Buitengewoon Onderwijs

Inschrijven?

Inschrijven in een school voor buitengewoon onderwijs (BuO) kan pas als je een Verslag voor buitengewoon onderwijs hebt gekregen.
Dit verslag wordt opgesteld en afgeleverd door het Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB).
Het verslag integreert een attest + een protocol.
De specifieke onderwijsbehoeften van je kind zijn bepalend voor een verwijzing naar BuO, eerder dan de stoornis of beperking. 
Het CLB maakt het verslag op na uitgebreid overleg met school, ouders en leerling. 
In dat verslag staat onder meer :

  • Welk type BuO het meest geschikt is.
  • Voor het buitengewoon secundair onderwijs staat ook welke opleidingsvorm (OV) het meest geschikt is.

De leerling kan maar ingeschreven worden in het type (en opleidingsvorm) op het attest vermeld. 


Organisatie types

 

Buitengewoon Basisonderwijs 
(BuBaO)

Buitengewoon Secundair Onderwijs
(BuSO)

BuKO
(kleuter)

BuLO
(lager)

OV 1

OV 2

OV 3

OV 4

Type

 

 

 

 

 

 

Basisaanbod (BA)

-

X

-

-

X

-

2

X

X

X

X

-

-

3

X

X

X

X

X

X

4

X

X

X

X

X

X

5

X

X

-

-

-

X

6

X

X

X

X

X

X

7

X

X

X

X

X

X

9

X

X

X

X

X

X


Definitie types en criteria voor verwijzing

Type

Definitie

Criteria

Inbreng externe diensten vereist?

BA

specifieke onderwijsbehoeften voor wie het gemeenschappelijk curriculum niet haalbaar is + de aanpassingen in het gewoon onderwijs onvoldoende of disproportioneel zijn. 

Niet gekoppeld aan een diagnose of IQ-criteria. 
Gericht op de terugkeer naar gewoon onderwijs.

                       ----

T2

een verstandelijke beperking

  • IQ ≥ - 2SD normgroepgemiddelde  +
  • sociaal aanpassingsgedrag significant beperkt :
    ≥ - 2SD normgroepgemiddelde +
  • functioneringsproblemen dateren van < 18 jaar

                     ----

T3

een emotionele- of gedragsstoornis

(zonder verstandelijke beperking/T2- criteria.)

Vaststelling van 1 van volgende stoornissen:

  • aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit
  • conduct disorder, angst-, stemmings- ,  hechtings- of  oppositioneel opstandige gedragsstoornis 

Mag niet voldoen aan T2- criteria.

Aanwijsbare Multidisciplinaire diagnostiek m.i.v. psychiatrisch verslag.

Er kan een voorlopig verslag gemaakt worden voor type 3 indien er nog geen diagnose is. Het voorlopig verslag kan maximaal met 1 schooljaar verlengd worden.

 

T4

een motorische beperking

Uitval op min. 1 van volgende:

  • de functies van gewrichten en beenderen
  • de spierfuncties
  • de bewegingsfuncties
  • restcategorie: geobjectiveerde problemen in bewegingsgerelateerd functioneren, met duidelijke impact op schoolse activiteiten 
    Deze catagorie laat een opening voor  Developmental Coordination Disorder (DCD- ook wel 'dyspraxie' genoemd of 'clumsy child syndrome')

Specifiek medisch verslag van deskundige nodig

(indien bijkomend onderzoek niet nodig/wenselijk is kan CLB-arts deze diagnostiek aanleveren)

T5

verblijf in ziekenhuis, residentiële setting of preventorium

  • Behoefte aan individueel aanbod in residentiële setting +
    onmogelijkheid om voltijds aanwezig te zijn in een gewone school, zelfs mits opvang/begeleiding.

