wat kan je behalen na "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

Mag ik tijdens het schooljaar nog veranderen ?

Veranderen van school mag altijd.

Tot en met 15 januari mag je naar het BVL en je mag ook tot dan van basisoptie veranderen.
Na 15 januari kan dit enkel mits een gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad.

Wat na "Agro- en biotechnieken" ? (OV 4 Type 3 - G1)

In principe mag je, met een A-attest, starten in elke richting van elke onderwijsvorm in de 2de graad. 
De meeste leerlingen zullen na deze basisoptie verder studeren in het TSO. 
Als je kiest voor een studierichting van het studiegebied LAND- en TUINBOUW zijn er mogelijkheden zowel in TSO als BSO.

In OV4 type 9 worden deze opleidingen georganiseerd binnen het studiegebied LAND- en TUINBOUW:


Als je overschakelt naar het gewoon secundair onderwijs kijk daar dan bij het overeenkomende jaar voor een overzicht van alle richtingen.
Andere overgangen zijn uiteraard mogelijk, maar best eens individueel te bekijken.

Overschakelen naar een deeltijds systeem is mogelijk vanaf de leeftijd van 15 jaar op voorwaarde dat je ten minste al 2 jaren voltijds secundair onderwijs gevolgd hebt. 
Anders blijf je voltijds leerplichtig tot je 16 jaar.