Nodig en voldoende: Attest behandelend arts van de medische of psychiatrische voorziening of van het preventorium

T6

een visuele beperking

Gezichtsstoornis die beantwoordt aan min.  1 van volgende criteria: 

  • gecorrigeerde Gezichtsscherpte: < 3/10 voor beste oog,
  • Gezichtsvelddefecten die meer dan de helft van de centrale zone van 30° beslaan of het gezichtsveld concentrisch verkleinen tot < 20°,
  • Altitudinale hemianopsie, Oftalmoplegie, Oculomotorische apraxie of Oscillopsie,
  • Gezichtsstoornis door geobjectiveerde cerebrale pathologie (bv. cerebrale visuele inperking)
  • Een geobjectiveerde visuele pathologie, anders dan de vorige, maar met duidelijke impact op het schoolse.

Specifiek oogheelkundig verslag

T7

een auditieve beperking of STOS (spraak- of taalstoornis )


(zonder verstandelijke beperking/T2- criteria.)

Auditieve beperking:

  • Gehoorverlies op 500, 1000, 2000 Hz van 40 dB of meer voor het beste oor (Fletcher- index),
  • Bij gehoorverlies < 40 dB: foneemscore van 80 % of minder bij spraakaudiometrie op 70 dB geluidsterkte (woorden met medeklinker-klinker-medeklinker samenstelling),
  • Restcategorie van geobjectiveerde auditieve problematiek met impact op schools functioneren.
    of

Spraak- of taalstoornis (STOS) :

  • -kinderafasie met terugval in taalontwikkeling of
    -vermoeden van ontwikkelingsdysfasie met uiterst moeizame spraak- en taalontwikkeling en met duidelijke impact op school
  • ≥6 jaar:
    - ontwikkelingsdysfasie of kinderafasie

Auditieve stoornis:
Specifiek audiologisch verslag door NKO-arts

 

 

 

STOS:
Multidisciplinair verslag door ‘erkend team’
vb. COS, CAR.
Andere teams: minstens logo, audio en NKO-arts nodig

T9

een autismespectrumstoornis
(zonder verstandelijke beperking/T2- criteria)

autistische stoornis of
pervasieve ontwikkelingsstoornis niet-anders omschreven

Aanwijsbaar Multidisciplinair onderzoek  m.i.v. psychiatrisch verslag.


Moet ik met een verslag voor BuO naar het buitengewoon onderwijs?

  • Neen, je mag ook kiezen voor een gewone school.
    Je wordt dan voorlopig ingeschreven (= inschrijving onder ontbindende voorwaarden).
    Vervolgens bespreken de ouders + de school + het CLB of de school de noodzakelijke zorg/begeleiding kan bieden. 
    Na deze vergadering beslist de school binnen de 60 kalenderdagen na de effectieve start van de lesbijwoning of je al dan niet definitief wordt ingeschreven.
  • Met een verslag voor BuO kan je in een gewone school begeleiding uit het BuO aanvragen.

Deze bepalingen gelden zowel in het BaO als in het SO.
(meer info: omzendbrieven Buitengewoon BaO, Buitengewoon SO )


Welke studiebewijzen behalen leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften in gewoon onderwijs?

Na het volgen van het gemeenschappelijk curriculum → idem als de andere leerlingen.
Na het volgen van een individueel aangepast curriculum (IAC) → attest verworven bekwaamheden (in het (deeltijds) SO) of een getuischrift basisonderwijs (in het BaO) wanneer de onderwijsinspectie de leerdoelen van het gevolgde IAC als gelijkwaardig beschouwt met deze in het gewoon onderwijs.

Wanneer leerlingen mét een verslag BuO én een individueel aangepast curriculum les volgen in het gewoon SO, is het behalen van een gewone studiebekrachtiging zeer uitzonderlijk mogelijk.
Als de klassenraad een gewone studiebekrachtiging wil geven, moet voor 1 mei van het betrokken schooljaar,  een aanvraag worden ingediend door de school bij de onderwijsinspectie. De aanvraag gaat over de overeenkomst van de doelen in het IAC met de leerplandoelen van het leerjaar/de studierichting.
Voor 1 juni informeert de onderwijsinspectie de school over haar beslissing.